VIB wil op ggo-debat wegen met onderbouwde informatie
nieuwsOndanks de pioniersrol van Europa bij de ontwikkeling van de ggo-technologie, staat het oude continent vandaag slechts in voor 0,08 procent van het wereldwijde areaal genetisch gewijzigde gewassen. Publieke ongerustheid en politieke besluiteloosheid liggen daaraan ten grondslag. VIB wil het debat terug naar de essentie leiden door via een nieuwe website wetenschappelijk onderbouwde informatie te verstrekken.
Eind jaren '70 ontdekten onderzoekers van de Gentse Universiteit een techniek om doelgericht genetische informatie in te bouwen in het DNA van planten. Deze kennis leidde tot de ontwikkeling van genetisch gewijzigde gewassen. De nieuwe technologie bracht het onderzoek naar plantengroei en -ontwikkeling in een stroomversnelling, en leidde tot nieuwe mogelijkheden om de productiviteit van landbouwgewassen te verbeteren.
De ontwikkeling en introductie van genetisch gewijzigde gewassen lokte ook veel tegenstand uit. "Groeperingen, die omwille van ideologische en/of politiek-sociale redenen gekant zijn tegen ggo’s, voeden het debat met misleidende informatie. Op zijn beurt leidde dit tot politieke besluiteloosheid en publieke ongerustheid", constateert het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB).
De onderzoeksinstelling gaat daar tegenin door wetenschappelijk onderbouwde informatie te verspreiden. Hiervoor lanceert VIB een nieuwe website die informatie rond plantenbiotechnologie verzamelt. Bezoekers zullen er achtergronddossiers, teksten rond actuele thema's en ‘wist-je-datjes’ terugvinden. Het eerste van een reeks achtergronddossiers behandelt de impact van genetisch gewijzigde katoen op de Indiase samenleving.
De laatste tien jaar beleeft de katoenteelt er een opmerkelijk groeiverhaal: de productie, de opbrengst per hectare en de totale oppervlakte waarop katoen wordt verbouwd, stegen naar recordhoogtes. De Indiase katoenboeren produceren 21 procent van alle katoen, alleen de Chinezen doen beter.
Vanzelfsprekend is er meer dan één reden waarom de katoenteelt in India in de lift zit. "Wie echter de cijfers bekijkt, zal opmerken dat die groei samenvalt met de introductie van Bt-katoen, een katoensoort waarin genen werden ingeplant van de bodembacterie Bacillus thuringiensis. Deze genen produceren eiwitten die de plant beschermen tegen de bolworm, een notoir belager van de katoenplant", aldus VIB.
Bt-katoen werd officieel in India toegelaten vanaf het groeiseizoen 2002-2003 en beslaat ondertussen 87 procent van het katoenareaal. Zeven van de acht miljoen Indiase katoenboeren kozen in 2011 voor Bt-katoen. Deze meestal kleine boeren telen katoen op een gemiddelde landbouwoppervlakte van 1,5 hectare. "Onderzoek wijst uit dat de Indiase boer die Bt-katoen teelt minder insecticide sproeit en een hogere opbrengst bereikt", somt VIB de voordelen op. Dat vertaalt zich onder meer in een daling (-88%) van het aantal pesticidenvergiftigingen.
Toch heeft Bt-katoen hevige tegenstanders. Zij zien een verband tussen de gemodificeerde katoen en het hoge zelfmoordcijfer bij Indiase boeren. De ggo-katoen zou de beloftes niet waarmaken terwijl de boeren wel schulden hebben bij multinationals door het aankopen van duur zaaigoed. VIB weerlegt dat en zegt dat er geen verband bestaat met het feit of boeren al dan niet Bt-katoen telen. "Er zijn andere factoren die een veel belangrijkere rol spelen. Het gebrek aan betaalbare kredieten en het ontbreken van enig sociaal vangnet om mislukte oogsten op te vangen, zijn de meest prominente."
VIB behoedt zich ervoor om Bt-katoen als een mirakeloplossing af te schilderen. "Er is zonder meer lokale variatie in de opbrengst per hectare en katoenboeren worden niet altijd goed voorgelicht over de voor- en nadelen van de katoenzaden die ze kopen. Bovendien blijft de katoenteelt in zijn geheel milieubelastend omwille van zijn hoog waterverbruik. De teelt van Bt-katoen vormt daar geen uitzondering op."
Meer info: VIB-achtergronddossier ggo-katoen