Weinig onregelmatigheden bij controle welzijn legkippen
nieuwsGeschrokken van de beelden die dierenrechtenorganisatie Animal Rights maakte op een leghennenbedrijf ondervroeg Vlaams parlementslid Jelle Engelbosch (N-VA) de minister van dierenwelzijn over het aantal controles in de pluimveehouderij. De Vlaamse overheid betaalt het federale Voedselagentschap voor eerstelijnscontroles op dierenwelzijn in de landbouwsector. Ieder jaar gaan de inspecteurs van het FAVV bij enkele tientallen leghennenbedrijven op bezoek: 54 controles in 2013, 31 in 2014 en 22 in 2015. “Het gaat om onaangekondigde controles waarbij de hele dierenwelzijnsregelgeving overlopen wordt”, verduidelijkt minister Ben Weyts. Het aantal non-conformiteiten op vlak van dierenwelzijn is sterk teruggelopen sinds de omschakeling van batterijkooien naar andere huisvesting voltooid is.
Dierenrechtenorganisatie Animal Rights haalde de voorbije twee maanden tweemaal het nieuws met videobeelden waarmee ze aanklagen dat er in de veehouderij geen sprake is van dierenwelzijn. In augustus waren er de beelden van de varkens die per vrachtwagen aangevoerd werden bij Porc Meat in Zele. Sommige dieren hadden op de hete zomerdag last van hittestress zodat de actievoerders hen te drinken gaven. Een maand later filmde Animal Rights op een leghennenbedrijf, waar ze ook een aantal dieren weghaalden om hen “een nieuw leven, weg van pijn en angst te geven”. De onderliggende boodschap is dat dieren niet gemaakt zijn om ons van vlees, melk of eieren te voorzien. Animal Rights bepleit een plantaardig voedingspatroon omdat de organisatie van mening is dat dierenwelzijn een illusie is wanneer dieren worden beschouwd als productiemiddelen.
Vlaams parlementslid Jelle Engelbosch (N-VA) zag de beelden, spreekt van wantoestanden en van “rotte appels” onder de pluimveehouders die hun kippen in erbarmelijke omstandigheden houden. In een poging de problematiek te objectiveren, vroeg Engelbosch bij Vlaams minister voor Dierenwelzijn Ben Weyts de inspectieresultaten in de leghennenhouderij op. Hij suggereert ook dat de leghennenhouderij op de langere termijn best evolueert naar andere huisvestingssystemen dan verrijkte kooien.
De Vlaamse overheid sloot een protocol met het federaal Voedselagentschap voor het uitvoeren van eerstelijnscontroles op dierenwelzijn in de landbouwsector, en het rapporteren van de resultaten aan de Vlaamse Inspectiedienst dierenwelzijn. In 2012 werd een groot deel van de legkippensector gecontroleerd omdat toen het verbod op de klassieke batterijkooi in werking trad. Volgens minister Weyts werden er toen wel wat problemen vastgesteld, die vervolgens zijn aangepakt. In de drie daarop volgende jaren werden respectievelijk 54, 31 en 22 leghennenbedrijven (onaangekondigd) gecontroleerd. In 2013 leverde dat 25 non-conformiteiten bij negen bedrijven op, in 2014 waren dat er nog vier bij twee bedrijven en vorig jaar kreeg één leghennenhouder te horen dat hij twee problemen moest verhelpen.
“De aard van deze non-conformiteiten varieert van een te hoge bezettingsdichtheid of een tekort aan zitstokken tot problemen met de registers, dus met het schriftelijk bijhouden van de gegevens”, vertelt minister Ben Weyts. Het dalend aantal controles verklaart hij door de verhoogde waakzaamheid na het verbod op klassieke batterijkooien in 2012. Over een eventueel verbod op verrijkte kooien zegt hij het volgende: “De resultaten van het onderzoek van ILVO zijn niet eenduidig. Er zijn argumenten pro het volièresysteem en er zijn er ook pro het kooisysteem. Een evaluatiecommissie zal zich daar opnieuw over buigen. “Dit is geen zwart-wit-discussie”, aldus Weyts. “Het gaat over de vraag of de best beschikbare techniek wordt toegepast. Vandaar de permanente evaluatie en het idee om die commissie op regelmatige basis te laten samenkomen.”