nieuws

Mestbalans 2014 opnieuw in evenwicht

nieuws
Het gebruik van nutriëntenarme voeders, de verwerking en export van dierlijke mest en de extra afzetmogelijkheid door derogatie hebben ervoor gezorgd dat de Vlaamse mestbalans in 2014 opnieuw in evenwicht was. “Het mestaanbod in Vlaanderen kan dus oordeelkundig afgezet worden”, klinkt het in het Mestrapport 2015. Maar volgens de Mestbank blijft het een grote uitdaging om via de maatregelen van MAP5 de waterkwaliteitsdoelstellingen te halen. “In sommige regio’s komen nog te veel nutriënten in het grond- en oppervlaktewater”, klinkt het.
9 december 2015  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:24
Lees meer over:

Het gebruik van nutriëntenarme voeders, de verwerking en export van dierlijke mest en de extra afzetmogelijkheid door derogatie hebben ervoor gezorgd dat de Vlaamse mestbalans in 2014 opnieuw in evenwicht was. “Het mestaanbod in Vlaanderen kan dus oordeelkundig afgezet worden”, klinkt het in het Mestrapport 2015. Maar volgens de Mestbank blijft het een grote uitdaging om via de maatregelen van MAP5 de waterkwaliteitsdoelstellingen te halen. “In sommige regio’s komen nog te veel nutriënten in het grond- en oppervlaktewater”, klinkt het.

In 2014 werd 104,6 miljoen kilo stikstof en 45,3 miljoen kilo fosfaat uit dierlijke mest afgezet op Vlaamse landbouwgrond. Door het gebruik van nutriëntenarme voeders daalde de mestproductie in Vlaanderen met 15 miljoen kilo stikstof en 10,4 miljoen kilo fosfaat. Daarnaast is mestverwerking en export van dierlijke mest essentieel voor het evenwicht in de Vlaamse mestbalans. Vlaanderen telt 120 operationele mestverwerkingsinstallaties in 2014. Afgelopen jaar werd 38,5 miljoen kilo stikstof uit Vlaamse dierlijke mest verwerkt en geëxporteerd, een toename van anderhalve procent in vergelijking met 2013.

Ook derogatie blijft een essentiële schakel in het evenwicht van de mestbalans. Door derogatie kan er immers voor bepaalde gewassen meer dierlijke mest worden toegediend zonder negatief effect op de waterkwaliteit. “Een vergelijking van de nitraatresidu’s op percelen met en zonder derogatie, toont aan dat het toepassen van een hogere dosis dierlijke mest onder de vooropgestelde voorwaarden niet leidt tot hogere nitraatresidu’s. Er is dus geen hoger risico op uitspoelingverliezen”, staat te lezen in het Mestrapport. In 2014 werd op 82.635 hectare derogatie toegepast. Dankzij derogatie kon er bijkomend 6,4 miljoen kg stikstof op verantwoorde wijze afgezet worden op Vlaamse landbouwgrond.

Ondanks het evenwicht in de Vlaamse mestbalans zijn er echter nog altijd een aantal landbouwbedrijven die kampen met een onevenwicht in hun individuele bedrijfsbalans of die de mest niet oordeelkundig aanwenden binnen het bedrijf. In het nieuwe, vijfde mestactieprogramma 2015-2018 (MAP5) worden landbouwers nog meer aangezet om de meststoffen gericht en efficiënt in te zetten binnen hun bedrijf. “Hierbij is het van cruciaal belang dat deze meststoffen in de juiste dosis, op de juiste teelten en op het juiste tijdstip worden gebruikt om ongewenste verliezen van nutriënten naar het grond- en oppervlaktewater tot het minimum te beperken”, stelt de Mestbank.

Langs de aanbodzijde is de veestapel licht gestegen, maar daalt het globaal mestaanbod in 2014 verder tot 86,7 miljoen kilo stikstof en 38,7 miljoen kilo fosfaat door de verdere toename van mestverwerking. Het aantal runderen schommelt rond 1,3 miljoen dieren in de periode 2007-2014. Wel wordt een toename van het melkvee opgetekend, terwijl bij het vleesvee een afname van het aantal dieren vastgesteld wordt.

Onder impuls van de uitbreidingsmogelijkheden zoals voorzien in het Mestdecreet werd in de periode 2008-2010 een stijging waargenomen van het aantal varkens en pluimvee in Vlaanderen. Sinds 2011 vlakt de toename van het aantal varkens af, tot 6,3 miljoen varkens in 2014. Bij pluimvee werd een verdere toename vastgesteld tot 31 miljoen dieren in 2014. Naast dierlijke mest, werd in 2014 1,5 miljoen kilo stikstof en 0,8 miljoen kilo fosfor uit andere meststoffen gebruikt (zoals groen- en GFT-compost, schuimaarde, …). Het gebruik van kunstmest op basis van de aangiftegegevens bedroeg 40,1 miljoen kg stikstof en 1,2 miljoen kg fosfor in 2014.

Hoewel de mestbalans sinds 2007 in evenwicht is, verbetert de waterkwaliteit niet overal voldoende snel. In de winter 2014-2015 vertoonde opnieuw 21 procent van de MAP-meetpunten een overschrijding van de nitraatnorm van 50 mg nitraat per liter oppervlaktewater, een lichte stijging in vergelijking met een jaar eerder. De positieve effecten van het mestbeleid worden wel zichtbaar in het grondwatermeetnet. In het najaar van 2014 daalt de nitraatconcentratie in de bovenste filter van het meetnet onder de 32 mg nitraat per liter, wat de Vlaamse doelstelling voor grondwater tegen 2018 uit MAP5 is. Al zijn er wel regionale verschillen.

Sinds 2001 rapporteert de Vlaamse Landmaatschappij jaarlijks over de mestproblematiek in Vlaanderen via het ‘Voortgangsrapport’. Omdat sinds dit jaar extra gerapporteerd wordt over de begeleiding door de dienst Bedrijfsadvies van de Vlaamse Landmaatschappij en het Coördinatiecentrum Voorlichting en Begeleiding duurzame Bemesting (CVBB) is de titel van het nieuw rapport omgedoopt tot ‘Mestrapport’.

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek