Vlaamse plattelandsgemeenten overhandigen eisenbundel
nieuwsDe Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) overhandigde donderdag aan Kris Peeters, Vlaams minister-president en bevoegd voor plattelandsbeleid, het 'Manifest van de plattelandsgemeenten'. In dit manifest pleiten de plattelandsgemeenten voor meer draagkracht. Minister-president Peeters benadrukte dat de Vlaamse regering zal nagaan hoe de plattelandsgemeenten kunnen worden geholpen in hun basisopdrachten.
Het manifest bevat een aantal knelpunten waar de Vlaamse plattelandsgemeenten mee worden geconfronteerd, zoals onvoldoende financiering, het gebrek aan personeel en de grote planlasten. Heel wat van deze gemeenten hebben de voorbije jaren hun takenpakket steeds zien groeien zonder dat daarmee een evenredige groei van middelen gepaard ging.
"Daarom staat in het Vlaams regeerakkoord dat er een plattelandsfonds zal worden opgericht dat bijkomende middelen moet voorzien", antwoordde Peeters. Momenteel wordt er door de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) in samenwerking met de universiteiten van Antwerpen en Leuven nagegaan hoe dit plattelandsfonds er kan uitzien. "De opmaak van een decretale basis voor het fonds zal in samenspraak met de gemeenten gebeuren, zodat de inzichten van de gemeenten vertolkt worden in het fonds", verzekerde Peeters.
De uitgangspunten voor het creëren van dit fonds, dat zich zal richten tot een afgelijnde groep van gemeenten, zijn ten eerste het takenpakket en de financiering van de plattelandsgemeenten beter op elkaar afstemmen en ten tweede het vermijden van extra planlasten. Vandaag moeten gemeenten heel wat beleidsplannen opmaken, maar vaak ontbreekt het hen echter aan voldoende (gekwalificeerd) personeel.
Bij het creëren van het plattelandsfonds zal bovendien rekening worden gehouden met de resultaten van de interne staatshervorming. Dit proces staat ingeschreven in het Vlaams regeerakkoord en heeft als doel tot goede taakafspraken te komen met de lokale en provinciale besturen. Op die manier kan het aantal bestuurslagen per beleidssector gereduceerd worden tot maximaal twee.
Verder onderstreepte de minister dat de plattelandsgemeenten een belangrijke actor zijn in het bewaren van de open ruimte. Dit gegeven leidt er echter toe dat zij minder middelen kunnen genereren aangezien er minder economische bedrijvigheid is. "Het is noodzakelijk dat deze gemeenten dan ook ondersteund worden voor het feit dat zij mee zorg dragen voor het behoud van de open ruimte", aldus Peeters.
Er wordt ook gewerkt aan een bestuurskrachtmonitor die de gemeenten moet in staat stellen om zich met elkaar te vergelijken met als doel van elkaar te leren. Behalve het gebrek aan bestuurskracht blijkt immers evenzeer dat plattelandsgemeenten ondanks dezelfde uitgangssituatie toch verschillend met deze situatie omgaan.