nieuws

Verkenning van het 'energielandschap' Vlaanderen

nieuws
De toenemende vraag naar energie, de eindigheid van fossiele brandstoffen en de milieu-impact daarvan vormen samen een complex vraagstuk. Het dwingt een dichtbevolkte regio als Vlaanderen, met een grote energiehonger, een strategie te ontwikkelen om op termijn een omslag naar een koolstofarme economie en samenleving te maken. De energietransitie van fossiel naar hernieuwbaar vormt hier een essentieel onderdeel van. Het onderzoek ‘Energielandschappen’ gaat over de impact en de opportuniteiten van deze energietransitie binnen de Vlaamse ruimtelijke context. Om het allemaal wat inzichtelijker te maken wordt regio Roeselare met zijn sterk aanwezige diepvriesgroentesector als voorbeeld gegeven.
5 april 2016  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:34
Lees meer over:

De toenemende vraag naar energie, de eindigheid van fossiele brandstoffen en de milieu-impact daarvan vormen samen een complex vraagstuk. Het dwingt een dichtbevolkte regio als Vlaanderen, met een grote energiehonger, een strategie te ontwikkelen om op termijn een omslag naar een koolstofarme economie en samenleving te maken. De energietransitie van fossiel naar hernieuwbaar vormt hier een essentieel onderdeel van. Het onderzoek ‘Energielandschappen’ gaat over de impact en de opportuniteiten van deze energietransitie binnen de Vlaamse ruimtelijke context. Om het allemaal wat inzichtelijker te maken wordt regio Roeselare met zijn sterk aanwezige diepvriesgroentesector als voorbeeld gegeven.

'Energielandschappen' is een eerste, ontwerpmatige oefening om na te gaan in welke mate het Vlaamse landschap potentieel heeft om bij te dragen aan de overschakeling naar duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie. De studie toont aan dat die omschakeling van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energiebronnen ook een ruimtelijk vraagstuk is. Door de beperkt beschikbare ruimte in Vlaanderen zullen we energiesystemen moeten verweven met andere functies en ze integreren in ons bebouwde landschap. Ook de koppeling van gebruikers en producenten van hernieuwbare energiebronnen biedt een kans om een duurzamer en collectiever ruimtegebruik te stimuleren.

In de rapportsamenvatting wordt Roeselare als voorbeeld opgevoerd omdat er een aantal sterk bepalende actoren in het landschap zijn. De aanwezige diepvriesgroentesector vormt hierbinnen een interessante schakel voor de energietransitie. De reststromen van deze landelijk gelegen fabrieken zijn in te zetten als biomassa en restwarmte. Hierdoor kunnen koppelingen worden gemaakt met de aanwezige glastuinbouw, de afvalverwerking en het aanwezige warmtenet. Wanneer bestaande en nieuw te realiseren woningbouwprojecten worden meegenomen, gaat ook de stroom van afvalwater meespelen in het systeem.

De efficiëntie in grondgebruik kan door ruilverkaveling verbeterd worden. Een proces dat in Roeselare in de landbouwsector reeds gaande is en waar hernieuwbare energieopwekking een bijkomende drijfveer kan zijn. Door de herverkaveling ook in te richten op een effectieve inpassing van windturbines is het mogelijk om plaatselijk een productielandschap te creëren dat naast intensieve landbouw ook energie levert. De grote koelhuizen kunnen daarbij ingezet worden als systeemregeling voor elektriciteit door dieper te koelen wanneer er een overproductie is en juist niet af te nemen bij tekorten. Dit landschap kan bijvoorbeeld ook ingericht worden op een verbeterd waterbeheer met meer ruimte voor waterberging. De pieken in waterverbruik van de landbouw kunnen dan beter worden opgevangen en tegelijk verkleint het overstromingsrisico. Waterrijke gebieden kunnen een meerwaarde bieden voor ecologie en recreatie.

De vervolgstudie ‘Atelier Diepe Geothermie’ onderzoekt hoe de interactie tussen diepe geothermie en het landschap bepalend kan zijn voor de ontwikkeling van een kwaliteitsvolle en duurzame leefomgeving. Die studie werd uitgevoerd in opdracht van het Team Vlaams Bouwmeester, Ruimte Vlaanderen en onderzoeksinstelling VITO en bouwde verder op de inzichten uit de studie ‘Energielandschappen’. Het ontwerpend onderzoek exploreert mogelijke ontwikkelingsstrategieën aan de hand van twee cases: de technologiecluster in Mol en het Kolenspoor in Genk. Energielandschappen past in de vrije onderzoeksruimte, ‘Labo Ruimte’ genoemd, waarin het Team Vlaamse Bouwmeester en het Departement Ruimte Vlaanderen voorzien. De opdracht ging behalve van bovenstaande partners ook uit van de Vlaamse Landmaatschappij en het Vlaams Energieagentschap.

Meer info: Vlaamse Landmaatschappij

Beeld: Loonwerk Defour

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek