nieuws

Uitstoot rauwe melk daalde met 25% op 15 jaar

nieuws
Van alle landbouwtakken is de veehouderij veruit de grootste uitstoter van broeikasgassen. Precies daarom wordt ook vaak naar de veehouderij gekeken in de strijd tegen de opwarming van het klimaat. Uit cijfers die Boerenbond publiceert op zijn website, blijkt dat de melkveehouderij al behoorlijke inspanningen heeft geleverd om de ecologische voetafdruk te drukken. De voorbije vijf jaar daalde de uitstoot van de productie van rauwe melk met 9 procent, tussen 2000 en 2015 gaat het om een daling met meer dan 25 procent.
28 december 2016  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:38
Lees meer over:

Van alle landbouwtakken is de veehouderij veruit de grootste uitstoter van broeikasgassen. Precies daarom wordt ook vaak naar de veehouderij gekeken in de strijd tegen de opwarming van het klimaat. Uit cijfers die Boerenbond publiceert op zijn website, blijkt dat de melkveehouderij al behoorlijke inspanningen heeft geleverd om de ecologische voetafdruk te drukken. De voorbije vijf jaar daalde de uitstoot van de productie van rauwe melk met 9 procent, tussen 2000 en 2015 gaat het om een daling met meer dan 25 procent.

Vlaamse melkveehouders leveren flinke inspanningen om hun impact op de opwarming van het klimaat zo veel mogelijk te verkleinen. Boerenbond verwijst op zijn website onder meer naar een efficiëntere productie, een toegenomen gebruik van lokale eiwitbronnen en van bijproducten uit de voedingsindustrie en een stijging van de hernieuwbare energieproductie. Dat alles zorgde ervoor dat de uitstoot van broeikasgassen ten gevolge van de productie van rauwe melk de voorbije vijf jaar met 9 procent daalde, en tussen 2000 en 2015 met meer dan 25 procent.

De berekening begint bij de productie van grondstoffen en eindigt als de rauwe melk de boerderij verlaat. De verdere verwerking, distributie en consumptie worden niet in rekening gebracht. De berekening werd gemaakt voor een gemiddeld, gespecialiseerd melkveebedrijf uit de Boerenbond-boekhoudingen. In 2015 telde dit gemiddelde melkveebedrijf 84 melkkoeien en 74 stuks jongvee. De totale melkproductie op dit bedrijf bedraagt net geen 700.000 liter per jaar, wat neerkomt op een jaarlijkse productie van 8.286 liter per koe.

Tegenover 2010 is de CO2-voetafdruk van melk, inclusief landconversie, gedaald van 1,04 naar 0,95 CO2-equivalenten per kg rauwe melk, bij 4% vet en 3,3% eiwit, wat neerkomt op een daling van 9 procent. Doordat de melkveebedrijven intensiever uitgebaat werden en de productiviteit per melkkoe verhoogde, daalt de bijdrage aan de CO2-emissies per kg rauwe melk, zo duidt Boerenbond. Zo is de melkproductie per melkkoe ongeveer 6 procent hoger dan in 2010. Ook het licht gestegen vervangingspercentage en het feit dat het eiwitgehalte van de rauwe melk gestegen is van 3,3 procent in 2010 naar 3,5 procent in 2015 heeft een positieve invloed op de carbon footprint per kilogram melk.

De grootste daling is zichtbaar in de bijdrage van het voeder, zowel aangekocht als eigen voeder. Zo is het aandeel sojameel en sojahullen in aangekocht krachtvoeder gedaald met 12 procent. Daarnaast wordt krachtvoeder op de bedrijven steeds efficiënter benut. Bovendien worden er de laatste jaren steeds meer bijproducten gebruikt in het rantsoen. Naast perspulp en bierdraf zijn daar de voorbije jaren bijproducten uit de bio-ethanolproductie (bijvoorbeeld tarwegistconcentraten) bijgekomen, met een lagere CO2-impact dan geïmporteerde krachtvoeders.

In de eigen ruwvoederproductie is er eveneens vooruitgang geboekt, doordat gras en maïs geproduceerd worden met minder kunstmest per hectare. Ook telen de melkveebedrijven meer eiwitrijk ruwvoeder, voornamelijk gras-klaver. Anderzijds gaan de koeien minder lang buiten dan in 2010. Dat heeft een licht negatieve impact op de CO2-uitstoot, maar weegt niet door op het totale resultaat.

Door de strengere bemestingsnormen werd bovendien over de jaren heen de eigen mest steeds beter aangewend. Zo is de opslagcapaciteit op de melkveebedrijven uitgebreid en neemt ook mestscheiding de laatste vijf jaar toe. Dat alles draagt ertoe bij dat de impact op de CO2-voetafdruk verkleint. Tot slot bleef de energie-intensiteit per liter melk op de melkveebedrijven ongeveer gelijk met 2010. Het aandeel hernieuwbare energie is de laatste vijf jaar wel sterk toegenomen, onder andere door de installatie van zonnepanelen en pocketvergisters op de bedrijven.

Uit de eerste vaststellingen van de analyse blijkt dat bedrijven met een lagere CO2-voetafdruk het ook economisch beter doen. Ze hebben vooral een hogere melkproductie, minder uitval en benutten hun eigen ruwvoeder beter, waardoor ze dus minder krachtvoeder aankopen en hun kosten verminderen. “Dit bewijst dat de CO2-voetafdruk voor individuele melkveebedrijven niet meteen een bedreiging hoeft te vormen”, aldus Boerenbond. “Economie en ecologie kunnen hier hand in hand gaan.”

Bron: Boerenbond.be

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek