Belgische landbouwministers verwachten veel van EU
nieuwsIn de aanloop naar de Europese Landbouwraad van 7 september praat Europees landbouwcommissaris Phil Hogan met alle landbouwministers van de lidstaten. Maandag waren België, Luxemburg en Spanje aan de beurt. De Belgische delegatie die aan tafel schoof met Hogan bestond uit Vlaams minister Joke Schauvliege, haar Waalse collega René Collin en federaal landbouwminister Willy Borsus. Zij legden een aantal gezamenlijke voorstellen op tafel voor de agenda van de Europese top waar gespannen naar uitgekeken wordt. Zo vragen onze ministers een fluctuerende, op de kostprijs gebaseerde interventieprijs want nu koopt Europa (eerder uitzonderlijk) landbouwproducten op aan bodemprijzen die al lang niet meer aangepast zijn aan de gestegen kosten.
De Vlaamse, Waalse en federale ministers van Landbouw hebben van het persoonlijke onderhoud met EU-commissaris Phil Hogan gebruikgemaakt om de Ier te wijzen op de diepe crisis waarin vooral de varkens- en zuivelsector zich bevinden. Zij verwachten dat de EU volgende week met een aantal concrete voorstellen komt. Maatregelen moeten enerzijds het geldtekort op landbouwbedrijven op korte termijn oplossen en anderzijds de situatie in de sector structureel verbeteren op (middel)lange termijn.
De delegatie van landbouwministers heeft zelf een aantal voorstellen op tafel gelegd die zij wil agenderen op de Landbouwraad van 7 september. Commissaris Hogan toonde zich bewust van de crisissituatie. Hij beloofde de voorstellen nader te bestuderen. In een persbericht van minister Schauvliege komen we meer te weten over het pleidooi dat de Belgische delegatie op Europees niveau zal houden. Gelet op de superheffing die melkveehouders in het laatste quotumjaar nog verschuldigd waren, weerklinkt de vraag om dit geld te gebruiken voor structurele maatregelen die het inkomen van landbouwers veilig te stellen. Concrete opties waaraan de Belgische delegatie denkt zijn operationele programma’s voor producentenorganisaties of coöperatieven in de veesector, fondsen voor inkomensstabilisatie en een tijdelijke inkomenstoeslag.
De lidstaten zouden zelf moeten kunnen beslissen welke maatregelen het meest geschikt zijn om hun producenten uit de crisis te helpen “door middel van efficiënte, structurele en duurzame maatregelen”. Verder rekenen Schauvliege, Collin en Borsus op Europa voor een andere berekening van de interventieprijs, namelijk gebaseerd op de kosten. Op Europa wordt ook gerekend om de marktsituatie op te volgen. De ministers vragen om het bestaande observatorium voor de zuivelsector uit te breiden met informatie over de actuele productiekosten. Een soortgelijk observatorium moet worden opgericht voor de varkenssector. Het observatorium zou informatie moeten verstrekken over de prijs, de productiecijfers, het aantal geslachte varkens, de winstmarges, de voorraden en de handel.
Als het van Schauvliege, Collin en Borsus afhangt, dan wordt de directe inkomenssteun aan landbouwers al vanaf 16 oktober uitbetaalt. Dan hebben ze wel de toelating van Europa nodig om de eerste schijf al uit te betalen vooraleer alle controles zijn uitgevoerd. Van hen komt ook het idee om een ‘high level group landbouwmarkten” op te richten om horizontale oplossingen te zoeken voor de moeilijke situatie van de landbouwer in de keten. Besluiten doen ze met een pleidooi voor ondersteuning van exportverzekeringen en een versoepeling van de staatsteunregels om de uitvoer van landbouwproducten naar bepaalde bestemmingen mogelijk te maken. Hierbij denken de ministers aan het wegwerken van de beperkte lijst niet-toegelaten bestemmingen voor exportverzekeringen.
Beeld: Twitter @PhilHoganEU