AB InBev-families willen niet verkopen
nieuwsDe Belgische families willen hun belang in AB InBev niet afbouwen. Dat meldt een vooraanstaand familielid aan het weekblad Trends. Begin vorige maand wees het Nederlandse zakenblad FEM erop dat de Belgische en Braziliaanse referentieaandeelhouders hun belang in de wereldbrouwer verder kunnen afbouwen tot dertig procent.
Maar de families denken dus niet aan een verkoop. Recent werden weliswaar aandelen verkocht, maar dat heeft te maken met de kapitaalverhoging van eind 2008 naar aanleiding van de overname van Anheuser-Busch. De families wilden absoluut verwatering vermijden en leenden daarom geld voor die overname. Om die leningen af te lossen, verkopen de families nu aandelen.
Dat verklaart de aandelenverkoop, die sinds 11 juni begon, exact zes maanden na de afsluiten van de kapitaalverhoging. Voor de verkoop gold immers een sperperiode van zes maanden. De Braziliaanse aandeelhouders verkochten die dag voor 253,2 miljoen euro AB InBev-aandelen.
Bij een aandelenkoers van 28 euro, en in de veronderstelling dat het volledige bedrag voor de overname van Anheuser-Busch zou geleend zijn, moeten de referentieaandeelhouders nog 87 miljoen aandelen verkopen. Daarna zullen ze nog ruim de helft van de aandelen in hun bezit hebben, circa 808 miljoen aandelen op een totaal van 1,6 miljard.
Daarmee blijven ze ruim boven de drempel van dertig procent. Volgens de Belgische wetgeving moet een aandeelhouder die onder de 30 procent zakt, en er later weer boven komt, een verplicht uitkoopbod lanceren.
Bron: Trends