nieuws

Belgische boer verdient ruim een kwart minder in 5 jaar

nieuws
Het reële landbouwinkomen in de Europese Unie is dit jaar met zes procent gedaald. Per arbeidseenheid gaat het om een daling met 4,3 procent omdat ook het aantal arbeidskrachten in de sector lichtjes afneemt, zo meldt het Europese statistiekbureau Eurostat. België presteert over één jaar bekeken beter dan gemiddeld, met een stijging van de inkomsten per capita met 8,2 procent. Een cijfer dat de nodige nuancering verdient want zonder eenmalige crisissteun zou het landbouwinkomen verder achteruit boeren na een dramatisch jaar 2014. De cijfers liggen dus in de lijn van de inkomensraming die Boerenbond dit najaar maakte voor de Vlaamse boer en tuinder. Veelzeggend is de evolutie in vijf jaar tijd: Belgische landbouwers hebben 27,2 procent van hun inkomen moeten inleveren.
15 december 2015  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:25
Lees meer over:

Het reële landbouwinkomen in de Europese Unie is dit jaar met zes procent gedaald. Per arbeidseenheid gaat het om een daling met 4,3 procent omdat ook het aantal arbeidskrachten in de sector lichtjes afneemt, zo meldt het Europese statistiekbureau Eurostat. België presteert over één jaar bekeken beter dan gemiddeld, met een stijging van de inkomsten per capita met 8,2 procent. Een cijfer dat de nodige nuancering verdient want zonder eenmalige crisissteun zou het landbouwinkomen verder achteruit boeren na een dramatisch jaar 2014. De cijfers liggen dus in de lijn van de inkomensraming die Boerenbond dit najaar maakte voor de Vlaamse boer en tuinder. Veelzeggend is de evolutie in vijf jaar tijd: Belgische landbouwers hebben 27,2 procent van hun inkomen moeten inleveren.

De moeilijke omstandigheden in de zuivel- en de varkenssector schemeren ook in de Eurostat-cijfers door. Er is sprake van prijsdalingen in de EU van respectievelijk 14,9 en 8,9 procent. De prijzen van suikerbieten en korrelmaïs liggen zelfs een kwart lager dan in 2014. De productiewaarde van de landbouw lijdt daaronder (-2,5%), voornamelijk door een veehouderij die klappen krijgt (-5,9%) en dalende kosten (-2,4%) die dat onvoldoende compenseren. De slechte prijzen voor landbouwproducten doen het inkomen van de producenten gemiddeld met zes procent dalen. Uitgedrukt per arbeidskracht is de daling met 4,3 procent iets kleiner. In 15 van de 28 EU-lidstaten is er een inkomensdaling vergeleken met 2014.

Over iets langere termijn bekeken, ogen de cijfers van Eurostat nog minder gunstig. Tussen 2010 en 2015 ging het landbouwinkomen per arbeidskracht er 5,7 procent op achteruit. Slechts in tien lidstaten (o.a. Bulgarije, Slowakije, Tsjechië, Italië en Spanje) is er een positieve evolutie van het landbouwinkomen in deze tijdspanne. In 18 andere lidstaten vallen de maskers af, zo ook in België. De inkomensstijging met 8,2 procent het laatste jaar verbloemt de werkelijkheid. Belgische boeren moeten nu immers met ruim een kwart (-27,2%) minder inkomen vrede nemen. Zo zijn er nog meer lidstaten waar de evolutie het laatste jaar geen goede weerspiegeling is van de conjunctuur: Kroatië (+21,5% tegenover -17,3% in vijf jaar tijd; Letland (+14,3% tegenover -23,7%) en Estland (+3,2% versus -16,8%).

De resultaten voor België liggen in lijn met de Vlaamse cijfers die Boerenbond in september bekendmaakte. Ten opzichte van een extreem slecht 2014 (-19% in vergelijking met 2013) gaat het Vlaamse landbouwinkomen er nog een procentje op achteruit, zo klonk het toen. Het is uitsluitend aan de eenmalige toeslag van het Ketenoverleg te danken dat de evolutie van het Vlaams en nu ook het Belgisch landbouwinkomen niet in rode cijfers weergegeven wordt. Op voorwaarde tenminste dat de toeslag uitbetaald wordt want in de varkensketen zitten de onderhandeling over de uitbetalingswijze strop.

François Huyghe, economisch adviseur bij Boerenbond, verduidelijkt welke steun meegeteld werd door de FOD Economie en dus ook door Eurostat: "De toeslag uit het ketenoverleg voor de varkenshouderij waarover nog altijd gediscussieerd wordt in het ketenoverleg is in rekening gebracht, net zoals de Europese crisissteun. Samen gaat dat om meer dan 18 miljoen euro. Voor fruit is 8,1 miljoen euro aan interventiemaatregelen voor appels en peren meegeteld in het inkomen. Voor rundvlees gaat de EU-steun richting 8 miljoen euro en tel je in de melkveehouderij het uitzonderlijke crisisbudget op bij de toeslag uit het ketenoverleg, dan kom je uit op 48,4 miljoen euro. In totaal spreken we over 83 miljoen euro aan extra, eenmalige subsidies die toegevoegd worden aan het landbouwinkomen van 2015."

Kijken we naar de evolutie in andere lidstaten, dan zijn het vooral de Duitse boeren die de broeksriem moeten aanhalen. Zij leverden 37,6 procent in de voorbije maanden. Willen de Duitsers betere tijden oprakelen, dan moeten ze al diep nadenken want tussen 2010 en 2015 hebben ze 35,3 procent aan inkomen ingeboet. Andere lidstaten waar de landbouwers op korte en middellange termijn slechte zaken doen, zijn Polen, Luxemburg, Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Roemenië. Bovenaan de tabellen van Eurostat prijken voor 2015 de Kroatische, Letse en Griekse boeren. Een top drie die er op middellange termijn helemaal anders uitziet: Italië, Tsjechië en Bulgarije. Dat zijn drie landen waar de boerenstand niet mag klagen in vergelijking met de collega's elders in Europa.

Meer info: Eurostat

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek