Sector tackelt argumenten van paardenvleescampagne GAIA
nieuwsFEBEV, de Federatie Belgisch Vlees, en Chevideco, de Belgische marktleider in paardenvlees, weerleggen met klem de aantijgingen die dierenrechtenorganisatie GAIA doet over het welzijn van paarden voor Belgische consumptie. “De grote argumenten van GAIA zijn een gebrek aan traceerbaarheid en geen verdoving bij het slachten”, aldus FEBEV. “Beide aantijgingen zijn pertinent onwaar.”
De sector is ontzet over de beelden die GAIA op zijn website zette. “We zien onder andere paarden in situaties waarin ze getest worden voor gebruik als trekpaard, dus niet op het moment dat ze naar het slachthuis gaan. Dat neemt niet weg dat deze beelden getuigen van wantoestanden, waar wij als sector al jaren tegen ingaan. Wij keuren elk geweld tegen paarden af”, duidt Thierry Smagghe, gedelegeerd bestuurder van FEBEV.
De sector heeft de laatste jaren enorme inspanningen geleverd om de traceerbaarheid en kwaliteit van paardenvlees te garanderen en het dierenwelzijn te verbeteren. GAIA stelt enkele excessen voor als de gangbare manier van werken. Voor de sector is dit onaanvaardbaar.
Chevideco, de Belgische marktleider waarop GAIA zijn pijlen richt, startte al in 2011 met een lastenboek waarin onder meer vereisten staan opgenomen voor paardenwelzijn tijdens transport en tijdens het slachten. “Wij waren daarmee de eerste in België en we mogen stellen dat de Belgische paardensector wereldwijd een voortrekkersrol hierin opneemt”, zegt Olivier Kemseke, directeur van Chevideco. “Het doet pijn dat GAIA ons met onwaarheden aanvalt in hun perscommuniqué.”
De paardenvleesspecialist weerlegt dat paarden op een onaanvaardbare manier geslacht worden. “Paarden, zoals bijna alle dieren voor consumptie trouwens, worden bij ons geslacht met een verdovingspistool”, aldus Kemseke. “Tot vandaag wordt dat door de Orde der dierenartsen nog altijd aanzien als de meest humane manier om dieren te slachten.” Chevideco werkt met met het keuringsorgaan Vinçotte voor de controle op de eisen in zijn lastenboek. “Leveranciers die niet voldoen, hebben we al aan de deur gezet.”
Daarnaast beweert GAIA dat de traceerbaarheid van paardenvlees zich in tegenstelling tot bij rundvlees beperkt tot het slachthuis. Ook dit wordt door de sector als onwaar afgedaan. Smagghe: “Elk paard heeft een chip en een eigen paspoort met alle medische behandelingen die het paard heeft gekregen. Beiden moeten overeenstemmen.” Dit is een Europese richtlijn die zowel door de lidstaat als door de Europese overheden wordt gecontroleerd.
“De sector heeft de laatste jaren forse inspanningen geleverd om de hele voedselketen van het paardenvlees in kaart te brengen en te controleren. Elke kilogram vlees kunnen we traceren. Van welk dier komt het? Wie heeft het paard aangeleverd? Deze vragen kunnen we in enkele seconden beantwoorden door ons performant IT-systeem. We vinden het dan ook jammer dat GAIA ervoor kiest om het misbruik van enkelen voor te stellen als een wijdverspreid fenomeen.”