nieuws

Hoe pakken de ons omringende regio's bodemerosie aan?

nieuws
In afwachting van de openbaarmaking van de bevindingen van een expertgroep die zich over het verstrengde Vlaamse erosiebeleid boog, verdiepen we ons in een rapport van de landbouwadministratie over hetzelfde thema. Het Departement Landbouw en Visserij keek over het muurtje naar vier aangrenzende heuvelachtige regio’s: Wallonië, Zuid-Limburg in Nederland, Noordrijn-Westfalen in Duitsland en Picardië in Frankrijk. Hoe geven zij invulling aan de erosieregels die voortvloeien uit de randvoorwaarden voor inkomenssteun? Heel verschillend, zo blijkt, en Europa gunt hen ook die vrijheid. De Fransen kozen voor een minimalistische invulling – noem het maar ‘vrijheid blijheid voor de boer’ – terwijl de Vlaamse regelgeving strenger en veel gedetailleerder is en daardoor een stuk ingewikkelder oogt. De anderen zitten ergens tussen die twee uitersten.
9 oktober 2015  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:24
Lees meer over:

In afwachting van de openbaarmaking van de bevindingen van een expertgroep die zich over het verstrengde Vlaamse erosiebeleid boog, verdiepen we ons in een rapport van de landbouwadministratie over hetzelfde thema. Het Departement Landbouw en Visserij keek over het muurtje naar vier aangrenzende heuvelachtige regio’s: Wallonië, Zuid-Limburg in Nederland, Noordrijn-Westfalen in Duitsland en Picardië in Frankrijk. Hoe geven zij invulling aan de erosieregels die voortvloeien uit de randvoorwaarden voor inkomenssteun? Heel verschillend, zo blijkt, en Europa gunt hen ook die vrijheid. De Fransen kozen voor een minimalistische invulling – noem het maar ‘vrijheid blijheid voor de boer’ – terwijl de Vlaamse regelgeving strenger en veel gedetailleerder is en daardoor een stuk ingewikkelder oogt. De anderen zitten ergens tussen die twee uitersten.

In Vlaanderen zijn de regels rond erosiebestrijding op landbouwpercelen verstrengd. Bij de landbouwers en hun syndicaten zorgde dat voor onbegrip en protest. Rond de praktische uitvoerbaarheid van een aantal maatregelen rezen vragen zodat Vlaams minister van Landbouw en Omgeving tot een vervroegde evaluatie besloot. Een werkgroep van experten (o.a. ILVO, landbouw- en milieuadministratie en onderzoekers die met demonstratieprojecten bezig zijn) heeft nagegaan welke maatregelen verfijnd kunnen worden en of er alternatieven mogelijk zijn.

Hun rapport is bijna klaar, een eerste versie werd recent voorgesteld aan de landbouw- en milieuorganisaties en andere stakeholders. In afwachting van de publicatie nemen we er een rapport over erosiebeleid bij dat wel al openbaar is. Het Departement Landbouw en Visserij maakte namelijk een interessante benchmarking van de erosieregels in Vlaanderen en in de ons omringende regio’s. De studiedienst ging op zoek in de Waalse, Nederlandse, Franse en Duitse wetgeving, vergeleek met het Vlaamse erosiebeleid en wijst op de gelijkenissen maar vooral ook op de verschillen want die zijn veel talrijker.

Door de vrijheid die het Europees landbouwbeleid inzake erosie laat, heeft elke lidstaat (of regio) zijn eigen koers gevaren. In Vlaanderen zijn gronden ingedeeld in klassen van erosiegevoeligheid. Op de (zeer) hoog erosiegevoelige percelen moeten landbouwers zich schikken naar een aantal verplichte maatregelen die kunnen verschillen naargelang de teelt. Voor minder erosiegevoelige percelen zijn maatregelen wenselijk maar niet verplicht. Het areaal waarop de verplichte maatregelen van toepassing zijn, bedraagt 9.842 hectare voor alleen de zeer hoog erosiegevoelige percelen en 49.269 hectare wanneer ook de hoog erosiegevoelige percelen worden meegerekend. Tussen 2015 en 2018 wordt de vrijheid inzake teeltkeuze en bodembewerking op deze gronden verder ingeperkt.

Achter de Vlaamse aanpak schuilt het idee ‘voorkomen is beter dan genezen’, daarom worden landbouwers sterk in de richting van niet-kerende bodemwerking gestuurd. Die brongerichte aanpak vind je ook terug in Duitsland en in grote mate ook in Nederland. Maar er is geen land of regio die het erosiebeleid zo in detail heeft uitgewerkt als Vlaanderen. Hier zijn er regels voor bepaalde (groepen van) teelten en voor de handelingen die op erosiegevoelige percelen kunnen of moeten worden verricht. Daardoor oogt de Vlaamse regelgeving een stuk ingewikkelder dan die van de andere beschouwde landen en regio’s.

In Wallonië is het erosiebeleid eerder beperkt, in Frankrijk vrijwel onbestaande. De verplichting om percelen op een helling in de dwarsrichting te ploegen, is daar geopperd maar nooit in de wetgeving terechtgekomen. Het Franse erosiebeleid bestaat daarom uit welgeteld drie regels die elke boer met gezond verstand uit zichzelf toepast. Wie haalt het immers in zijn hoofd om een landbouwperceel dat overstroomd is of verzadigd met water te bewerken? Qua omvang van de wetgeving bevinden Nederland en Duitsland zich in de middenmoot, maar sluiten zij dichter bij Vlaanderen aan.

Hoe erosie aangepakt wordt in het meer heuvelachtige zuidelijke deel van ons land maakt ons nieuwsgierig. Uit de studie steken we op dat Waalse landbouwers op erosiegevoelige percelen een groenbedekker moeten telen. Van een risico op erosie is volgens de Waalse overheid pas sprake als de hellingsgraad tien procent of meer bedraagt. Daardoor blijft de oppervlakte waarop maatregelen genomen moeten worden vrij beperkt. Op die naar schatting 12.000 hectare wordt de teeltkeuze weliswaar sterk beperkt (geen maïs, bieten, wortelen, aardappelen, enz.), tenzij onderaan het perceel een zes meter brede grasstrook wordt aangelegd. Als het aangrenzende lager gelegen perceel een weide of bos is, dan vervalt deze voorwaarde. Ook kan een landbouwer er voor kiezen om zijn teelttechniek aan te passen. Conclusie? In Wallonië gaat het vooral om effectgerichte erosiebestrijdingsmaatregelen. En hoewel de teeltverboden ingrijpend lijken, zijn ze beperkt qua areaal kunnen ze op diverse manieren omzeild worden.

Het erosiebeleid is in Vlaanderen en Wallonië regionaal uitgewerkt en dat is ook zo in Nederlands Limburg. In Frankrijk is het nationale regelgeving. De graduele aanscherping van de Vlaamse regels vind je nergens anders terug. Op welke percelen maatregelen nodig zijn, heeft iedereen anders uitgewerkt. In Nederland en Wallonië speelt alleen het hellingspercentage een rol terwijl Vlaanderen en Duitsland een wat complexer rekenmodel hanteren. In Frankrijk is geen indeling van de percelen gebeurd. Vooral Nederland en Vlaanderen maar ook Duitsland hebben diverse beperkingen opgelegd op de meest erosiegevoelige percelen.

Over de moeilijkheidsgraad voor landbouwers om de regels in de praktijk om te zetten, velt de studiedienst van de Vlaamse landbouwadministratie geen oordeel. “Dat is werk voor experts in erosiebestrijding”, klinkt het. De observaties staan ook los van de vraag of de maatregelen nodig zijn. Ook die vraag kan alleen door specialisten beantwoord worden. De analyse toont naar verluidt wel het nut om bij de uitwerking van nieuwe regelgeving voldoende overleg te plegen met collega’s uit andere lidstaten en regio’s, zeker voor wetgeving waarvoor de Europese Unie heel wat vrijheid laat aan de lidstaten.

Meer info: Departement Landbouw en Visserij

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek