"Wolf kan bondgenoot worden van landbouwers"
nieuwsUit verschillende studies rond de impact van de aanwezigheid van de wolf in habitats waar ander grootwild het voordien voor het zeggen had, blijkt dat mits enkele voorzorgsmaatregelen in de veehouderij er met de wolf perfect samen te leven valt. “De wolf zal niet plots de ultieme oplossing bieden tegen wildschade, maar studies tonen wel aan dat landbouwers de wolf niet per se als een pestsoort hoeven te aanzien”, nuanceert Dieter Anseeuw, Vives-docent Ecologie.
Hoe samenleven met de wolf? Het is een vraag die na het spotten van de eerste wolf in Vlaanderen sinds meer dan een eeuw zowel over de tongen van natuurliefhebbers als landbouwers rolt. Die laatste weet dat de wolf een beschermde diersoort is en dat hij bij eventuele schade, zoals de twee dode schapen in Meerhout, recht heeft op een vergoeding. “Maar dat blijft uiteraard een troostprijs voor een landbouwer”, weet ook Dieter Anseeuw van Vives. En toch is hij ervan overtuigd dat er wel degelijk een positieve kant is aan het verhaal.
“Deze wolf is gefocust op wild”, legt hij uit. “Studies uit het buitenland tonen onomstotelijk aan dat in gebieden met een hoge wildstand wolven een voorkeur hebben voor wilde prooien en slechts sporadisch gedomesticeerde dieren gaan aanvallen. Al moeten we hierin niet naïef zijn en nemen veehouders beter de nodige maatregelen, zoals het installeren van schrikdraad, het inzetten van herdershonden of het ‘s nachts ophokken van hun vee.”
“Verschillende internationale studies wijzen er weliswaar op dat wolven maar een beperkte impact hebben op de hoeveelheid prooien die in hun gebied voorkomt”, aldus Anseeuw. “Gemiddeld zijn slechts 8 tot 26 procent van de aanvallen succesvol, behalve op gedomesticeerde dieren die minder alert zijn en gevangen zitten binnen een omheining. Met andere woorden, de komst van de wolf zal het aantal everzwijnen en reeën in Vlaanderen wellicht niet naar beneden halen.”
Maar daarmee is de kous niet af. “Echter, een veel belangrijker effect van de aanwezigheid van wolven is dat hun prooien gedragswijzigingen gaan vertonen”, verduidelijkt Anseeuw. “Als reeën en evers bij schemer gaan eten op de akkers, dan is dat the place to be voor de wolf om een prooi te schalken. Na elke aanval zijn de prooien meer op hun hoede en zullen zij minder tijd besteden op de open akkers en zich langer verscholen houden. Een verandering in gedrag uit angst voor de predator. Ecologen spreken over ‘the landscape of fear’-theorie.”
“In de Lage Landen zal de wolf niet plots de ultieme oplossing bieden tegen wildschade, maar dergelijke studies tonen wel aan dat landbouwers de wolf niet per se als een pestsoort hoeven te aanzien”, zo besluit Anseeuw. “Mits enkele voorzorgsmaatregelen in de veehouderij valt met de wolf perfect samen te leven.” Tot slot wijst Anseeuw nog op de economische waarde van potentieel wolventoerisme. In Portugal, Spanje, Frankrijk, Italië, en diverse Oost-Europese landen biedt de wolveneconomie werkgelegenheid aan gidsen, trackers, bed & breakfast uitbaters, restaurateurs, fotografen, enzovoort. Niet slecht voor een dier dat je amper te zien krijgt.”