Neemt regering obesitas ernstig met gezondheidstaks?
nieuwsZelfs als een vet- en suikertaks de consumptie van ongezonde voeding en suikerhoudende frisdranken niet vermindert, is hij een goede zaak voor de taxshift van de federale regering. Zo pareerde Andreas Tirez van denktank Liberales de kritiek op de beleidsmaatregel. Niet veel later reageerde medisch filosoof Ignaas Devisch (Ugent / Arteveldehogeschool) op Knack.be. “Door het woord gezondheid te misbruiken om een taks in te voeren, geef je als regering vooral de boodschap dat je volksgezondheid en een probleem als obesitas niet ernstig neemt.” Ook de voedingsindustrie in ons land, vertegenwoordigd door FEVIA, is “een meer doordachte oplossing” genegen, namelijk inzetten op een echt gezondheidsbeleid, “waarbij alle actoren samenwerken en we een serieus probleem als obesitas op een serieuze manier aanpakken”.
Volgens Andreas Tirez werkt een vet- en suikerbelasting altijd. Zijn redenering gaat als volgt: als de consument na het invoeren van een gezondheidstaks toch dezelfde producten blijft kopen, is het “welvaartsverlies” vanuit “economisch standpunt” minimaal. Als hij zijn gedrag wel aanpast door de taks dan staat tegenover een groter “welvaartsverlies” een winst qua gezondheid. “Een gezondheidstaks werkt dus altijd”, zo klinkt het logisch.
De realiteit is volgens de Federatie Voedingsindustrie (FEVIA) een stuk genuanceerder. “De redenering van Tirez gaat op twee punten flink uit de bocht. Door ‘minimaal welvaartsverlies’ en ‘minimale gedragsveranderingen’ simpelweg gelijk te schakelen, negeert hij de bredere maatschappelijke gevolgen van een gezondheidstaks die niet werkt. Mensen met een laag inkomen worden door een taks op voeding zwaarder getroffen omdat zij een groter deel van hun inkomen aan voeding uitgeven. Een onevenwichtig voedingspatroon gelinkt aan onvoldoende beweging komt ook veel vaker voor bij mensen in een sociaaleconomisch moeilijke situatie. Daar komt bovenop dat deze bevolkingsgroep er minder in slaagt om na het invoeren van een gezondheidstaks plots over te schakelen naar een meer gevarieerde voeding.”
Tirez ziet dit allemaal als een bewijs dat een gezondheidstaks enorm “efficiënt” is. FEVIA reageert daartegen: “De meeste mensen zouden concluderen dat dit gewoon een extreem asociale maatregel is die mensen die het al moeilijk hebben nog dieper in de miserie duwt.” Nog volgens FEVIA is de zegsman van denktank Liberales blind voor de gedragsveranderingen die wel degelijk optreden bij het invoeren van een gezondheidstaks in een kleine en open economie als de Belgische. “Alleen zouden die wel eens anders kunnen uitvallen dan gedacht in de vorm van een toename van het grensschoppen en perverse substitutie-effecten. De gezondheidstaks kan een boemerangeffect hebben: minder jobs in België zonder dat onze gezondheid er effectief op vooruit gaat.”
Na de invoering van de fameuze vettaks in Denemarken kwam The Economist tot de conclusie dat 48 procent van de Denen over de grens, vooral in Duitsland, gingen schoppen. “De belasting werd dan ook na een jaar onder luid applaus afgevoerd”, brengt FEVIA in herinnering. “Te denken dat België, waar 80 procent van de bevolking op minder dan 50 kilometer van een grens woont, hiervoor immuun is lijkt op z’n minst naïef te noemen.” Daar komt nog een substitutie-effect bovenop: “Bij het belasten van frisdranken schakelden Franse en Amerikaanse consumenten over op andere suiker- of vetrijke producten en op minder dure varianten (huismerken) van hetzelfde product.”
FEVIA beperkt zich niet tot de pijnpunten blootleggen van een vet- en suikertaks maar tracht ook de oplossing voor het complexe obesitasprobleem aan te reiken in de vorm van een “weldoordacht gezondheidsbeleid samen met alle betrokkenen”. De voedingsindustrie wil haar verantwoordelijkheid niet ontlopen, klinkt het. Zo werd er de voorbije jaren in samenspraak met de Belgische overheid een aanzienlijke vermindering van zout in voeding gerealiseerd. De voedingsindustrie werkt ook aan herformuleringen inzake energie (suiker en vetten), maar zonder in te leveren op de kwaliteit van de eindproducten voor de consument.
De voedingsfabrikanten weten zich gesteund door een reactie van professor Ignaas Devisch op het opiniestuk van Andreas Tirez. “Indien je een shift in belastingen op arbeid wil invoeren, kun je maar beter maatregelen nemen die het effect bereiken dat ze beogen. Zo niet dreig je een ad absurdum beleid te voeren dat gebaseerd is op de inschatting van wat maatregelen niet doen.” Anders dan Tirez ziet Devisch ook kwalijke neveneffecten: “Je zadelt een industrie op met onnodige administratie, je laat vooral mensen met een laag inkomen dieper in de portefeuille tasten, je loopt het risico dat mensen hun aankopen in het buitenland zullen doen met mogelijk banenverlies in eigen land tot gevolg. Welvaartsverlies dreigt dus wel degelijk.”
De federale regering gaat volgens de medisch filosoof ook voorbij aan de kernvraag, namelijk wat we willen aanvangen met overgewicht en ongezonde voeding in de samenleving. “Obesitas dreigt stilaan wereldwijd het grootste gezondheidsprobleem te worden. Dat verdient ook in ons land een stevig en geïntegreerd beleid dat vertrekt vanuit preventie, op lange termijn gericht is en heel veel factoren in rekening brengt om resultaat te boeken. De maatregel die nu is genomen, toont vooral hoe de federale regering dit massieve probleem niet ernstig neemt en dat is meteen het grootste probleem: de reeks aan neveneffecten door nalatigheid op dit vlak, het welvaartsverlies, de gezondheidsrisico's en de kosten die dat voor de samenleving zal betekenen. Door het woord gezondheid te misbruiken om een taks in te voeren, geef je als regering vooral de boodschap dat je volksgezondheid niet ernstig neemt.”
Devisch schreef samen met Lieven Annemans, gezondheidseconoom aan de UGent, een beleidsnota waarin alle argumenten pro en contra taksen op een rijtje gezet werden, waarom het in bepaalde landen heeft gewerkt en in andere niet, wat er allemaal nodig is om dit te laten slagen en hoe je dit in een goed beleid integreert. Op basis van die nota is er overleg geweest met beleidsmakers zodat het de Gentse professor duidelijk zwaar valt dat dit plots allemaal niet meer meetelt omdat tijdens een nachtelijk overleg 150 miljoen euro moet worden gevonden.
Bron: Knack.be / eigen verslaggeving