nieuws

Wat leert een simulatie van vraag naar mestverwerking?

nieuws
Een vijfde van de in Vlaanderen geproduceerde mest wordt verwerkt. Neemt de mestproductie toe of worden de bemestingsnormen strenger, dan stijgt de vraag naar verwerking. Maar waar is het inplannen van die extra capaciteit het meest aangewezen? Het Departement Landbouw en Visserij en de Universiteit Gent verschaffen inzicht in het samenspel tussen landbouwersgedrag, (mest)beleid en mestverwerking.
19 juli 2013  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:11
Lees meer over:

In Vlaanderen wordt een vijfde van de geproduceerde mest verwerkt. Neemt de mestproductie toe of worden de bemestingsnormen strenger, dan stijgt de vraag naar verwerking. Maar waar wordt die extra capaciteit best ingepland? Het Departement Landbouw en Visserij en de Universiteit Gent verschaffen inzicht in het samenspel tussen landbouwersgedrag, (mest)beleid en mestverwerking.

Door het belang van veehouderij in Vlaanderen werd in 2010 voor elke hectare beschikbare landbouwgrond 187 kilo stikstof geproduceerd. Gelet op de Nitraatrichtlijn wordt er dus meer dierlijke mest geproduceerd dan er kan worden uitgereden. Dankzij mestverwerking is de mestbalans sinds 2008 toch in evenwicht. Wat niet op landbouwgrond kan worden gebruikt, wordt verwerkt tot luchtstikstof of vindt zijn weg (al dan niet na verwerking) naar het buitenland, een park of particuliere tuin.

"Mestverwerking is bijgevolg cruciaal in het vinden van het evenwicht in de mestbalans", concluderen de landbouwadministratie en de UGent in een nieuw rapport. Bij stijgende mestproductie of strenger wordende bemestingsnormen zal de vraag naar mestverwerking stijgen. De inplanting van de installaties is dan van belang want voor een succesvolle mestverwerking is een gegarandeerde instroom aan mest nodig.

Om de totale behoefte aan mestverwerking in te schatten, tezamen met de ruimtelijke spreiding van deze behoefte, wordt gebruikgemaakt van het mestallocatiemodel dat ontwikkeld is door UGent en ILVO. De resultaten tonen aan dat beleidskeuzes een belangrijke impact hebben op de mestmarkt, de mestbalans en dus de verwerkingsbehoefte. Vooral van een eventuele niet-verlenging van de derogatiemaatregel is de impact groot. De mestafzetruimte daalt dan zo sterk dat de behoefte aan verwerking met een derde toeneemt.

Bij een verlaging van de fosfaatbemestingsregels is de impact minder groot. Momenteel is op sectorniveau stikstof het limiterende nutriënt en zal er bij een kleine afname van de fosfaatbemestingsruimte geen directe impact zijn op het mestoverschot. Pas wanneer fosfaat het beperkende element wordt, zal de vraag naar mestverwerking toenemen.

Ook de impact van het landbouwersgedrag werd onderzocht in dit rapport. Een verandering in het aantal dieren zal een directe impact hebben op de vraag naar mestverwerking. Zo zal een toename van de melkproductie met 20 procent, in het scenario waarbij de fosfaatbemestingsnormen zijn verlaagd maar derogatie nog mogelijk is, de vraag naar mestverwerking met een kwart verhogen. Onder dezelfde omstandigheden maar zonder de mogelijkheid tot derogatie stijgt de vraag naar mestverwerking met bijna 50 procent.

Meer info: Vraag naar mestverwerking onder MAP IV 

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek