Link tussen voedingsadditieven en hyperactiviteit?
nieuwsDe Commissie gaf EFSA de opdracht een evaluatie te maken van een studie die de universiteit van Southampton uitvoerde in opdracht van het Britse Food Standards Agency. Uit die studie zou blijken dat de consumptie van additieven als tartrazine en azorubine in combinatie met het bewaarmiddel natriumbenzoaat een ongunstig effect heeft op het gedrag van kinderen.
Aan het experiment, dat beschreven wordt in de meest recente editie van vakblad The Lancet, namen zo'n driehonderd kinderen van drie tot acht jaar oud deel. De proefkonijnen die een drankje met een krachtige mix van additieven en kleurstoffen dronken, vertoonden nadien opvallend impulsief gedrag en verloren makkelijk hun concentratie, zeker in vergelijking met de kinderen die een placebo voorgeschoteld kregen.
De vorsers uit Southampton zijn er zich van bewust dat hyperactiviteit en ADHD bij kinderen meerdere oorzaken kan hebben. Ook genetische factoren, een vroegtijdige geboorte en de opvoeding kunnen ertoe bijdragen. "Ouders moeten niet denken dat de hyperactiviteit zal verdwijnen met de additieven. We weten dat er andere invloeden zijn, maar dit is tenminste één factor die het kind kan vermijden", zei professor Jim Stevenson aan de Britse openbare omroep BBC.
Voor de Europese Commissie biedt de studie in ieder geval voldoende aanleiding om EFSA aan het werk te zetten. De wetenschappelijke experts moeten tegen het einde van het jaar hun evaluatie presenteren. "Dan moet blijken of er bijkomende maatregelen moeten genomen worden met betrekking tot deze additieven", stelt de Commissie. Los van deze nieuwe studie was EFSA overigens al gestart met een grootscheepse evaluatie van van alle voedingsadditieven die op de Europese markt gebruikt worden.
Experts gaan ervan uit dat aandachtsstoornissen met hyperactiviteit voorkomt bij één op twintig kinderen. In België kregen reeds 20.000 kinderen officieel ADHD als diagnose mee.(KS)
Bron: Belga