nieuws

Al 90 beheerovereenkomsten akkervogelbeheer afgesloten

nieuws
Al meer dan 90 landbouwers in Vlaanderen hebben vrijwillig één of andere beheersovereenkomst akkervogelbeheer afgesloten. De eerste overeenkomsten gaan in op 1 januari 2010. “Wij merken dat het enthousiasme groeit bij de landbouwers”, zei Vlaams minister van Milieu Joke Schauvliege woensdag in Hoegaarden.
4 november 2009  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 14:52
Lees meer over:

Al meer dan 90 landbouwers in Vlaanderen hebben vrijwillig één of andere beheersovereenkomst akkervogelbeheer afgesloten. De eerste overeenkomsten gaan in op 1 januari 2010. “Wij merken dat het enthousiasme groeit bij de landbouwers”, zei Vlaams minister van Milieu Joke Schauvliege woensdag in Hoegaarden bij de voorstelling van het boek 'Akkervogels'.

VLM en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) selecteerden in Vlaanderen 86.000 hectare landbouwgrond waarvoor landbouwers beheerovereenkomsten kunnen afsluiten. “Die kunnen ingedeeld worden in kerngebieden en zoekzones. In de kerngebieden komen deze vogels nog in min of meerdere mate voor. Daarvoor sloten de bedrijfsplanners met individuele landbouwers al overeenkomsten af”, weet Schauvliege.

Wel nog een probleem vormen volgens haar de zoekzones. Dit zijn gebieden die mogelijkheden bieden om weer vogelpopulaties te laten ontwikkelen. “Hier moeten we zeker nog een tandje bijsteken. Het is de bedoeling dat er hier overeenkomsten afgesloten worden met groepen van landbouwers. Met deze beheerovereenkomsten gaan we van start vanaf 1 januari 2011. Volgend jaar zal er wel al een proefproject in Nieuwpoort opgestart worden”, stelt de minister.

Wanneer een landbouwer een beheerovereenkomst akkervogels aangaat, engageert hij zicht tot drie zaken. “In de eerste plaats moet hij zorgen voor ruimte waar de vogels nestgelegenheid en dekking kunnen vinden. Daarnaast moet hij in de winterperiode zorgen voor voldoende voedsel voor de volwassen vogels (graan en zaden) en in de zomer voor de jongen (insecten en zaden)”, aldus Olivier Dochy van INBO.

Eén van de landbouwers die dit engagement is aangegaan, is Jos Piffet uit Heers. Op zijn boerderij ‘Armenberg’ worden allerlei maatregelen voor akkervogels uitgeprobeerd. Vanuit zijn positieve ervaring met bloemrijke akkerranden, is hij in 2008 gestart met een proefproject rond akkervogels. “Maatregelen moeten inpasbaar zijn in de hedendaagse bedrijfsvoering. Op die manier merken de natuurbeschermers ook dat in de praktijk niet zomaar alles mogelijk is”, zegt Jos.

Met houtkanten, grasstroken en zonder preventieve onkruidbestrijding is hij erin geslaagd een goede biotoop voor akkervogels zoals geelgorzen en veldleeuweriken te creëren. Tien procent van zijn tarweoogst heeft hij op het veld laten staan. Dat moet in de winter dienen als voedsel voor de vogels. “Als boer verdien ik mijn brood aan de natuur, het is dus normaal dat ik iets terugdoe. Ik noem mezelf dan ook geen landbouwer, maar een landschapsbouwer”, klinkt het.

In totaal werden in Vlaanderen al beheerovereenkomsten afgesloten voor 50 hectare gemengde grasstroken en 20 hectare graanstroken die in de winter blijven staan als voedsel voor de vogels. “In ruil voor deze inspanningen en om hun productieverlies te compenseren, krijgen de landbouwers een vergoeding van de overheid. Hiermee hopen we van de stakkers van de akkers opnieuw de helden van de velden te maken”, aldus Schauvliege.

De diertjes krijgen alvast een heldenrol in het boek ‘Akkervogels’. Dit boek belicht zowel Nederlandse als Vlaamse projecten rond akkervogels. De belangrijkste soorten vogels worden beschreven en de inspanningen die vogelbeschermers en akkerbouwers zich getroosten om de akkervogels in stand te houden, worden toegelicht. Het eerste exemplaar van het boek werd woensdag aan minister Schauvliege geschonken.

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek