Vleeskippensector ziet geen heil in schaalvergroting
nieuwsDe Vlaamse vleeskippenhouders zien weinig voordelen in de verdere schaalvergroting van de sector, ondanks de sterke trend tot industrialisering en intensivering die deze sector kenmerkt. Dat blijkt uit een enquête die het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) en de Universiteit Gent lieten uitvoeren bij een vijfde van de Vlaamse kippenboeren.
Omdat er nog steeds weinig goede kennis beschikbaar is over de Vlaamse vleeskippensector, stuurden ILVO en Universiteit Gent in 2012 een enquête naar alle Vlaamse vleeskippenhouders, 552 in totaal. De onderzoekers ontvingen 114 ingevulde enquêtes. Uit de resultaten blijkt onder meer dat de gemiddelde Vlaamse kippenboer 49 jaar is en dat slechts 13 procent een hogere opleiding genoot na het middelbaar onderwijs. Meer dan 40 procent geeft aan zeker geen opvolger te hebben, terwijl 20 procent misschien of zeker geen opvolger denkt te hebben.
De gemiddelde Vlaamse vleeskippenhouder heeft 34.385 kippenplaatsen. In Wallonië lopen iets meer dan 4 miljoen vleeskippen rond, in Vlaanderen zijn dat er ongeveer 20 miljoen. Driekwart van de respondenten heeft één of twee kippenstallen. 16 procent beschikt over drie stallen, 7 procent heeft vier stallen en 3 procent heeft er vijf. De stallen zijn gemiddeld 21 jaar geleden gebouwd. Slechts 12,4 procent van de stallen is gebouwd tijdens de laatste vijf jaar. De binnenoppervlakte varieert van 144 tot 2.760 vierkante meter, en de bezetting in de recentste ronde van 1.500 tot 95.000 kippen per stal.
Wat de bedrijfsvoering betreft, blijkt dat een slachtrijpe Vlaamse vleeskip gemiddeld 2,44 kilo weegt. Op driekwart van de bedrijven schommelt de slachtleeftijd tussen 40 en 42 dagen. Maar niet alle kippen halen die leeftijd: gemiddeld bedraagt de uitval 3,2 procent, en wordt 1 procent van de kippen geëuthanaseerd. Wat de kippenrassen betreft, blijkt de grote meerderheid (81%) van de kwekers voor Ross-lijnen te kiezen, en een minderheid (13%) voor Cobb-lijnen. Als strooisel voor de stalbodem worden houtkrullen (53%), stro (30%), vlaslemen, hennep of een combinatie gebruikt.
Misschien wel het opvallendste resultaat uit de enquête is het scepticisme van de kippenboeren als het over schaalvergroting gaat. Vlaamse vleeskippenhouders geloven niet dat schaalvergroting zal leiden tot meer dierenwelzijn, meer voedselveiligheid, betere bedrijfsresultaten of minder arbeidslast. Daarnaast houden ze rekening met een kleine prijsdaling en verwachten ze dat de consument hun product steeds minder zal accepteren.
Bron: eigen verslaggeving