"Elk bedrijf moet eigen groeipad kunnen kiezen"
nieuwsTijdens de slotdag van Agriflanders werden Guido Veys, voorzitter van Milcobel, en Paul Vanhengel, manager milk supply van FrieslandCampina Belgium, uitgenodigd door Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche voor het dagelijkse landbouwpraatje. Centraal stond de vraag of de melkveehouderij nog toekomst heeft in Vlaanderen. Het antwoord luidde volmondig ja.
In het najaar van 2012 was Milcobel nog kop van Jut omwille van de lage melkprijs die het uitbetaalde aan haar leden. De coöperatie werd toen geviseerd omdat ze wordt gezien als prijszetter: andere zuivelbedrijven stemmen hun prijs af op die van Milcobel. Tijdens het Boerenbondpraatje bevestigde Paul Vanhengel dit. “Ik wil daarmee niet meteen zeggen dat het Milcobel is die de melkprijs bepaalt en wij die blindelings volgen. Beter is om te zeggen dat Milcobel bepalend is voor de melkprijs: is de Milcobel-prijs hoog, dan zullen de private zuivelbedrijven in ons land ook eerder een hoge melkprijs noteren en omgekeerd.”
De vraag die daarop volgde, polste naar het belang van de maandelijkse melkprijsvergelijking. “Mij lijkt het debat rond de melkprijsvorming veel belangrijker dan het debat rond de melkprijs”, begon Vanhengel. Een stelling die op bijval kon rekenen van Vanthemsche en Veys. “Wij trachten onze boeren goed te informeren over trends in de prijsvorming, niet zozeer over dagprijzen. We zullen ons ook steeds vragen blijven stellen over de manier waarop de melkprijs tot stand komt en welke marge er voorzien is voor de melkveehouder”, aldus voorzitter Vanthemsche.
Volgens Guido Veys komt het er als zuivelonderneming op aan om te kijken hoe er wordt gepresteerd in de markt en in welke omgeving men opereert. “Dat is bepalend voor de melkprijs. Bovendien moeten we ons ook de vraag durven stellen hoe belangrijk we het vinden om zuivelverwerking in de eigen regio te handhaven, een soort beslissingscentrum in eigen land.”
Over de afschaffing van de melkquota in 2015 is al veel gesproken en geschreven. FrieslandCampina verwacht dat haar melkleveraars tussen nu en 2020 zo’n 25 procent meer melk zullen leveren. “Op lange termijn is dus groei nodig in de zuivelindustrie om de groei bij de leden te kunnen opvangen”, zegt Vanhengel. Hij verwacht ook dat er nog heel wat efficiëntiewinst te halen valt bij de melkophaling. “Afspraken voor melkophaling tussen private en coöperatieve ondernemingen kunnen ervoor zorgen dat de melk in eenzelfde dorp niet door drie verschillende zuivelbedrijven moet opgehaald worden.”
Boerenbond wil in de toekomst sterker inzetten op producenten- en brancheorganisaties. “Een coöperatie is natuurlijk een producentenorganisatie bij uitstek, maar ook voor de private zuivelindustrie bieden deze organisatievormen kansen. Uiteraard moet iedereen met realistische verwachtingen instappen in dit systeem. De melkprijs is slechts één facet van zo’n overleg.” Dat bevestigt ook Guido Veys. “Veel belangrijker is om tijdens dit georganiseerd overleg randvoorwaarden te creëren om aan het einde van de rit samen meer toegevoegde waarde te creëren.”
De Milcobel-voorzitter benadrukt dat elke zuivelonderneming en elk melkveebedrijf daarbij zijn eigen groeipad moet kiezen. “Soms zullen wij ons op dezelfde markten begeven als FrieslandCampina, maar we moeten als Milcobel op eigen snelheid eigen projecten zien te realiseren. Daarbij moeten we voldoende ambitieus zijn, maar zonder onze eigen draagkracht uit ogen te verliezen. Hetzelfde geldt voor individuele melkveehouders: zoek naar een evenwicht tussen alle productiefactoren op je bedrijf en volg niet het groeipad van je buur.”
Tot slot ging de discussie nog over duurzaamheid. “De hele sector moet duurzaamheid ernstig blijven nemen. We moeten als sector zelf kunnen kiezen hoe we dit begrip invullen. Maar laat het duidelijk zijn, de keuze om niet te kiezen, mag daarbij geen optie zijn. Wanneer de maatschappij gaat bepalen hoe dit begrip moet ingevuld worden, dan komen we te laat”, sprak Paul Vanhengel. Guido Veys volgde zijn collega. “In Nederland is het de distributiesector die bepaalt welke symbolen gehanteerd worden voor duurzaamheid. Dergelijk dictaat kunnen we als sector zeker missen.”
Piet Vanthemsche ziet in dat kader een belangrijke taak weggelegd voor Boerenbond. “Onze belangrijkste taak is dat we de leden goed moeten blijven informeren. Zo kunnen ze in alle verantwoordelijkheid hun eigen keuzes maken. Want vergeet niet: over zes jaar zullen de toeslagrechten halveren. Dit betekent dat wat op dat vlak aan inkomsten verdwijnt, extra uit de markt zal moeten komen.”