Antimicrobiële resistentie in Europa in kaart gebracht
nieuwsDe Europese Voedselveiligheidsautoriteit (EFSA), verzamelde onderzoeksdata afkomstig uit 26 lidstaten omtrent antimicrobiële resistentie bij zoönotische en indicatorbacteriën. Daaruit blijkt onder meer dat resistentie tegen salmonella bij dieren en in voedsel in de meeste landen steeds minder voorkomt, terwijl de cijfers voor campylobacter een stijgende trend vertonen.
In de loop van 2011 bezorgden 26 Europese lidstaten de beschikbare data omtrent antimicrobiële resistentie tegen zoönotische bacteriën aan de Europese Commissie en EFSA. Verschillende onderzoekscentra, waaronder ook de universiteit van Hasselt, brachten de gegevens samen en maakten in een lijvig rapport een stand van zaken op.
Wat salmonella en campylobacter betreft, werden analyses over het voorkomen van resistentie tegen de ziektes bij mensen, dieren en in voedsel onderzocht. Voor andere ziektes, zoals escherichia coli en enterococci werden enkel onderzoeksresultaten van dieren en voedsel geanalyseerd. Voor andere ziektes waren te weinig gegevens beschikbaar om een representatieve analyse te maken.
Zoönoses zijn infecties en ziektes die overdraagbaar zijn van mens op dier en omgekeerd. Mensen kunnen ook ziek worden door het innemen van besmet voedsel. Zoönotische bacteriën die resistent zijn tegen antibiotica kunnen de doeltreffende behandeling van infecties bij mensen ernstig verstoren. Daarom wil de Europese Commissie de situatie in de lidstaten zo veel mogelijk opvolgen.
Meer informatie: infografiek en video over antimicrobiële resistentie, en het EFSA-rapport
Bron: eigen verslaggeving