Spanje wil varkenspest bestrijden “naar Belgisch model”
nieuws50 euro verlies per varken en zes miljard van het Bruto Binnenlands Product (BBP) dreigt te verdampen: dat is de kostprijs van Afrikaanse Varkenspest (AVP) in Spanje. Met name de regio Catalonië, het hart van de Spaanse varkenssector, wordt geteisterd door de dierziekte. De nationale belangenorganisatie van de Spaanse varkenshouders Anprogapor vraagt de overheid om de ziekte uit te roeien “naar Belgisch model.”
In een interview met het Spaanse vakmedium Cárnica pleit Miguel Ángel Higuera, directeur van Anprogapor, voor het “Belgisch model”. Hij wijst erop dat ons land erin slaagde de ziekte binnen twee jaar in te dammen en uit te roeien met een beperkte impact. Doet Spanje dat niet, dan dreigt men te vervallen in het zogenaamde “Duitse model”, waarbij AVP na vijf jaar strijd nog steeds in het land aanwezig zal zijn, en Spanje aanzienlijke markttoegang verliest. In dit scenario zou de sector volgens Higuera de veestapel doen inkrimpen met twintig procent.
De gevolgen van de Catalaanse AVP-uitbraak zijn 119 dagen na de eerste besmetting niet min. Cárnica bericht over een dagelijks miljoenenverlies dat een historisch gat in de nationale economie dreigt te slaan. De sector kent een verlies van ongeveer 50 euro per varken. Als men bedenkt dat er in Spanje per kwartaal bijna 16 miljoen varkens worden geproduceerd, landt men op een astronomisch bedrag. Het tij is nog niet gekeerd: nog steeds ziet men elke week nieuwe gevallen opdoemen. Hoewel Higuera gevraagd wordt naar een vooruitblik op de verre toekomst, is de situatie zelfs op “korte termijn niet houdbaar”, stelt hij.
2,5 procent van BBP gaat verloren
In concrete cijfers: de Spaanse varkens-, vee- en vleessector vertegenwoordigt momenteel ongeveer 30 miljard euro, wat neerkomt op ongeveer 2,5 procent van het Spaanse Bruto Binnenlands Product. “Een verlies van 20 procent van die 30 miljard euro betekent een verlies van zes miljard euro aan Spaans BBP, louter en alleen door een ziekte”, waarschuwt Higuera. Volgens hem moeten er kosten noch moeite bespaard worden om Duitse scenario’s te vermijden.
Volgens Higuera slagen de bedrijven er lang niet in om de productiekosten te dekken. Gezien de onvermijdelijke problemen als gevolg van het gebrek aan liquiditeit bij de bedrijven, ziet Higuera een harde realiteit: “Het zou niet vreemd zijn als in deze situatie een boerderij moet sluiten omdat deze economisch instort”. De Spaanse beleidsmakers beloven aan Cárnica dat ze financiële middelen voorzien om zulke sluitingen te voorkomen, maar de vraag blijft of en wanneer de sector zich zal herstellen.
Pover vooruitzicht
Bovendien kon de AVP-uitbraak niet slechter vallen. Volgens Higuera gebeurde deze net op het moment dat de markt optimisme begon te tonen en de sector “expansieve plannen” had. Nu zijn de verwachtingen van de producenten veranderd en zijn de prognoses voor het jaar 2026 “zeer negatief”, wat erop wijst dat 2027 ook een moeilijk jaar kan worden als de situatie niet wordt aangepakt.
Bron: Cárnica