Schauvliege en Potocnik nemen bodemdegradatie serieus
nieuwsWereldbodemdag ging op Agribex niet onopgemerkt voorbij want zowel Vlaams minister Joke Schauvliege als EU-commissaris Janez Potocnik gaven te kennen dat ze de strijd tegen bodemdegradatie heel ernstig nemen. Erosiebestrijding is de speerpunt van het bodembeschermingsbeleid van Schauvliege. Van 2001 tot 2013 subsidieerde ze voor ruim tien miljoen euro aan kleinschalige erosiebestrijdingswerken.
De Voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) heeft 5 december uitgeroepen tot Wereldbodemdag. Goede bodems zijn levensnoodzakelijk en een niet te hernieuwen hulpbron. Daarom vereisen ze bescherming want bebouwing en infrastructuur dichten de bodem meer en meer af en ook erosie, verontreiniging en verlies van organische stof tasten de bodemkwaliteit aan.
Tijdens haar bezoek aan het landbouwsalon Agribex opende Vlaams milieuminister Joke Schauvliege een studievoormiddag die volledig aan het thema bodem gewijd was. Een gezonde bodem is van levensbelang. "Zonder bodem geen voedsel, geen biomassa en geen biodiversiteit", illustreert Schauvliege. Meer dan een kwart van de biodiversiteit zit onder de grond. Bovendien zit in de bodem wereldwijd twee keer zoveel koolstof opgeslagen als in de lucht.
Redenen genoeg dus voor de minister om vanuit het beleid zorg te dragen voor de bodem. Wat de sanering van verontreinigde bodems betreft, staat onze regio aan de top. Qua bodemafdichting door bebouwing doet ons kleine en dichtbevolkte landje het veel minder goed. België scoort 7,4 procent en Vlaanderen zelfs 12,9 procent terwijl open ruimte in de rest van Europa veel minder schaars is (gemiddeld 1,8 procent bodemafdichting).
In de strijd tegen bodemerosie ging van 2001 tot 2013 ruim 10 miljoen euro naar kleinschalige erosiebestrijdingswerken. Alleen al dit jaar gaat het om 1,7 miljoen euro die de gemeenten van Vlaanderen krijgen om erosiecoördinatoren aan te stellen en kleinschalige werken uit te voeren. Ook individuele landbouwers springen via vrijwillige beheerovereenkomsten bij. Elk jaar worden ongeveer 825 beheerovereenkomsten afgesloten. Daar staat jaarlijks zo’n één miljoen euro tegenover.
Toch gaan er nog steeds tonnen vruchtbare grond verloren door afspoeling, met modderoverlast als vervelend neveneffect. Daarom schakelt minister Schauvliege nog een versnelling hoger. "Samen met minister-president Kris Peeters, die ook bevoegd is voor landbouw, werken we tegen 2014 een vernieuwd actieplan uit dat focust op de brongerichte aanpak en zetten we volop in op communicatie en sensibilisatie", kondigt ze aan.
Europees commissaris van Leefmilieu Janez Potocnik wees in zijn videoboodschap op het groeiend internationaal besef dat bodems essentieel zijn voor duurzame ontwikkeling: "Een landdegradatie-neutrale wereld is één van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen die werden overeengekomen tijdens Rio+20. Om de bodem afdoend te beschermen, heeft Europa nood aan een bindend wettelijk kader zoals overeengekomen in het zevende Milieuactieplan." Potocnik noemde de bodem "één van de meest waardevolle maar tegelijk meest kwetsbare hulpbronnen".
Zijn kabinetsmedewerker Thomas Strassburger lichtte toe dat Europa bodemdegradatie wil aanpakken door middel van sensibilisatie, onderzoek, meer coherentie in het beleid en harmonisering van wetgeving in de EU. Voor wie er nog aan zou twijfelen dat we te veel vruchtbare grond onder een laag beton bedelven: in Europa verdwijnt elke dag 275 hectare open ruimte.
Strassburger ziet daarin een bedreiging voor de Europese voedselvoorziening want het verlies aan landbouwoppervlakte kostte ons tussen 1990 en 2006 niet minder dan zes miljoen ton graan. En al dat extra beton verhinderde een vlotte aanvulling van de grondwatervoorraden en vergrootte het overstromingsrisico.
Europa ambieert tegen 2020 een vertraging van het verlies aan open ruimte tot 800 km² per jaar (nu minstens 1.000 km²) en een vermindering van de ernstige bodemerosie (meer dan 10 ton per hectare per jaar) met een kwart. De Europese Commissie houdt nog altijd een EU-bodemrichtlijn achter de hand voor het geval de lidstaten met eigen initiatieven onvoldoende vooruitgang boeken.
Beeld: Bodembreed