nieuws

Molenaar Award voor FEFAC-voorzitter Vanden Avenne

nieuws
Patrick Vanden Avenne heeft de 'Molenaar Award' gewonnen op een symposium van de Belgische en Nederlandse veevoederindustrie in Turnhout. Vanden Avenne combineert de leiding over het familiebedrijf met het voorzitterschap bij de Europese mengvoederfederatie FEFAC. Voordien maakte hij zich ook al verdienstelijk voor de sector als voorzitter van de Belgische sectorfederatie BEMEFA.
21 november 2012  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:07
Lees meer over:

Patrick Vanden Avenne heeft de 'Molenaar Award' gewonnen op een symposium van de Belgische en Nederlandse veevoederindustrie in Turnhout. Vanden Avenne combineert de leiding over het familiebedrijf met het voorzitterschap bij de Europese mengvoederfederatie FEFAC. Voordien maakte hij zich ook al verdienstelijk voor de sector als voorzitter van de Belgische sectorfederatie BEMEFA.

Het symposium in Turnhout werd georganiseerd door sectorfederatie BEMEFA en het vakblad voor de mengvoederindustrie De Molenaar. Aansluitend op het symposium werd de 'Molenaar Award' uitgereikt aan de persoon die zich de afgelopen twee jaar verdienstelijk heeft gemaakt voor de veevoederindustrie in België en/of Nederland.

In 2010 ging de prijs naar Yvan Dejaegher, directeur-generaal van BEMEFA. Ook dit jaar kwam een Belg als winnaar uit de bus. Als voorzitter van FEFAC verdedigt Patrick Vanden Avenne de belangen van de veevoederindustrie op Europees niveau. Hij heeft een grote staat van dienst in de sector, staat bekend als een bruggenbouwer en zet duurzaamheid hoog op de agenda.

De jury prees ook de kwaliteiten van de twee andere genomineerden: commercieel directeur Johan Schuttert van veevoederfirma AgruniekRijnvallei en zelfstandig consulent Harry Vahl van Vahl Feed and Health. Schuttert maakte van de fusie tussen Agruniek en Rijnvallei een succes en deed dat nog eens over bij de kwaliteitsorganen TrusQ en SAFE FEED. Harry Vahl kreeg de publieksprijs omdat hij met het initiatief VoederWaarde.nl de Nederlandse mengvoederindustrie aanspoorde tot meer transparantie over de grondstofsamenstelling en voederwaarde van veevoeder.

In zijn toespraak legde FEFAC-voorzitter Patrick Vanden Avenne sterk de nadruk op de 'license to produce' van de veevoederindustrie. Hij is zich namelijk bewust van de kloof tussen burger en (intensieve) veehouderij. En meteen ook van het communicatieprobleem dat de sector heeft. "Vraag is hoe we ons recht om te produceren, kunnen heroveren", zegt Vanden Avenne.

Daarnaast is het voor veevoederfirma's balanceren tussen voldoende schaalgrootte en betrokkenheid met de veehouder-klant. "De gemiddelde veevoederfirma uit Nederland is vier keer zo groot als zijn concurrent uit België. Wellicht is de betrokkenheid evenredig veel kleiner", meent Vanden Avenne. Het evenwicht tussen beide vinden, is een permanente zoektocht want veevoederfabrikanten moeten mee evolueren met de schaalgrootte van veehouders.

Professor Wim Verbeke, voorzitter van de vakgroep Landbouweconomie aan de UGent, geeft Vanden Avenne gelijk dat de burger/consument vervreemd is van de realiteit. Een onderzoek naar de verwachtingen ten aanzien van varkensproductie illustreert dat ten voeten uit. De respondenten hechten bijvoorbeeld veel belang aan kleinschaligheid, buitenuitloop en huisvesting op stro. Een gebrek aan informatie leidde er in een andere studie toe dat de consumenten bezorgd waren over het (onbestaande) BSE-risico bij pluimveevlees.

Volgens Aalt Dijkhuizen, voorzitter van Wageningen Universiteit en juryvoorzitter voor de Molenaar Award, worden in tijden van overproductie allerhande randvoorwaarden gesteld aan voedselproductie. "Verliest men daarbij de realiteit uit het oog, dan loopt het mis", aldus Dijkhuizen. "Zo'n hoge eisen stellen aan de veehouderij dat de sector naar het buitenland vlucht, verschuift en vergroot het milieuprobleem alleen maar. "Voor elk dier dat in Nederland verdwijnt, moeten er elders drie gehouden worden om evenveel melk of vlees te produceren", verduidelijkt hij zijn pleidooi voor productiviteit en efficiëntie. Hij is overtuigd dat dit besef zal groeien bij elke voedselprijspiek.

De consument betaalt vaker niet dan wel voor de eisen die hij als burger stelt aan vleesproductie. "Dat heeft te maken met prijs - in de winkel kiezen we voor het goedkoopste - en met gewoonte", zegt professor Verbeke. Toch is het volgens hem belangrijk dat de veehouderij legitimiteit opbouwt bij die burger.

De vele vragen uit het publiek maakten duidelijk dat die legitimiteit vooral in Nederland een probleem lijkt te worden. Organisaties als Partij voor de Dieren, Wakker Dier en de Dierenbescherming leggen bij onze noorderburen de intensieve veehouderij het vuur aan de schenen. Toch hoeft dat niet altijd in het nadeel van de veehouders uit te draaien, zo bewijst de kalversector die een welzijnsindicator introduceerde na breed overleg.

Volgens professor Verbeke loont het om als industrie te investeren in sociale media. Ook professor Aalt Dijkhuizen is ervan overtuigd dat de veehouderij in zijn geheel nog beter kan communiceren. "De publieke opinie wordt vandaag gevoed door de oneliners van ngo's en tegenstanders. Eens in het defensief kan je niet winnen door te wijzen op de feiten. Dat moet 'in vredestijd' gebeuren door op eigen initiatief te vertellen dat productiviteitswinsten nodig zijn."

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek