"Stop de biobrandstoffenbonanza"
nieuwsHoe duurzaam zijn biobrandstoffen? Dat was de vraag die Olivier De Schutter, VN-rapporteur voor het recht op voedsel, voorgeschoteld kreeg. In zijn antwoord doet hij enkele niet mis te verstane uitspraken over de verstrekkende gevolgen van de biobrandstoffenbonanza. “Het is onverstandig de massale teelt van energiegewassen voor biobrandstoffen te blijven stimuleren, laat staan te verplichten.”
Tijdens een vraaggesprek liet Olivier De Schutter zijn licht schijnen over enkele hete hangijzers binnen het biobrandstoffendebat. Welke invloed hebben de biobrandstoffen op de voedselprijzen, de voedselzekerheid en het milieu? Welke rol speelt Europa en hoe moet een duurzame Europese regelgeving omtrent de teelt van energiewassen er in de toekomst uitzien?
“Biobrandstoffen zorgen voor een grotere vraag naar energiegewassen op de grondstoffenmarkt en hebben dus een aanzienlijk effect op de prijsvorming. Vooral armere landen waar boeren lagere inkomens hebben, beschikken niet over de financiële instrumenten om die volatiliteit op te vangen”, steekt De Schutter van wal.
De cijfers van het marktaandeel waarvoor de biobrandstoffen verantwoordelijk zijn, illustreren de exponentiële groei van de “agrofuels”: sinds 2001 zijn ze verantwoordelijk voor 70 procent van de gestegen vraag naar maïs. Bij de tarwe bedraagt hun aandeel in de stijging 13 procent, voor sojaolie is dat 47 procent, voor palmolie 22 procent, en voor koolzaad is dat maar liefst 90 procent.
De Schutter koppelt die grote hoeveelheden aan het gebrek aan energie-efficiëntie van bepaalde biobrandstoffen: 13 procent van de globale maïsproductie wordt enkel en alleen gebruikt voor Amerikaanse auto’s die op ethanol rijden. Volgens de Schutter is het niet verantwoord dat 13 procent van de totale maïsproductie verwerkt wordt tot ethanol die slechts aan 0,7 procent van de mondiale vraag naar energie voldoet.
Vervolgens breekt de VN-rapporteur een lans voor de kleine boer. Door het aanmoedigen van grootschalige monocultuur die gericht is op export, worden de kleine landbouwers uit de markt verdrongen. Dat terwijl de kleine, familiale landbouwbedrijven voor een win-winsituatie zorgen: ze bezorgen de arme boer en inkomen en helpen zo de armoede terugdringen, zorgen voor voedselzekerheid en onderhouden bovendien de landbouwgronden zonder ze uit te putten.
Steeds meer en meer land komt in de handen van grootgrondbezitters, zeker nu de biobrandstoffen een uiterst lucratieve niche binnen de landbouwsector zijn geworden. De Schutter waarschuwt: “Wereldwijd is meer dan 25 procent van de landbouwgrond uitgeput, waardoor het gevecht voor de overblijvende vruchtbare gebieden steeds heviger wordt.”
Op de vraag of Europa met haar Richtlijn Hernieuwbare Energie de juiste richting uitgaat, antwoordt De Schutter dat ze onvoldoende rekening houdt met de reële impact van de biobrandstoffen op onder meer de prijsvorming, het milieu, sociale duurzaamheid en de problematiek van de grondconcentratie. Europa moet van lokale voedselproductie een absolute prioriteit maken en mag pas in de tweede plaats denken aan het gebruik van energiegewassen voor biobrandstoffen.
Tot slot werpt De Schutter nog een blik in zijn glazen bol. Hij voorspelt dat de biobrandstoffenproductie tegen 2020 nog aanzienlijk zal toenemen en dat ethanol de belangrijkste vloeibare biobrandstof zal blijven, voornamelijk uit Amerikaanse maïs en Braziliaans suikerriet. Volgens de huidige evolutie zullen biobrandstoffen tegen 2050 goed zijn voor 25 procent van het totale verbruik aan transportenergie.
Dat brengt De Schutter bij de hamvraag: welke rol geven we biobrandstoffen in de toekomst? Zijn antwoord luidt: “Het is onverstandig om bijkomende productie van biobrandstoffen te stimuleren, laat staan te verplichten, wanneer de voedselprijzen hoog en volatiel zijn; wanneer er volgens de laatste telling meer dan 870 miljoen mensen honger lijden; wanneer de impact op de familiale landbouw negatief is; en wanneer ook de ecologische meerwaarde hoogst onzeker is.”
Meer info: Q&A Olivier De Schutter
Bron: eigen verslaggeving