nieuws

Onderzoek brengt nuancering in het debat over turf en turfvrije potgrond

nieuws

In de tuinbouw staat het gebruik van turf in potgrond al jaren ter discussie en zijn onderzoekers en telers op zoek naar alternatieve ingrediënten. Een recent onderzoek van Wageningen University & Research (WUR), in samenwerking met de Universiteit Gent, nuanceert het debat over turfvrije potgrond. “Als je andere milieueffecten meerekent, is de milieu-impact van compost bijna dubbel zo groot als die van zwartveen.”

Vandaag VILT-redactie
Lees meer over:

Bij de winning van turf komen grote hoeveelheden turf vrij. Turf wordt veelvuldig gebruikt in de tuinbouw voor de samenstelling van potgrond. Turf zorgt er onder andere voor dat water en nutriënten gebufferd kunnen worden. Door de grote klimaatimpact streven onderzoekers en telers er al jaren naar om het gebruik ervan te verminderen.

Onderzoekers van WUR Wageningen pleiten echter voor een nuancering van het debat. Zij publiceerden recent een onderzoek waarbij de bredere milieu- en klimaatimpact van grondstoffen in kaart werd gebracht. “Voor het eerst is een wetenschappelijk onderbouwde dataset opgesteld voor de belangrijkste grondstoffen van potgrond, groeimedia en mixen. Tot op heden beschikten onderzoekers en beleidsmakers namelijk niet over de juiste informatie om de milieu-impact van potgrond te evalueren.”

Groencompost heeft grotere milieu-impact dan turf

Zeker wanneer de volledige milieu-impact van de grondstoffen in kaart wordt gebracht, zoals watergebruik, fijnstof, stikstof en landgebruik, levert de studie onverwachte inzichten op, aldus WUR-onderzoeker Jeroen Verstrate. “Sommige materialen scoren beter op klimaatimpact, andere op landgebruik, grondstoffengebruik of andere milieu-indicatoren. Het is goed om te realiseren dat geen enkele grondstof dus vrij is van impact.”

Opvallend noemt de onderzoeker bijvoorbeeld groencompost. Omdat het afkomstig is uit veelal gerecycleerde organische reststromen, wordt het vaak automatisch als duurzaam alternatief gezien. Als alle impactfactoren in rekening genomen worden, zie je dat bijvoorbeeld witveen een beperktere impact heeft en dat de milieu-impact van compost bijna dubbel zo groot is als die van zwartveen”, klinkt het.

Energie, meststoffen en water

De onderzoekers merken verder op dat men zich in de discussie niet moet blindstaren op substraat alleen. Energie (bijvoorbeeld voor het verwarmen van serres, red.), meststoffen en water leveren een grotere bijdrage aan de CO2-uitstoot en totale milieu-impact van planten. “Het heeft dus geen zin om enkel te sturen op de impact van het substraat, als de volledige teelt hierdoor minder efficiënt wordt en er dus meer energie, water en meststoffen nodig zijn om een plant te telen”, klinkt het.

Volgens de onderzoekers biedt de studie niet alleen nieuwe inzichten voor de potgrondsector, maar ook voor beleidsmakers en consumenten. “Een zwart-witoplossing bestaat zelden, zelfs niet voor potgrond. Het is daarom belangrijk om rekening te houden met de volledige milieu-impact van grondstoffen en met hun prestaties in de praktijk.”

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek