Vele wegen leiden naar minder fosfor in het water
nieuwsIn een derde en laatste bijdrage over de kennisvergaring inzake fosfor zet het Vlaams landbouwonderzoeksinstituut ILVO mogelijke maatregelen uiteen om te vermijden dat water verontreinigd wordt door fosfor die uit de landbouw afkomstig is. De hoge fosfordruk wordt doorgaans aangepakt door de bemesting te beperken, denk maar aan het vijfde mestactieprogramma. Maar de opties zijn velerlei: de voederefficiëntie van de veestapel verhogen, niet-kerende grondbewerking, een groenbedekker voor de winter zaaien, filters gebruiken rond de drainage van een perceel of zelfs in grachten, grasbufferstroken naast waterlopen aanleggen, enz. Welke maatregel het meest effectief is, hangt volgens ILVO in sterke mate af van de lokale situatie.
Om de fosforconcentratie in Vlaanderen onder de norm voor oppervlakte- en grondwater te krijgen, zijn maatregelen nodig. Doorgaans wordt de hoge fosfordruk vanuit landbouw aangepakt door de bemesting te beperken. Hoewel we ondertussen al aan het vijfde mestactieprogramma toe zijn, wordt er nog geen daling in de fosforconcentraties in water vastgesteld. Dat komt door de grote fosforvoorraden in de bodem en de lage mobiliteit van het nutriënt. “Verschillende modellen voorspellen dat gereduceerde bemesting de fosforconcentraties maar met enkele procenten kan doen dalen in de komende decennia”, aldus ILVO.
Om sneller vooruitgang te boeken, kan geopteerd worden voor een extreme vorm van bemestingsreductie die fosforuitmijning heet. Daarbij wordt de fosforbemesting (bijna) volledig weggelaten maar wordt wel met andere nutriënten bemest zodat gewassen goed zouden groeien. De planten onttrekken dan fosfor aan de bodem. Ook mestverwerking kan bijdragen tot verminderde fosforbemesting. De dikke fractie die rijk is aan fosfor en koolstof kan gedroogd en behandeld worden, waardoor fosfor eventueel gerecycleerd kan worden. Uit de fosforarme dunne fractie kan het fosformineraal struviet gerecupereerd worden. Er zijn ook technieken in ontwikkeling om fosfor beperkt uit niet-gescheiden mest te halen. Dat zou fosforrecyclage financieel haalbaarder maken.
Naast ingrepen in de bemesting en mestverwerking bestudeerde ILVO een lange reeks maatregelen die zich laat catalogeren onder gewas-, dier-, bodem- en landbouwwatermanagement. Wanneer erosie de oorzaak is van waterverontreiniging met fosfor, dan kan het verlies beperkt worden door middel van niet-kerende grondbewerking, het telen van gras of diep wortelende gewassen en het zaaien van een groenbedekker in het najaar. Soms hebben maatregelen ook een keerzijde. Zo kan bij niet ploegen een fosforrijke bovenste bodemlaag gevormd worden die fosforverliezen door oppervlakkige afspoeling in de hand werkt. Soms ligt de oplossing voor de hand, bijvoorbeeld in het geval dat vee graast in een weide waar ze in de gracht of de beek kunnen staan (en mesten).
Gesofisticeerder, maar toch al van toepassing in Vlaanderen, is de piste om het fosforgehalte in het voeder te verlagen zodat ook de mest minder fosfor zal bevatten. Zo bekom je mest met een verhouding stikstof-fosfor die beter afgestemd is op de behoefte van planten en zal minder fosfor zich ophopen in de bodem. Daarnaast kan de fosforbeschikbaarheid in voeders van varkens en pluimvee verhoogd worden zodat meer fosfor wordt opgenomen door het dier. In Vlaanderen wordt courant microbieel fytase toegevoegd aan veevoeder om dit te bewerkstelligen.
Terug in het veld dan, met de bespreking van drainage als maatregel. Daarvan kan je niet zeggen dat het onverdeeld goed of slecht is voor de waterkwaliteit. Als drainage het grondwaterniveau verlaagt, dan kan dit fosforverliezen vanuit de bodem naar het water vertragen. In het geval dat de drainage niets verandert aan de grondwaterstand, kunnen fosforverliezen hoger zijn omdat er door de drainagebuizen als het ware een snelweg voor fosfor naar het oppervlaktewater voorhanden is.
Bufferstroken als maatregel tegen fosforverontreiniging slaan bijvoorbeeld op de bemestingsvrije strook van vijf meter naast een waterloop. Deze maatregel is zeer effectief om te vermijden dat een waterloop mee bemest wordt. Een meer technische oplossing die ILVO onder de aandacht brengt, is het plaatsen van filters rond of in drainagebuizen. Filters met componenten van calcium, ijzer en/of aluminium zouden ook geplaatst kunnen worden in greppels of in de wanden langs een sloot. “De effectiviteit hangt in hoge mate af van het design dat bepaalt hoeveel water de filter passeert”, weet ILVO.
Welke maatregelen het best tot hun recht komen, hangt volgens het onderzoeksinstituut in sterke mate af van de lokale situatie. “Het is belangrijk om de voornaamste fosforverliesroute te identificeren vooraleer een gepaste maatregel te selecteren. Bij een beperkt budget wordt best ingezet op de meest risicovolle percelen en de meest kosteneffectieve maatregelen.” De spits mag dan afgebeten worden in West-Vlaanderen want daar zijn de meeste problemen met hoge fosforgehaltes in bodem en water. Onderzoeksinstelling VITO in Mol toonde reeds aan dat saneringsinfrastructuur en rioleringsprojecten het meeste opleveren voor hun geld. Maatregelen binnen de landbouw, waarbij vooral aan anti-erosiemaatregelen gedacht wordt, kunnen ook kosteneffectief zijn. Op zo'n grote reductie als bij sanering en de aanpak van puntbronnen mag je dan weliswaar niet hopen.
Meer info: ILVO