Landbouw speerpunt in Chinese omwenteling
nieuwsDe opgang van China als wereldmacht de laatste decennia lijkt onstuitbaar. Aan een razend tempo werd het land geïndustrialiseerd en miljoenen plattelandsbewoners werden uit hun dorpen weggelokt om de precaire stedelijke arbeidersjobs in te vullen. Om de bijna 1,4 miljard Chinese monden te voeden gaat China over heel de wereld op zoek naar graan, zuivel en andere voedingsmiddelen, maar om het handelstekort te milderen zet het hoog in op automatisering en intensivering van de eigen landbouwsector. Mechanisatieblad TractorPower maakte er een reportage over.
Als ’s werelds exportkampioen vergaarde China de voorbije decennia een onpeilbaar grote cashreserve die het onder meer gebruikt om zijn bevolking van voldoende voedsel te voorzien. Enerzijds door de massale import van landbouwproducten van over heel de wereld, anderzijds door te investeren in de ontwikkeling van de eigen sector. Doordat steeds meer Chinezen hun geluk in de megasteden gaan zoeken en daar vaak ook toe aangemoedigd worden door de overheid om zo de binnenlandse consumptie te stimuleren, dreigt het platteland leeg te lopen.
Dat betekent niet alleen een verschraling van het sociale weefsel op het platteland, maar ook een tekort aan arbeidskrachten. Vanuit verschillende grote door de staat gesteunde landbouwcoöperatieven wordt die uitdaging beantwoord met schaalvergroting en automatisering. Melkrobots zijn stilaan de norm geworden in de noordelijke landbouwprovincies, en zo’n 60 procent van de melkveebedrijven melkt er 100 koeien of meer. Dat er sinds 2006 meer dan 40.000 landbouwcoöperatieven zijn opgericht bewijst de sterke greep die het centrale gezag in Peking op de landbouwsector heeft.
TractorPower bezocht zo’n coöperatie ten noorden van Shanghai. De organisatie bewerkt meer dan 3.200 hectare, bezit 15 maaidorsers, 28 moderne tractoren en boven hun velden vliegt zelfs een drone rond die bespuitingen uitvoert. De drone kost omgerekend ongeveer 7.300 euro, maar volgens de zaakvoerder van de coöperatie is die in negen dagen terugbetaald: met een arbeidskost van ongeveer 20 euro per persoon per dag heeft de coöperatie 40 mensen nodig om dezelfde hoeveelheid land te kunnen bespuiten als de drone in één dag aankan.
Nog uit de reportage blijkt dat de Chinese tarweoogst anno 2017 voor 90 procent is gemechaniseerd. Voor korrelmaïs ligt dat percentage tussen de 40 en de 60 procent en voor rijst is dat 40 procent. China telt zo’n 220 miljoen landbouwbedrijven – vergelijk met de net geen 24.000 landbouwbedrijven in Vlaanderen – waarvan de gemiddelde grootte 0,067 hectare is. Daarnaast wordt ook de Chinese consument steeds mondiger en groeit het bewustzijn onder meer rond voedselveiligheid. Bioproducten liggen steeds beter in de markt en rond de verschillende grote steden ontstonden naar schatting al meer dan 500 CSA-boerderijen.
Bron: TractorPower/MO*