Zonder postquotum-onheil oogt suikermarkt rooskleurig
nieuwsDe verkoopprijs van de suikerfabrieken die actief zijn in de EU beent de hogere wereldmarktprijs bij. Dat schrijft de Europese Commissie in een korte marktvooruitblik. Op de wereldmarkt is suiker fors duurder geworden vanaf eind 2015. In de eerste helft van februari bracht een ton witte suiker 510 euro op. Momenteel is er een tekort aan suiker op de wereldmarkt. Het komende seizoen (2017-2018) gaat zich dat herstellen, maar de marktanalisten van de Commissie verwachten niet dat de suikerprijs hier erg onder zal lijden. De stocks blijven immers klein in verhouding tot het verbruik. Bovendien werden investeringen uitgesteld in de periode van laagconjunctuur zodat de suikerindustrie moeite zal hebben met het bijhouden van de vraag. De Europese Commissie lijkt totaal voorbij te gaan aan de productiestijging die in de EU op til is, maar belooft het volgende rapport te wijden aan de post-quotumveranderingen.
Eind 2015 is de suikerprijs op de wereldmarkt beginnen stijgen om halfweg vorig jaar opnieuw het hoge prijsniveau van 2010 en 2011 te bereiken. Eind vorig jaar moest de suikerprijs een beetje inleveren, maar dat is tijdens de eerste twee maanden van 2017 alweer bijna goedgemaakt. De Europese Commissie vermeldt in zijn marktrapport een prijs van 510 euro per ton witte suiker begin februari. Let wel, dit is de prijs van suiker die verhandeld wordt op de wereldmarkt. Daar wordt suiker momenteel duurder betaald dan in Europa. De laatste rapportering over de gemiddelde verkoopprijs van de Europese suikerfabrikanten dateert van december vorig jaar en vermeldt een suikerprijs van 480 euro per ton.
De Europese Commissie heeft een goed oog in de mondiale suikerprijs omdat er afgestevend wordt op een tekort van 6,2 miljoen ton suiker in het seizoen 2016-2017. Ook het seizoen daarvoor werd al gekenmerkt door krapte op de suikermarkt. De International Sugar Organisation rapporteerde voor 2015-2016 een tekort van 4,8 miljoen ton. In 2017-2018 hervindt de suikermarkt de balans en zit er zelfs een klein overschot in, maar dat hoeft volgens de marktvooruitblik niet nefast te zijn voor de prijs. De Commissie verwijst naar de verhouding tussen stocks en verbruik die op zijn laagste niveau blijft sinds 2009-2010. De verwachting is dat de suikerproducenten moeite gaan hebben met het bijbenen van de vraag omdat er door de jaren van laagconjunctuur weinig geïnvesteerd is.
Als de voorspelling van de Commissie uitkomt, dan blijft de verkoopprijs van de Europese suikerondernemingen in 2017 stijgen zodat hij dichter aansluit bij de wereldmarktprijs. Eigenlijk is het vreemd dat de twee het afgelopen jaar niet dichter bij elkaar lagen want ook in Europa was het aanbod krap. De verklaring moet je zoeken bij de prijsnotering zelf want die komt tot stand op basis van de verkoopprijzen van de suikerfabrieken in Europa. De langetermijncontracten die zij afsluiten met hun afnemers verklaren waarom de Europese suikerprijs achterop hinkt. In 2015 viel de suikerbietenoogst in de lidstaten erg tegen. Vorig jaar was hij 12 procent beter maar nog steeds lager dan het vijfjarig gemiddelde. Ook in Europa blijven de stocks dus klein.
De import van suiker wordt daarom een bepalende factor. Voorlopig hebben exporteurs weinig reden om de Europese markt te bedienen want de prijs op de wereldmarkt is attractiever. Het importvolume hinkt achterop, en dat geldt zowel voor de tariefvrije import vanuit ontwikkelingslanden als voor de import aan gereduceerd tarief. Aan het eind van het seizoen 2016-2017 verwacht de Commissie zich aan drie miljoen ton geïmporteerde suiker, wat duidelijk minder is dan in andere seizoenen met een tegenvallende binnenlandse productie. De voorraad in september, op het einde van de campagne 2016-2017, zal 500.000 ton zal bedragen, wat laag is ten opzichte van de 16,5 miljoen ton suiker die jaarlijks verbruikt wordt in de
Europese Unie. Deze raming zou nog naar beneden kunnen worden bijgesteld, indien de daling van de import wordt bevestigd.
Op 1 oktober 2017 verdwijnt het suikerquotum in de EU en dat zorgt zowel voor dynamiek als voor ongerustheid in de sector. Het is koffiedik kijken hoe de productie-uitbreiding die op stapel staat, zal uitpakken. Wat dat betreft, maakt de marktvooruitblik ons niet wijzer. De Europese Commissie wacht tot de zomer om daar uitspraken over te doen. Tegen dan is duidelijk hoeveel suikerbieten er zijn uitgezaaid, en weten we ook of de weersomstandigheden hebben meegewerkt aan een vlotte start van het bietenseizoen. De Commissie zegt wel duidelijke aanwijzingen te hebben van “een substantiële productiestijging” in de landen waar de suikerindustrie het sterkst aanwezig is. Onder meer in Frankrijk verwacht men dat er 20 procent meer suikerbieten gezaaid zullen worden.
Met een aandeel van tien procent is de EU een belangrijke speler in de mondiale suikerproductie. In plaats van netto-importeur van twee tot drie miljoen ton suiker sinds 2007, zou de EU vanaf volgend jaar netto-exporteur kunnen worden van zo’n twee miljoen ton suiker. Net daarom wordt in de hoek van de bietentelers gevreesd dat het suikertekort snel kan omslaan in een overschot. De grote Europese suikergroepen zoals Tereos, Cristal Union en Südzucker rekenen op een productiestijging van 10 à 20 procent of zelfs meer. Deze productiestijgingen maken de markt onrustig maar in de marktvooruitblik van de Europese Commissie wordt daar nog niet over gerept.
De suikerindustrie houdt er zelf rekening mee dat er moeilijke tijden kunnen aanbreken door prijsdruk. De Europese vereniging van suikerfabrikanten (CEFS) drukte die bezorgdheid uit in een perscommuniqué. De sector verwacht een hevigere concurrentiestrijd tussen suikerondernemingen. Bovendien is er met isoglucose een kaper op de kust. EFFAT, de federatie van vakbonden in landbouw en voeding, deelt de bezorgdheid van de suikerfabrikanten en maakt zich op zijn beurt zorgen over de tewerkstelling. De suikerindustrie zorgt direct voor 28.000 arbeidsplaatsen, waarbij de 137.000 landbouwers die suikerbieten telen nog niet meegeteld worden.
Het post-quotumtijdperk wordt niet alleen kommer en kwel want fabrikanten zullen meer suiker voor voedingsdoeleinden op de markt kunnen brengen, en kunnen exporteren naar hartenlust. De sector rekent op de steun van Europa om er wat van te maken. Die steun kan de vorm aannemen van subsidies voor stockage wanneer de markt in een dip zit maar kan ook neerkomen op meer markttransparantie stroomafwaarts in de keten. De suikerfabrikanten moeten immers zelf open kaart spelen over zowel de bietenprijs als de suikerprijs. Ze zouden op hun beurt graag weten hoeveel toegevoegde waarde de afnemers van suiker realiseren.
Bron: eigen verslaggeving / De Bietplanter
Beeld: Tiense Suikerraffinaderij