Impact 'land grabbing' onder aandacht Vlaams Parlement
nieuwsIn de commissie Buitenlands beleid uitte Vlaams volksvertegenwoordiger Sabine Poleyn haar bezorgdheid over ‘land grabbing’. In de meeste Afrikaanse landen wordt grond onder het traditioneel gewoonterecht toegekend. “De landbouwers zijn meestal geen landeigenaars. Dit maakt hen uiterst kwetsbaar voor erfpachten van land aan investeerders voor landbouw, industrie of mijnbouw”, beseft ook minister-president Kris Peeters.
Mozambique heeft heel wat natuurlijke rijkdommen. “Toch hoort het bij de armste landen ter wereld”, constateert CD&V-parlementslid Sabine Poleyn. Aangezien 64 procent van de inwoners op het platteland en van landbouw leeft, kijkt zij met argusogen naar grootschalige landpacht in een land als Mozambique. Ook uit een voorstel van resolutie uit 2011 en een schriftelijke vraag van volksvertegenwoordiger Marc Hendrickx (N-VA) blijkt dat deze materie de Vlaamse parlementsleden niet onberoerd laat.
Wereldvermaarde instituten als het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank hebben in studies aangetoond dat de gevolgen voor de plaatselijke bevolking van land tot land erg kunnen verschillen. “Gezien de complexiteit mogen we niet in zwart-wittermen over landpacht spreken”, benadrukt Kris Peeters. De minister-president spitst zijn antwoord toe op de partnerlanden Malawi en Zuid-Afrika, waar Vlaanderen actief is op het vlak van landbouw en voedselzekerheid. “In Mozambique zijn we enkel actief in de sector van de gezondheidszorg.”
Zuid-Afrika blijkt eerder uitvoerder dan voorwerp van buitenlandse landaankopen. “Veel blanke Zuid-Afrikaanse boeren zien de aankoop van vruchtbare grond elders in Afrika als een manier om de lokale druk op de landhervormingen te verlichten”, verduidelijkt Peeters. Bovendien is het een strategie om de sterk ontwikkelde landbouwsector verder uit te bouwen en op die manier de Afrikaanse markt te veroveren.
Malawi heeft in beperkte mate te kampen met toe-eigeningen van landbouwgrond door buitenlandse en lokale investeerders. Het is niet geweten hoeveel grond exact in handen van buitenlandse bedrijven is. “Dat maakt het moeilijk een accurate schatting van de impact op de voedselzekerheid te maken”, aldus Peeters. Veel donoren en de Wereldbank dringen aan op ‘land use planning’. Informatie over de eigenaars en over het gebruik van het land zou systematisch in kaart gebracht moeten worden.
Bij het toewijzen van Vlaamse ontwikkelingshulp voor landbouw en voedselzekerheid in Zuid-Afrika en Malawi zijn een duurzaam landbouwbeleid en respect voor de lokale boeren “vanzelfsprekend” belangrijke criteria, geeft Peeters nog mee.