header.home link

Limburg geeft negatief advies voor leidingstraat tussen Antwerpen en Ruhrgebied

27 april 2021

De Limburgse deputatie heeft een voorlopig negatief advies gegeven voor de nieuwe leidingstraat die de Antwerpse haven en het Ruhrgebied met elkaar moet verbinden. “Er zijn vandaag nog te veel onzekerheden”, zegt gedeputeerde van Ruimtelijke Ordening Inge Moors (CD&V). Het provinciebestuur vraagt bijkomend onderzoek, onder meer naar de meerwaarde van deze pijpleiding voor de provincie. Ook Bond Beter Leefmilieu is van mening dat eerst een industrieel transitiekader duidelijk moet maken wat het nut van de leidingen voor een klimaatneutraal Vlaanderen is.

Lees meer over:

Recent legde de Vlaamse regering een uitvoeringsplan op tafel voor de leidingstraat tussen de Antwerpse haven en het Ruhrgebied. Dat plan bevat drie mogelijke tracés voor deze 45 meter brede pijpleidingen die onder de grond onder meer zuurstof, aardgas, propyleen, CO2, waterstof en biobrandstoffen moeten transporteren. Elk van die tracés loopt door drie provincies: Antwerpen, Vlaams-Brabant en Limburg. De leidingstraat moet de concurrentie van de Antwerpse petrochemische cluster versterken en een antwoord bieden op de toenemende fileproblemen rond Antwerpen.

Toen het uitvoeringsplan op tafel kwam en duidelijk werd wat de mogelijke impact van deze pijpleidingen zou zijn, kwam er tegenkanting van omwonenden, lokale besturen, landbouwers en natuurorganisaties. Huizen moeten immers onteigend worden en de leidingstraat zou ook landbouw- en natuurgebieden doorkruisen en het landschap voorgoed veranderen, want op de 45 meter brede strook mogen geen diepwortelende gewassen zoals struiken of bomen komen en ook gebouwen of serres zouden niet meer toegelaten zijn op de strook.

pijpleiding grondwerken

Welke voordelen zijn er voor Limburg?

In een voorlopig advies spreekt nu ook de provincie Limburg zich uit tegen de leidingstraat. “Na het doornemen van de startnota van de Vlaamse regering blijven er te veel onzekerheden”, zegt Limburgs gedeputeerde Inge Moors. “Daarom geven we vandaag een negatief advies.” Moors vraagt dat eerst de maatschappelijke kosten-baten voor de provincie in beeld worden gebracht. “Limburg mag niet enkel worden gezien als een doorvoergebied, waarbij ruimte aangesneden wordt om de transportinfrastructuur mogelijk te maken.”

De deputatie zegt het potentieel van de nieuwe leidingstraat zeker te begrijpen, maar wil dat de Limburgse economie, maatschappij en bedrijven ook baat hebben bij de infrastructuur. “Zeker wanneer in de toekomst waterstof en CO2 kunnen afgenomen of geïnjecteerd worden, moeten Limburgers daar voordeel bij hebben. Zo helpen we onze economie te verduurzamen en weerbaar te maken. In dat opzicht is het opmerkelijk dat het grootste Limburgse bedrijventerrein Genk-Zuid niet aangedaan zou worden door de leidingen, in geen enkel tracé”, aldus Moors.

Meer focussen op bestaande infrastructuur

Verder is het provinciebestuur van mening dat men zoveel mogelijk de bestaande infrastructuur moet volgen, ook al resulteert dit in een meerkost. “Er moeten varianten mogelijk zijn waarbij bijvoorbeeld zones onder hoogspanningsleidingen of autostrades worden gebruikt, zodat de impact op mens en natuur tot een minimum wordt herleid. Ook de mogelijkheden van de koppeling met de infrastructuur van het Albertkanaal dienen allemaal of beter onderzocht te worden”, klinkt het.

Het grootste deel van de tracés situeert zich in agrarisch gebied waardoor er mogelijk een belangrijke impact op onze landbouwsector is

Inge Moors - Limburgs gedeputeerde voor Ruimtelijke Ordening

Er is ook nog te weinig zicht op de onteigeningen en de inname van privaat op publiek domein. “Dit moet duidelijker worden in beeld gebracht, voor alle scenario’s. Er moet ook nagegaan worden hoe onteigeningen zoveel mogelijk kunnen vermeden worden. En er moet zicht komen op de raming van de vergoedingen”, benadrukt Moors.

Uit berekeningen blijkt dat het overgrote deel van de tracés gelegen is in ‘openruimtebestemming’ (landbouw, natuur, bos, overig groen). Voor het noordelijk tracé zou het gaan om 90 procent, voor het centrale tracé om 81 procent en voor het zuidelijk tracé om 89 procent. “Het grootste deel situeert zich in agrarisch gebied, waardoor er mogelijk een belangrijke impact is op onze landbouwsector. En het lijkt me ook niet opportuun om een kaalkap te organiseren in onze Limburgse natuurgebieden”, besluit Moors.

Impact op landbouw

Waar de regering in haar uitvoeringsplan de impact op landbouw eerder gering beschouwt, lijkt de sector dit toch anders in te schatten. Boerenbond riep zijn leden op om te reageren op de startnota van de Vlaamse regering. Dat dit op relatief korte termijn en voor 30 april moet gebeuren, schiet in het verkeerde keelgat bij sommige landbouwers. “Het lijkt wel alsof ze opzettelijk het onderzoek laten lopen op het moment dat boeren van ’s morgens tot ’s avonds in de weer zijn”, getuigt landbouwer René Michielsen uit Noorderwijk in Gazet van Antwerpen.

Heel wat landbouwpercelen worden immers doormidden gesneden door de leidingstraat en dat zorgt sowieso voor waardeverlies. Bovendien worden een aantal teelten ook onmogelijk. Zo zal het niet meer mogelijk zijn om asperges te telen op de gronden omdat die zeer diep wortelen. “Voor ons dreigt ruim 3,5 hectare asperges verloren te gaan”, is te horen bij De Pleynhoeve. Andere landbouwers zien een rem op mogelijke bedrijfsuitbreidingen. “De geplande leidingstraat loopt niet door onze serres, maar wel op percelen die we op termijn kunnen gebruiken om ons bedrijf uit te breiden. Komt de pijpleiding er, dan betekent dit zonder meer een hypotheek op onze toekomst”, zegt tomatenteler Luc Beirinckx.

Eerst nood aan industrieel transitiekader

Net als de provincie Limburg vindt Bond Beter Leefmilieu (BBL) dat er nog te veel onduidelijkheid is. “We weten niet wat exact zal getransporteerd worden door de leidingen”, legt Tycho Van Hauwaert uit. “Eerder werd gehint op het transport van waterstof en CO2. Vandaag ligt de focus echter op permanente fossiele waardeketens. En laat dat nu exact zijn wat we niet nodig hebben in de industriële transitie”, luidt het. BBL stelt zich ook de vraag of het vervoer via pijpleidingen ook effectief een vermindering van vrachtwagens op de weg zal betekenen.

De koepelorganisatie vraagt zich af of het niet beter zou zijn om eerst te analyseren wat de noden zijn voor de Vlaamse industrie om klimaatneutraal te worden. “De eerste vraag die we ons moeten stellen, is welke industrie we hier nog willen. We hebben innovatieve, schone en vooral circulaire bedrijven nodig”, aldus Van Hauwaert.

Daarom roept hij Vlaanderen op om werk te maken van een industrieel transitiekader. “Die transitie zal nieuwe technologische processen vragen: grootschalige elektrificatie, maar ook nieuwe transportinfrastructuur van nieuwe energiedragers zoals waterstof en op moleculen gebaseerde energie. Pas als we daar zicht op hebben, kunnen we ook de infrastructuur onder handen nemen”, besluit Bond Beter Leefmilieu.

Uitgelicht
Een 45 meter brede en meer dan 100 kilometer lange strook van pijpleidingen moet de Antwerpse haven verbinden met het Ruhrgebied. Daarmee wil de Vlaamse overheid een antwoord...
21 april 2021 Lees meer

Bron: Eigen verslaggeving / Gazet van Antwerpen

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek