nieuws

OESO rapporteert verbetering milieu-impact landbouw

nieuws
OESO put hoop uit de betere milieuprestaties van de landbouw. Tussen 1990 en 2010 is de landbouw in de welvarende OESO-landen per eenheid product minder kunstmest en pesticiden gaan gebruiken en spaarzamer gaan omspringen met energie en water. Toch is er nog een lange weg af te leggen.
15 juli 2013  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:11
Lees meer over:

OESO put hoop uit de betere milieuprestaties van de landbouw. Tussen 1990 en 2010 is de landbouw in de welvarende OESO-landen per eenheid product minder kunstmest en pesticiden gaan gebruiken en spaarzamer gaan omspringen met energie en water. Milieuvriendelijke landbouwpraktijken, bijvoorbeeld op het vlak van irrigatie en mestopslag, vonden ruimer ingang. Toch is er nog een lange weg af te leggen.

Boeren en tuinders in ontwikkelde economieën produceren milieuvriendelijker dan in de jaren '90, schrijft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een lijvig rapport. Daarin wordt onder meer becijferd dat de verkoop van gewasbeschermingsmiddelen (uitgedrukt in ton actieve stof) in de periode van 2000 tot 2010 gedaald is met 1,1 procent per jaar. Het voorgaande decennium steeg de afzet nog steeds met 0,2 procent.

De verklaring moet gezocht worden in een combinatie van factoren, verschillend naargelang de OESO-lidstaat. Spelen een rol: de gebruikers van gewasbeschermingsmiddelen zijn beter opgeleid, landbouwsubsidies werden ontkoppeld van productie, goede landbouwpraktijken raakten ingeburgerd, op gewasbeschermingsmiddelen worden taksen geheven, de industrie bracht betere middelen op de markt die selectiever en in lagere doses werken, enz.

Het meststoffengebruik vermindert al twee decennia, maar sinds 2000 worden nutriëntenoverschotten aan een hoger tempo teruggedrongen. Dat verkleint de aan landbouw gerelateerde vervuiling van bodem, water en lucht. OESO plaatst wel twee kanttekeningen. Tussen de OESO-lidstaten zijn de verschillen in meststoffengebruik groot. België en Nederland kampen bijvoorbeeld met nutriëntenoverschotten, terwijl een land als Hongarije zich vooral zorgen moet maken over de impact van het fosfortekort op de bodemvruchtbaarheid.

Ten tweede merkt OESO op dat het stikstof- en fosforgehalte per hectare landbouwgrond nog steeds hoog ligt, wat de eerste oorzaak is van verliezen naar het milieu. Specifiek voor fosfaat stelt zich een bijkomend probleem. Dit nutriënt heeft zich opgestapeld in de bodem zodat het fosfaatgehalte in het oppervlaktewater nog decennia kan toenemen vooraleer de inspanningen zichtbaar vruchten afwerpen.

In sommige regio's is er onvoldoende vooruitgang geboekt, steekt OESO haar ontgoocheling niet onder stoelen of banken. Daar moeten beleidsmakers en sector nog grote inspanningen doen, bijvoorbeeld om de waterkwaliteit te verbeteren of voor de instandhouding van broedvogels op het platteland. Ook de betere leerlingen van de klas staan voor een uitdaging omdat het verminderd inputgebruik zich (nog) niet vertaald heeft in een aanvaardbare milieukwaliteit. De parameters waaruit de milieudruk van landbouw wordt afgeleid, zijn nog steeds te hoog.

De voorspelde stijging van de voedselprijzen houdt volgens OESO het gevaar in dat boeren - in een 'business as usual' scenario - hun productie opvoeren. De druk van landbouw op de omgeving kan zo opnieuw toenemen. Een deel van de lagere milieu-impact is nu immers te wijten aan de groeivertraging van de landbouw in vergelijking met de jaren '90. De uitdaging voor nationale overheden zit hem daarom in het omlaag brengen van de milieukosten terwijl de productie gelijktijdig omhoog moet om voedselzekerheid te garanderen.

Meer info: OECD Compendium of Agri-environmental Indicators

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek