nieuws

"Achteruitgang van beschermde natuur is gestopt"

nieuws
In Vlaanderen is de achteruitgang van de Europees beschermde natuur gestopt. Dat zegt het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) in een jaarlijkse evaluatie. "Tegelijkertijd hebben van de 47 voorkomende types habitat, een set van plantensoorten die samen moeten voorkomen, op dit moment slechts vijf een gunstige toestand", nuanceert Gerald Louette (INBO).
21 oktober 2013  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:23
Lees meer over:

In Vlaanderen is de achteruitgang van de Europees beschermde natuur gestopt. Dat zegt het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) in een jaarlijkse evaluatie. "Tegelijkertijd hebben van de 47 voorkomende types habitat, een set van plantensoorten die samen moeten voorkomen, op dit moment slechts vijf een gunstige toestand", nuanceert Gerald Louette (INBO).

Het gaat om bijvoorbeeld duinstruwelen, slikwadden of diepe kalkhoudende wateren van vroegere zandwinningsputten. "Er moet nog veel gebeuren om alle 47 typen in een gunstige toestand te krijgen. Dat neemt niet weg dat zeven habitattypes die momenteel nog in een ongunstige toestand verkeren, wel een verbetering vertonen ten opzichte van de vorige evaluatie." Het gaat in dat geval onder meer over kalkgraslanden, landduinen, duinpannen en valleibossen.

Het INBO zegt wel dat er globaal gesteld kan worden dat de achteruitgang van de habitattypes is gestopt. Toch wijst de wetenschappelijke instelling erop dat gericht beheer van achteruitgaande soorten moet toelaten dat er in 2020 minstens een verdubbeling is van het aantal verbeterde beoordelingen, om te voldoen aan de Europese en Vlaamse doelstellingen. 2050 is dan weer de ultieme deadline om alles in een gunstige status te krijgen.

Op andere fronten is er minder rooskleurig nieuws. In Vlaanderen is 62 procent van de zoetwatervissen bedreigd of uitgestorven. Van de 42 geëvalueerde zoetwatervissen en prikken worden er drie soorten als "regionaal uitgestorven" beschouwd, terwijl er acht "ernstig bedreigd" zijn, twee "bedreigd" en acht "kwetsbaar". Daarnaast worden nog eens vijf soorten beoordeeld als "bijna in gevaar", terwijl vijftien soorten momenteel niet in gevaar zijn. Het verdwijnen of achteruitgaan van soorten is volgens het INBO een gevolg van de afname van de oppervlakte geschikt habitat en van de dalende habitatkwaliteit.

Door de verbeterde waterkwaliteit van het Schelde-estuarium komt fint en zeeprik wel opnieuw voor. Ondanks de jaarlijkse bepoting met glasaal, is de paling daarentegen in de categorie "ernstig bedreigd" terechtgekomen. Uit het Natuurindicatoren-rapport blijkt verder dat in bijna twee derde van het Natura-2000 areaal (65.000 hectare) er een overschrijding is van de kritische stikstofdeposities.

Tot slot nog een positieve noot: één van de doelstellingen van het MINA-plan, om 70.000 hectare kwaliteitsvolle natuur onder natuurbeheer te realiseren, is al voor 96 procent gerealiseerd. De toename met 4.122 hectare ten opzichte van 2011, het begin van de planperiode, resulteerde in 67.525 ha beheerde natuur. "De oppervlakte nam het meest toe bij de bossen in eigendom van derden met een goedgekeurd beheerplan (+2.704 hectare), maar ook de domeinbossen met een goedgekeurd beheerplan conform de criteria duurzaam bosbeheer (+776 hectare) en de erkende natuurreservaten (+424 hectare) deden het voortreffelijk", aldus Heide Demolder van INBO.

Meer info: Natuurindicatorenrapport 2013

Bron: Belga

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek