nieuws

Belgische of beter gezegd Vlaamse voedingsindustrie?

nieuws
De voedingsindustrie in ons land is vooral een Vlaamse aangelegenheid. Het economisch jaarverslag van sectorfederatie FEVIA leert dat ondernemingen in Vlaanderen vorig jaar vier vijfde van de omzet met voeding (exclusief drank) realiseerden, en bijna driekwart van de toegevoegde waarde. Wat ook opvalt, is dat er nooit eerder zoveel geïnvesteerd werd door voedingsbedrijven. Ten opzichte van 2011 lagen de investeringen in 2015 meer dan een kwart hoger. Vooral brouwers en andere drankenfabrikanten, groenteverwerkers en bakkers kozen het afgelopen jaar voor de weg vooruit. Samen waren ze goed voor meer dan de helft van alle investeringen in de voedingsindustrie.
29 juni 2016  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:28
Lees meer over:

De voedingsindustrie in ons land is vooral een Vlaamse aangelegenheid. Het economisch jaarverslag van sectorfederatie FEVIA leert dat ondernemingen in Vlaanderen vorig jaar vier vijfde van de omzet met voeding (exclusief drank) realiseerden, en bijna driekwart van de toegevoegde waarde. Wat ook opvalt, is dat er nooit eerder zoveel geïnvesteerd werd door voedingsbedrijven. Ten opzichte van 2011 lagen de investeringen in 2015 meer dan een kwart hoger. Vooral brouwers en andere drankenfabrikanten, groenteverwerkers en bakkers kozen het afgelopen jaar voor de weg vooruit. Samen waren ze goed voor meer dan de helft van alle investeringen in de voedingsindustrie.

Bijna één op de vijf arbeidsplaatsen in de Belgische verwerkende industrie is een job in de voedingsindustrie. De voorlopige cijfers voor 2015 ramen de omzet van de voedingsindustrie op 48,1 miljard euro, de toegevoegde waarde op 7,6 miljard euro en het overschot op de handelsbalans op 3,8 miljard euro. De voorbije tien jaar steeg de omzet met 50 procent. Deze en andere cijfers uit het nieuw economisch rapport van de voedingsindustrie maken duidelijk dat de sector vorig jaar een verdere groei kende. Sectoren die het meest bijdroegen tot de jaaromzet in 2015 zijn de vleesindustrie (12,7%), productie van oliën en vetten (11,9%), de drankenindustrie en de groente- en fruitverwerking. De drie eerstgenoemden realiseren samen 35 procent van de totale omzet. De grootste omzetstijgingen deden zich voor in de vervaardiging van oliën en vetten, de verwerking van groenten en fruit en de productie van diervoeders.

In 2015 investeerden Belgische voedingsbedrijven tien procent meer in eigen land. De sterkste investeringstoename was er bij de vervaardiging van oliën en vetten, de verwerking van vis en in de drankenindustrie. Alle investeringen samen vertegenwoordigen een waarde van 1,43 miljard euro. De Belgische voedingsindustrie is koploper op het vlak van product- en procesinnovatie. De fabrikanten in ons land doen duidelijk beter dan hun Franse concurrenten op vlak van productinnovatie. In eigen land wordt er ook een stuk sterker gepresteerd dan de buurlanden op vlak van procesinnovatie. Telkens ruim een derde van de Belgische voedingsbedrijven claimt één van beide vormen van vernieuwing doorgevoerd te hebben. Voor procesinnovatie komen de buurlanden bijvoorbeeld niet hoger uit dan 22 tot 27 procent. Wat in eigen land minder goed lijkt te lukken, is die proces- en productinnovaties omzetten in een commercieel succes. Gekeken naar de omzet uit voor het bedrijf nieuwe producten moet de Belgische voedingsindustrie de concurrentie uit de drie buurlanden laten voorgaan.

Hoewel sectorfederatie FEVIA zich onmiskenbaar zorgen maakt over de toekomst, zijn de prestaties van de Belgische voedingsindustrie tot dusver best goed te noemen. Vraag je aan de sector om daar zelf een analyse van te maken, dan komen drie verklaringen bovendrijven. In de eerste plaats de kwaliteit en in het buitenland vermaarde veiligheid van Belgische voeding. Verder wordt het toegeschreven aan de vakbekwaamheid van het personeel en de grotere drang tot vernieuwing in vergelijking met de buurlanden.

Net zoals in de landbouw zet de schaalvergroting zich ook door in de voedingsindustrie.De voorbije jaren is het aantal werkgevers in de voedingsindustrie continu afgenomen. Vorig jaar waren 460 werkgevers in de sector actief, dat zijn er 9,4 procent dan in 2011. De daling wordt vooral veroorzaakt door het verdwijnen van bakkerijen. In vergelijking met het aantal arbeidsplaatsen telt Vlaanderen procentueel minder werkgevers (65% van de bedrijfszetels tegenover 72% van de arbeidsplaatsen). FEVIA concludeert hieruit dat Vlaamse voedingsbedrijven gemiddeld meer arbeidsplaatsen per vestigingseenheid tellen. Met gemiddeld 18,5 job zijn ze een stuk groter dan de concurrentie uit Brussel (11,2) en Wallonië (13,9).

Meer info: economisch jaarverslag voedingsindustrie

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek