nieuws

Schadelijkheid neonicotinoïden staat nu vast...of niet?

nieuws
In opdracht van de internationale milieuorganisatie IUCN analyseerde een groep van 29 wetenschappers 800 studies omtrent gewasbeschermingsmiddelen. Hun oordeel is vernietigend voor systemische insecticiden zoals neonicotinoïden en fipronil. “Ze brengen aanzienlijke schade toe aan veel nuttige ongewervelde diersoorten en spelen een belangrijke rol in de achteruitgang van bijen”, klinkt het. De gewasbeschermingsmiddelenindustrie is niet onder de indruk. Uit het selectief samenraapsel van bestaande studies leidt zij af dat de academici hun objectiviteit niet wisten te bewaren tegenover de opdrachtgevers die uit zijn op een totaalverbod op neonicotinoïden.
24 juni 2014  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:26
Lees meer over:

In opdracht van de internationale milieuorganisatie IUCN analyseerde een groep van 29 wetenschappers 800 studies omtrent gewasbeschermingsmiddelen. Hun oordeel is vernietigend voor systemische insecticiden zoals neonicotinoïden en fipronil. “Ze brengen aanzienlijke schade toe aan veel nuttige ongewervelde diersoorten en spelen een belangrijke rol in de achteruitgang van bijen”, klinkt het. De gewasbeschermingsmiddelenindustrie is niet onder de indruk. Uit het selectief samenraapsel van bestaande studies leidt zij af dat de academici hun objectiviteit niet wisten te bewaren tegenover de opdrachtgevers die uit zijn op een totaalverbod op neonicotinoïden.

In tegenstelling tot andere gewasbeschermingsmiddelen, die op de oppervlakte van behandelde bladeren blijven, worden systemische pesticiden door de plant opgenomen en naar alle weefsels getransporteerd, zowel naar de bladeren, bloemen, wortels en stengels als naar de pollen en de nectar. "De laatste 20 jaar nam de bezorgdheid over de impact van systemische pesticiden op heel wat nuttige soorten toe, maar overheden oordeelden tot op heden veelal dat wetenschappelijk onderzoek nog geen afdoende bewijzen heeft opgeleverd om ingrijpen te rechtvaardigen", verduidelijkt Noa Simon Delso van Cari, een vereniging van Waalse en Brusselse bijenhouders.

De Task Force on Systemic Pesticides, een werkgroep 'Systemische Pesticiden' die samengesteld is uit onafhankelijke wetenschappers van over de hele wereld, maakte een volledige analyse van alle beschikbare literatuur (800 collegiaal getoetste werenschappelijke studies) en constateerde dat er voldoende bewijzen zijn om te besluiten dat het gebruik van deze middelen drastisch moet worden teruggedrongen. Neonicotinoïden zouden een ernstig gevaar vormen voor honingbijen en andere bestuivers zoals vlinders, alsook voor talloze andere ongewervelde dieren zoals regenwormen en gewervelde dieren zoals vogels.

Neonicotinoïden zijn neurotoxinen - stoffen die de werking van het zenuwstelsel beïnvloeden - en blootstelling aan deze stoffen kan leiden tot onmiddellijke, dodelijke maar eveneens chronische gevolgen. Zelfs een langdurige geringe blootstelling kan schadelijk zijn. Het zijn de meest gebruikte insecticiden ter wereld geworden met een wereldwijd marktaandeel dat nu rond 40 procent wordt geschat en een verkoop die in 2011 goed was voor meer dan 2,63 miljard dollar. Ook worden ze vaak gebruikt in het huishouden ter voorkoming van vlooien bij honden en katten en van termieten in houten constructies.

De wetenschappers zeggen dat de meest getroffen soortengroepen ongewervelde landdieren zoals regenwormen zijn, gevolgd door bestuivende insecten als bijen en vlinders en daarna ongewervelde waterdieren zoals zoetwaterslakken of larven van eendagsvliegen en libellen. Men stelde ook vast dat vissen, amfibieën en microben allemaal aangetast waren na hoge of langdurige blootstelling. Er zijn wel nog te weinig gegevens om uit te maken of zoogdieren en reptielen effecten ondervinden. De studie wordt deze zomer gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Environmental Science and Pollution Research.

Eén van de hoofdauteurs, dr. Jean-Marc Bonmatin van het Centre national de la Recherche scientifique uit Frankrijk, ziet een bedreiging voor de productiviteit van onze natuur en onze landbouw die te vergelijken is met het gevaar van organofosfaten of DDT's. Nu de bewijzen voor de schadelijkheid van neonicotinoïden op tafel liggen, wordt het tijd om het gebruik bij zowel particulieren als professionelen te verbieden. Dat zegt Natuurpunt, Vlaanderens grootste natuurvereniging, als reactie op de literatuurstudie. "Dit is opnieuw belangrijk bewijs voor de schadelijkheid van neonicotinoïden en het benadrukt de prangende nood aan een krachtdadig Europees beleid tegen dit type superpesticiden", zegt Annelore Nys van Natuurpunt.

Zij wijst erop dat het huidige Europees moratorium geenszins volstaat. "Slechts vier van de negen neonicotinoïden zijn verboden. Bovendien gaat het om een tijdelijk verbod van twee jaar op een beperkt aantal teelten, eigenlijk teelten die het meest aantrekkelijk zijn voor bijen." Tot slot hekelt Natuurpunt de uitzonderingen op het tijdelijk verbod en openbaart de natuurvereniging een alternatief, namelijk natuurlijke plaagbestrijding via de inzet van natuurlijke predatoren zoals bepaalde spinnen of lieveheersbeestjes, en enkel curatief een toevlucht zoeken tot pesticiden.

Wie helemaal niet onder de indruk lijkt van de studie is de gewasbeschermingsmiddelenindustrie. "Het heeft er alle schijn van dat de task force behoort tot een beweging waarvan ook ngo’s deel uitmaken en die als belangrijkste doel een verbod op neonicotinoïden heeft." In bedekte termen worden de academici ervan beschuldigd dat zij hun werk niet goed hebben gedaan en zich voor de kar van hun opdrachtgevers lieten spannen. De reactie is zo scherp gelet op de "zeer selectieve review van bestaande studies uitgevoerd in worst-case-scenario’s en onder labo-omstandigheden" en omwille van "het niet meenemen van recente studies die aantonen dat er geen verband is tussen bijen-, vogel- of vissensterfte en een correct gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in veldomstandigheden".

In eigen land laat ook sectorfederatie Phytofar zich niet van de wijs brengen. De organisatie weet zich gesterkt door "de wereldwijde consensus dat bijensterfte een multifactorieel probleem is waar de Varroamijt en ziektes, voedseltekorten, biodiversiteitsverlies en mogelijk ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen aan ten grondslag liggen". Een rapport dat bijensterfte herleidt tot één oorzaak beschouwt ze daarom niet als een objectief en gebalanceerd rapport. "Ondanks 20 jaar intensief onderzoek is geen wetenschapper erin geslaagd om aan te tonen dat correct gebruikte neonicotinoïden onder realistische veldomstandigheden significante negatieve effecten hebben op bijenkolonies. In de bergen in Zwitserland, waar deze insecticiden niet gebruikt worden, treedt er toch grote bijensterfte op. Vereng het probleem dus niet zomaar tot één oorzaak."

Meer info: Task force on systemic pesticides

Bron: eigen verslaggeving / Belga

Beeld: Loonwerk Defour

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek