"Zo kunnen we dit niet meer bolwerken"
nieuws“Ik zie een groene tsunami op de land- en tuinbouwsector afkomen. Zo kunnen we dit niet meer bolwerken.” Dit zijn de woorden van een boerin die niet meer begrijpt waar alle recente maatregelen vandaan blijven komen en, erger nog, die ook niet meer weet hoe hierbij het hoofd boven water te houden. Nik Van Gool, voorzitster van KVLV, pent ze neer om de zorgen van de Agra-leden onder woorden te brengen. Ze doet dat namens de ganse vrouwenvereniging omdat KVLV duurzaamheid hoog in het vaandel draagt maar het wel als een drieluik en noodzakelijk evenwicht tussen het economische, ecologische en sociale aspect ziet.
Bij vrouwenvereniging KVLV is men erg bezorgd over de leden van KVLV-Agra, dat zijn bedrijfsleidsters en meewerkende echtgenotes op landbouwbedrijven. “Naast een structureel probleem als slechte prijzen komen er zoveel (nieuwe) regels op hen af dat het gewoon niet meer haalbaar lijkt”, vertelt Isabelle Lindemans, diensthoofd KVLV-Agra. Niet Lindemans maar nationaal voorzitster Nik Van Gool is in haar pen gekropen om duidelijk te maken dat heel KVLV zich de problemen van de Agra-leden aantrekt. Soms worden de scherpe woorden daarbij niet geschuwd, maar dat geeft dan weer hoe boerinnen en tuiniersters het huidige slechte ondernemersklimaat in de landbouw ervaren. Een polemiek starten, is absoluut niet de intentie van KVLV want de tegenstelling tussen landbouw en natuur wordt de laatste tijd al te vaak op de spits gedreven.
“Een groene tsunami die op de land- en tuinbouwsector afkomt”, heeft KVLV dan ook niet zelf bedacht maar het zijn letterlijk de woorden van een Agra-lid die Nik Van Gool daar neerpent. “Niet van een boerin die tegen natuur is of die zich verzet tegen milieumaatregelen”, zo benadrukt Van Gool, “maar van een boerin in hart en nieren die niet meer begrijpt waar alle recente maatregelen blíjven vandaan komen, en erger nog, die ook niet meer weet hoe hierbij het hoofd boven water te houden.” Het is dan ook een heel pak, beseft de voorzitster van KVLV. In het ‘beste geval’ heeft een landbouw(st)er naast slechte prijzen, ook nog nieuwe erosiemaatregelen toe te passen, moet hij of zij rekening houden met een vergroening van de Europese landbouwsubsidies en met extra bemestingsbeperkingen in een volgend mestactieplan.
In het ergste geval ligt je veebedrijf te dicht tegen een natuurgebied. “Dan komt men jou vertellen dat je je best realiseert dat je hier op termijn je dieren niet meer gaat kunnen houden. Met de invoering van de begrippen IHD en PAS is op korte termijn onze landbouw opgesplitst geraakt in rode, oranje en groene bedrijven. Los van hoeveel inspanningen je al geleverd hebt om je bedrijf duurzaam te runnen, kreeg je als veehouder vorig jaar een brief in je bus. Voor sommigen was dit letterlijk een rode kaart, ook al hadden ze geen fout begaan.” Van Gool legt uit dat de instandhoudingsdoelstellingen (IHD) en programmatische aanpak stikstof (PAS) een verdere uitwerking zijn van het Europese netwerk van natuur Natura 2000.
Bedoeld om de biodiversiteit in de Europese natuur te verbeteren, voorzag men de noodzakelijke ruimte voor voldoende hoogwaardige habitats. Hoogwaardige habitats houden niet van stikstof. Dus moest er ook een plan komen om de stikstofneerslag te verminderen. “Helaas produceren dieren ook stikstof”, zucht Van Gool. Wat een zeer duurzaam idee leek, is volgens KVLV vandaag ontspoord in een beleid dat veel vragen doet rijzen, ook wat duurzaamheid betreft. Terwijl ijverige ingenieurs en biologen uitpluizen waar welke diersoort of plantje in de toekomst hopelijk kan voorkomen en welke habitat hiervoor nodig is, zitten boeren met de handen in het haar over de toekomst van hun bedrijf. Die onzekerheid is tergend”, legt de voorzitster de vinger op de wonde. Dit speelt zich af niettegenstaande de veehouders in landbouwgebied actief zijn, vaak al generaties lang en ze veel inspanningen hebben geleverd op milieuvlak.
De drie pijlers van duurzaamheid indachtig stelt KVLV de vraag of die wel allemaal in rekening worden gebracht. Heeft wat er vandaag plaatsvindt echt zoveel draagvlak in onze maatschappij? Of is er misschien eerder te weinig besef van wat de gevolgen zijn voor mens en economie? Misschien moeten we leren leven met het idee dat Vlaanderen niet groter is dan het is, in plaats van te belanden in een spijtige gepolariseerde discussie? Enkel diegenen die blijven hangen in de sixties zien volgens voorzitster Van Gool de inspanningen niet die de land- en tuinbouwsector intussen geleverd heeft. Zij wijt de ‘duurzame ingesteldheid’ van veel boeren en boerinnen aan het besef dat grond geëerbiedigd moet worden opdat de generatie na hen nog zou kunnen boeren. Een toenadering tussen natuur en landbouw lijkt nu terug ver weg, maar Van Gool blijft geloven in oplossingen in de recente dossiers, mits ‘gezond boerenverstand’ van alle belanghebbenden.
Onze huidige land- en tuinbouw stoot op haar beperkingen, en ongetwijfeld zal ze evolueren. Hoe? Wat is het duurzaamste model? Het meest realistische? Zelfs de beste visionairen en de grootste landbouweconomen lijken het hier niet over eens te geraken. Bij KVLV blijft men overtuigd van de veerkracht van de sector die met de tijd, stap voor stap, zal evolueren naar nog meer duurzaamheid, op alle vlakken. “Laat het een boeiende discussie worden, een positief traject, ook rekening houdend met de mensen die het moeten verwezenlijken want onze samenleving heeft een leefbare landbouw broodnodig”, aldus Van Gool. “Er is veel werk aan de winkel, en zeker te weinig tijd voor een polariserend discours. Het enige wat vandaag zeker is, is dat onze landbouwfamilies leven en werken in het systeem van vandaag, en met hart en ziel werken om ons kwaliteitsvol voedsel te geven. Verdienen ze niet, zonder hen met de vinger te wijzen, sowieso respect en begrip voor de situatie?”