nieuws

Boer zet efficiëntie hoger op verlanglijstje dan groei

nieuws
Crelan bevroeg dit jaar niet alleen het ondernemersvertrouwen in land- en tuinbouw. De bank liet de meer dan 1.000 respondenten ook een SWOT-analyse opstellen. Hieruit blijkt dat land- en tuinbouwers ondanks de daling van het vertrouwen toch nog heel wat opportuniteiten voor hun activiteit zien. Ze gaan vooral uit van de eigen sterkte (gezondheid van de bedrijfsleider en efficiënte bedrijfsvoering), willen zich verder bekwamen door vorming en denken eerst aan verdere efficiëntieverbeteringen alvorens een volgende stap te zetten door bedrijfsgroei. Kredietverstrekker Crelan juicht die zienswijze toe en onderschrijft het belang van vorming en goed advies. De zwaktes en bedreigingen zijn stuk voor stuk externe factoren: de hoge kostprijs, de prijsvorming waarop de boer geen invloed heeft, de schaarste aan landbouwgrond maar bijvoorbeeld ook prijsvolatiliteit, onzekerheid over regelgeving, milieubeperkingen en een gebrek aan vertrouwen in de overheid.
16 juli 2015  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:22
Lees meer over:

Crelan bevroeg dit jaar niet alleen het ondernemersvertrouwen in land- en tuinbouw. De bank liet de meer dan 1.000 respondenten ook een SWOT-analyse opstellen. Hieruit blijkt dat land- en tuinbouwers ondanks de daling van het vertrouwen toch nog heel wat opportuniteiten voor hun activiteit zien. Ze gaan vooral uit van de eigen sterkte (gezondheid van de bedrijfsleider en efficiënte bedrijfsvoering), willen zich verder bekwamen door vorming en denken eerst aan verdere efficiëntieverbeteringen alvorens een volgende stap te zetten door bedrijfsgroei. Kredietverstrekker Crelan juicht die zienswijze toe en onderschrijft het belang van vorming en goed advies. De zwaktes en bedreigingen zijn stuk voor stuk externe factoren: de hoge kostprijs, de prijsvorming waarop de boer geen invloed heeft, de schaarste aan landbouwgrond maar bijvoorbeeld ook prijsvolatiliteit, onzekerheid over regelgeving, milieubeperkingen en een gebrek aan vertrouwen in de overheid.

Naast de basisvragen die jaarlijks weerkeren als barometer van het ondernemersvertrouwen in land- en tuinbouw polst Crelan telkens ook naar een actueel thema. Ditmaal werd aan de respondenten gevraagd om een SWOT-analyse van hun beroep op te stellen. Landbouwers geven aan wat de sterkten en zwakten zijn voor hun bedrijven en detecteren opportuniteiten en bedreigingen.

De overheid zal het niet graag horen maar beleid en regelgeving worden in Vlaanderen als grootste bedreigingen ervaren. Meer specifiek gaat het rechtsonzekerheid, milieubeperkingen, een gebrek aan vertrouwen in de overheid en de recente wijzigingen van het Europees landbouwbeleid (GLB). Prijsvolatiliteit is de enige niet aan de overheid gerelateerde bedreiging die de top vijf haalt. Opmerkelijk is dat slechts een kwart van de respondenten het gebrek aan een overnemer een belangrijke bedreiging vindt. Een zwakke rendabiliteit, grondschaarste en allerhande controles op het bedrijf scoren veel hoger maar halen in Vlaanderen de top vijf net niet. In Wallonië staat prijsvolatiliteit op één (voor negen op de tien boeren een probleem), gevolgd door de zwakke rendabiliteit van het bedrijf, de wijzigingen aan het GLB en rechtsonzekerheid.

De generatiewissel in land- en tuinbouw lijkt door de bedrijfsleiders niet als een groot probleem te worden ervaren. Market manager land- en tuinbouw Stef Mertens zegt daarover het volgende: “Van de landbouwers die langer dan 20 jaar actief zijn heeft 21 procent in Vlaanderen en 30 procent in Wallonië een opvolger. De volgende generatie werkt in twee derde van de gevallen reeds mee op het landbouwbedrijf. De overname verloopt meestal in fases.” Toch ervaart Mertens het lage aantal starters in land- en tuinbouw als een probleem, “maar dat is in gans Europa zo”. Anderzijds zijn de jongeren die vandaag in de boerenstiel stappen meer ondernemer dan pakweg 20 jaar geleden en gaat het om erg professionele bedrijven die vandaag de dag overgenomen worden.

Een Vlaamse land- of tuinbouwer vindt de eigen rol – of het ontbreken daarvan – in de prijsvorming een grote zwakte. Andere zwaktes zijn de beschikbaarheid van landbouwgrond, de kostprijs per eenheid product, de conformiteit met milieuwetgeving en de afhankelijkheid van subsidies. Gelukkig scoren de Vlaamse boerderijen sterk op een aantal andere vlakken: de gezondheid van de bedrijfsleider, de efficiëntie van de bedrijfsvoering, de afzet die verzekerd is dankzij stabiele afnemers, de nodige vergunningen zijn aanwezig en ook over de eigen technische resultaten zijn boeren tevreden.

Heel wat landbouwers zien nog mogelijkheden om zich efficiënter te organiseren. Vier andere belangrijke opportuniteiten zijn het volgen van vorming, het automatiseren van bepaalde taken, het informatiseren van bedrijfsgegevens en het toepassen van precisielandbouw. Dat groei pas op de zesde plaats komt in Vlaanderen (idem in Wallonië, nvdr.) is een trendbreuk volgens market manager Stef Mertens. “In het verleden zagen Vlaamse landbouwers in groei een grotere opportuniteit maar het is een economisch gezond gegeven dat ze nu efficiëntieverbetering voorop plaatsen.” In Vlaanderen scoort het indekken van prijzen via termijnmarkten opvallend minder hoog dan in Wallonië, waar het bij (grote) akkerbouwers al beter ingeburgerd is. Ook voor thuisverkoop en de omschakeling naar bio is er in het zuiden van het land iets meer animo dan in Vlaanderen.

In moeilijke omstandigheden zijn er nog altijd land- en tuinbouwers die goed presteren. Zo verklaarde Mertens waarom ondernemers plannen blijven maken om te investeren in hun bedrijf hoewel het ondernemersvertrouwen (met acht punten) bergaf gaat in 2015. Uit de SWOT-analyse kan je dat inderdaad opmaken. Terwijl 18 procent van de Vlaamse en 28 procent van de Waalse landbouwbedrijven met een liquiditeitstekort kampt en een nog groter deel van de ondernemers niet tevreden is met de financiële resultaten scoort de rendabiliteit van het bedrijf toch hoog in het lijstje van sterktes. Het komt op de zesde plaats in Wallonië en de negende plaats in Vlaanderen en wordt door vijf, respectievelijk vier op de tien ondernemers genoemd.

Terwijl een Vlaamse boer al eens durft denken dat het in Wallonië nog ‘vrijheid blijheid’ is, geeft de enquête een ander signaal. De doorsnee Waalse collega-landbouwer duidt naast de prijsvolatiliteit, de zwakke rentabiliteit en de wijziging van het Europees landbouwbeleid ook rechtsonzekerheid, allerhande controles, milieubeperkingen en de niet landbouwgezinde omgeving aan als belangrijke bedreigingen voor zijn bedrijf.

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek