nieuws

VLM blaast 25 kaarsjes uit in Antwerpse zoo

nieuws
De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) viert dit jaar zijn vijfentwintigste verjaardag. Ter gelegenheid van het zilveren jubileum nodigde het heel wat stakeholders en oude getrouwen uit in de Antwerpse zoo voor een seminar dat luisterde naar de veelzeggende naam 'Een plattelandsodyssee – 25 jaar VLM'. De organisatie stelde er ook een nieuwe belevingsgids over het Vlaamse platteland voor.
9 december 2013  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:13

De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) viert dit jaar zijn vijfentwintigste verjaardag. Ter gelegenheid van het zilveren jubileum nodigde het heel wat stakeholders en oude getrouwen uit in de Antwerpse zoo voor een seminar dat luisterde naar de veelzeggende naam 'Een plattelandsodyssee – 25 jaar VLM'. De organisatie stelde er een nieuwe belevingsgids over het Vlaamse platteland voor.

De Vlaamse Landmaatschappij zag in 1988 het levenslicht, precies 25 jaar geleden. Om dat te vieren, organiseerde het een seminar dat zowel terugblikte naar het verleden als vooruitkeek naar wat nog komen moet. Enkele getuigenissen van (oud-)medewerkers maakten duidelijk welke weg de VLM doorheen al die jaren heeft afgelegd. Het mestdecreet en de afbakening van het hele Vlaamse grondgebied als 'kwetsbaar' zou de bedrijfsvoering van de Vlaamse boeren grondig beïnvloeden.

Zo herinneren François Stuyckens en Kristof Merckx, respectievelijk ere-inspecteur-generaal en diensthoofd regio Oost van de Mestbank, zich hoe het mestdecreet door boeren werd afgedaan als "niet meer dan een rondje boeren pesten", door de beperkingen die de boeren plots kregen opgelegd. Dat alles met het oog op de waterkwaliteit van het oppervlakte- en grondwater, de geuroverlast en de mestoverschotten. Boeren stoorden zich aan de lawine van regeltjes, maar de VLM heeft steeds gepoogd zijn beleid toe te spitsen op de realiteit, aldus Merckx, waardoor dat beleid een weerspiegeling is van de realiteit - verscheiden en complex.

Ook de werking veranderde grondig. Merckx herinnert zich hoe er nog niet zo gek lang geleden jaarlijks 150.000 faxen werden verzonden, terwijl alles tegenwoordig online via het e-loket verloopt. Ondertussen werd er wel degelijk vooruitgang geboekt: de kwaliteit van de waterlopen gaat traag maar zeker vooruit. Ook wat betreft de nitraatresidu’s is er beterschap. Het grootste risico is volgens Merckx dat de regelgeving zodanig ingewikkeld wordt dat boeren onverschillig worden. "Zolang ik boeren op infovergaderingen hun meetresultaten hoor uitwisselen, maak ik me geen zorgen", zegt Merckx daarover. "Want het mestvraagstuk moeten we samen met de boeren oplossen, dat kunnen we niet alleen."

Tijdens een rondetafelgesprek lieten verschillende betrokkenen hun licht schijnen op de uitdagingen waarmee de VLM werd en wordt geconfronteerd. Professor Hubert Gulinck (KU Leuven) bracht in herinnering dat alle VLM-diensten van op nul zijn begonnen. Geleidelijk aan werd de werking geprofessionaliseerd en kwam er ook voldoende wetenschappelijke fundering. Volgens Lodewijk De Witte, gouverneur van Vlaams-Brabant, is de VLM er daarenboven in geslaagd zich steeds aan te passen aan een veranderende context en nam het tegelijk ook verschillende belangen mee op in hun werking.

Ook Mark Suykens, directeur van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG), onderstreept het belang van een breed gedragen beleid waarin verschillende belangen samenkomen. Volgens Suykens slaagt VLM er goed in visie te ontwikkelen vanuit de praktijk, om ter plekke het proces op gang te brengen. Suykens hield een pleidooi voor een transversaal beleid, want het Vlaamse beleid is al te vaak te verticaal, aldus de VVSG-directeur: "Wildgroei aan regels is een symptoom van een gebrek aan vertrouwen. Verlaag de regellast!"

Volgens Dirk Coomans, coördinator van het Coördinatiecentrum Voorlichting en Begeleiding duurzame Bemesting (CVBB), moet VLM voldoende empathie aan de dag leggen, verwijzend naar het mestdecreet: "De regels die je oplegt, kunnen pas werken als je ook voldoende inlevingsvermogen toont en genoeg rekening houdt met de realiteit van de boer. Laten we niet vergeten dat een écht duurzame landbouw begint bij een economisch gezond landbouwbedrijf. Er moet meer ruimte zijn voor samenwerking: we komen nergens als we de verschillende stakeholders van de mestproblematiek tegen elkaar uitspelen."

Verder stelde VLM ook nog 'Plezant platteland' voor, een belevingsgids die je naar 25 aantrekkelijke plekjes op het Vlaamse platteland brengt, vijf in elke provincie. De geselecteerde gebieden zijn stuk voor stuk zones die de afgelopen jaren, mede dankzij de tussenkomt van de VLM, een gedaanteverwisseling ondergingen, denk maar aan de aanleg van wandel- en fietspaden, tot meer drastische ingrepen om het ecologisch evenwicht te herstellen. Per locatie lees je meer over de geschiedenis en de evolutie van het landschap. De teksten worden aangevuld met sfeerfoto’s en handige kaartjes.

Het eerste exemplaar van ‘Plezant platteland’ werd overhandigd aan Vlaams minister Joke Schauvliege, die niets dan lof had voor de jarige organisatie: "De VLM beschikt over krachtige instrumenten en talentvolle medewerkers om de complexe projecten tot een goed einde te brengen." Toch ziet de minister nog heel wat uitdagingen: "Als we intensief willen blijven produceren en genieten op onze beperkte oppervlakte, moet er nog een tand bijgestoken worden. De toenemende druk op de open ruimte en de toenemende kwaliteitseisen die de verschillende ruimtegebruikers stellen, maken dat we heel slimme oplossingen moeten bedenken om de toekomstige uitdagingen effectief aan te pakken."

Lees meer over 25 jaar VLM in een geVILT-interview met Toon Denys (gedelegeerd bestuurder VLM) & Ria Gielis (afdelingshoofd Mestbank).

Een exemplaar van 'Plezant Platteland' kan u hier bestellen.

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek