Voedingsprijzen stijgen sneller dan in buurlanden
nieuwsDe voedingsprijzen zijn in ons land sneller gestegen dan in de buurlanden, zo blijkt uit het jongste kwartaalverslag van het Prijzenobservatorium. De trend is algemeen: bewerkte voedingswaren zoals brood, suikerwaren en zelfs wijn worden in België sneller duurder dan in de buurlanden. Maar ook voor niet-bewerkte voeding zoals vlees, groenten en fruit werd in het tweede kwartaal een inflatieversnelling opgetekend.
Bewerkte voedingswaren werden van april tot eind juni gemiddeld 3,4 procent duurder dan vorig jaar. Dat is ongeveer dezelfde prijsstijging als in de voorgaande maanden, maar wel meer dan in de buurlanden, waar deze producten gemiddeld twee procent duurder werden. Uitschieters in ons land zijn wijn (+5% tegenover +2,2% in de drie buurlanden), suikerwaren en chocolade (+4,5% tegenover +1,1%) en brood en granen (+3,7% tegenover +1,7%).
De evolutie ten opzichte van de buurlanden is "afhankelijk van het tijdstip waarop je naar de inflatie kijkt", nuanceert Peter Van Herreweghe van het Prijzenobservatorium. "In het eerste kwartaal van 2011 lag de inflatie voor bewerkte levensmiddelen in België bijvoorbeeld hoger dan in alle buurlanden. In het eerste kwartaal van 2012 was dat omgekeerd en was de inflatie in België het laagst."
Voor de grotere stijging in het tweede kwartaal wijst Van Herreweghe erop dat Frankrijk met een kleine stijging van 1,4 procent het gemiddelde naar beneden haalt. In Nederland stegen de prijzen hier bijvoorbeeld met 4,6 procent. "Tussen de buurlanden onderling zijn er ook grote verschillen."
De Belgische prijzen voor niet-bewerkte voeding (vlees, vis, fruit en groenten) stegen in het tweede kwartaal met 6,8 procent. Voor de buurlanden is dat gemiddeld 5,1 procent. Duitsland benadert met een inflatie van 6,6 procent het meest de Belgische prijsstijging. Fruit zorgde met een inflatie van 16,9 procent voor de forse prijsstijging ons land. De vorige kwartalen lag de inflatie voor niet-bewerkte voeding in België onder die van Duitsland en schommelde rond het gemiddelde.
Energie werd van april tot juni goedkoper in België, een trend die ook de eerste maanden was opgetekend. Gemiddeld lagen de energieprijzen 5,4 procent lager dan vorig jaar. Elektriciteit werd slechts 0,8 procent goedkoper, doordat de dalende energiecomponent teniet werd gedaan door de hogere distributietarieven. België scoort hier beter dan de buurlanden, wat de CREG doet besluiten dat onze elektriciteit- en gasprijzen nu dicht bij het gemiddelde van de buurlanden liggen.
Deze lagere energieprijzen deden de totale inflatie in ons land met 0,6 procentpunt dalen. Gemiddeld bedroeg de inflatie in het tweede kwartaal 1,2 procent. Dat is 0,2 procent gunstiger dan in buurlanden Duitsland, Frankrijk en Nederland.
Bron: Belga