Sierteeltonderzoek al 25 jaar gebundeld in Destelbergen
nieuwsAl 25 jaar wordt het sierteeltonderzoek gebundeld in het Proefcentrum voor Sierteelt in Destelbergen. Het centrum specialiseert zich in de vertaling van wetenschappelijke kennis naar concrete oplossingen voor bedrijven. “Het innovatiepercentage in de sierteelt is zowat het hoogste van heel de Vlaamse landbouw”, illustreerde Frans Coussement, adviseur van minister-president Peeters, het belang van het PCS.
Sinds 1988 is alle praktijkonderzoek in de sierteelt gebundeld op één locatie. Het Oost-Vlaamse Destelbergen werd vanaf dan de thuisbasis voor de Proeftuinen voor Bloemisterij, Boomkwekerij en Snijbloemen, het Proefstation voor de Tuinbouw BVO en de coöperatieve vennootschap voor stek- en enthout Costentpark. Eind 2004 werden ze samengebracht onder één vzw met als naam Proefcentrum voor Sierteelt (PCS).
Het PCS werkt sindsdien voor een zeer diverse sector: van snijbloemen en potplanten in serres over Gentse azalea’s, perkplanten, potchrysanten, knolbegonia’s en boomkwekerij tot en met de tuinaannemers en openbare groendiensten. Al die sectoren kunnen met hun vragen terecht bij het PCS. “Er is een nauwe samenwerking met de telers en de groenvoorzieners zelf. Zo hebben we zicht op hun kennisnoden. Telers worden per sector ook betrokken bij het uitwerken van proeven. En via demonstraties op hun bedrijven kunnen ze met eigen ogen de waarde van innovaties inschatten”, legt Alexander Vercamer uit, die als Oost-Vlaams gedeputeerde voor Landbouw voorzitter is van het PCS.
Ook Sonja De Becker, ondervoorzitter van Boerenbond, loofde de werking van het PCS op de viering voor 25 jaar sierteeltonderzoek in Destelbergen. “Het proefcentrum is een typevoorbeeld in zijn soort. De siertelers en groenvoorzieners zitten mee aan het stuur van het PCS via de Technische Comités. En ook de onderzoekers en voorlichters van het PCS staan midden in het veld om zo de vinger aan de pols te houden. Op die manier vormt het proefcentrum de hoeksteen van de sierteelt in Vlaanderen."
Er is niet alleen samenwerking met de telers zelf. “Sommige uitdagingen vragen eerst nog diepgaander onderzoek, wat vaak wordt aangepakt met de onderzoekspartners in de Technopool Sierteelt. Een netwerk van kennisinstellingen in het buitenland laat het PCS dan weer toe om de nieuwste technologische evoluties snel op te pikken en te laten doorstromen naar de Vlaamse bedrijven”, aldus voorzitter Vercamer.
Volgens PCS-directeur Bruno Gobin zal innovatie ook in de toekomst het verschil moeten blijven maken. "In het verleden kwam het er op aan om kwalitatief te telen met ‘meer’: mechanisering, automatisering, controle en sturing. Voor de toekomst blijft kwaliteit belangrijk, maar ‘minder’ wordt het codewoord: minder energie, minder grondstoffen, minder water, enz.” Gobin beloofde om met zijn team de komende jaren de maatschappelijke uitdagingen te blijven aangaan. “Wij willen de onderzoeksnoden op lange termijn detecteren zodat de sierteelt de sterk innovatieve tuinbouwsector kan blijven die het momenteel is.”
Het PCS krijgt steun uit diverse hoeken. De Vlaamse overheid en de provincie Oost-Vlaanderen zorgen voor een belangrijke basisfinanciering voor het praktijkonderzoek, naast gerichte demonstratieprojecten. Via het IWT en recent ook Europa worden tal van onderzoeks- en voorlichtingsprojecten opgestart. Er is ook een belangrijke ondersteuning vanuit de sector: Boerenbond en AVBS, de Koninklijke Maatschappij voor Landbouw en Plantkunde en KBC staan garant voor cofinanciering van praktijkonderzoek en projecten.
De Vlaamse sierteeltsector telt zo’n 1.800 telers op slechts 6.600 hectare. Toch genereert de sierteelt een productiewaarde van ongeveer 500 miljoen euro.