Studies plaatsen Schipdonkkanaal weer op agenda
nieuwsEen half jaar geleden leek de verbreding van het Schipdonkkanaal gestrand te zijn. Het maatschappelijk draagvlak was volledig weg en behalve CD&V keerde ook de politiek zich openlijk tegen de plannen. Minister Crevits wilde de resultaten afwachten van twee bijkomende studies. Die blijken nu positief te zijn, zo heeft De Tijd in overheidskringen vernomen.
De verbreding van het 46 kilometer lange kanaal tussen Zeebrugge en Nevele-Schipdonk zou niet tot de verzilting van het water of de aangrenzende landbouwgronden leiden en er moet ook niet gevreesd worden voor watertekorten in het Leiebekken en de Bovenschelde, zoals door professoren, milieugroeperingen, tal van politici en Boerenbond werd geopperd. Daarmee komt de verbreding van het kanaal weer een stap dichterbij.
Het is nu wachten op de definitieve resultaten van het plan-MER waarvan het ontwerp bij minister van Leefmilieu Joke Schauvliege ligt. Die worden pas begin volgend jaar verwacht. Pas dan zal de Vlaamse regering beslissing of het Schipdonkkanaal wordt verbreed of niet. De twee positieve studies vormen wel al een heel belangrijk onderdeel van dat plan-MER.
Vraag is hoe de politiek zal reageren als het dossier opnieuw ter sprake komt. De sp.a en Open Vld spraken zich begin dit jaar uit tegen de verbreding. Enkele lokale politici, waaronder Schauvliege, verzilverden hun verzet tegen de verbreding bij de Vlaamse verkiezingen in juni met glans. Schauvliege ondertekende intussen wel braaf het nieuwe regeerakkoord. Daarin staat dat de regering een beslissing zal nemen "op basis van alle resultaten van het studiewerk". De bewoordingen geven aan dat het om een delicaat dossier gaat.
De Vlaamse regering lijkt niet echt gehaast om knopen door te hakken. Maar de gemeenten langs het kanaal willen wel na al die jaren weten waar ze aan toe zijn. Een breder Schipdonkkanaal - dat er op zijn vroegst over tien jaar kan komen - betekent meer bruggen, meer wegen, minder natuur, mogelijk onteigeningen en vooral landurige bouwwerven, met alle ongemakken vandien.
Bron: De Tijd