"Juiste bedrijfsvorm en financiering nodig in landbouw"
nieuwsIn de Flanders Agrofood Valley die minister Joke Schauvliege tijdens haar regeerperiode (2014-2019) wil faciliteren, zijn de landbouwers en vissers “het grootste kapitaal”. Daarom hecht ze veel belang aan een vlotte generatiewissel en de instroom van starters die niet opgegroeid zijn in de sector. De minister is zich er ook van bewust dat de sector maar dynamisch en innovatief kan ontwikkelen mits toegang tot kapitaal en grond. Schauvliege vindt het opportuun om alternatieve bedrijfsvormen (b.v. coöperatieven-clusters) en bijzondere financieringsvormen (b.v. win-winlening, crowdfunding, microkrediet, zaadkapitaal) te onderzoeken. Inzake de toegang tot grond gelooft de minister dat het heil voor jonge boeren van de hervorming van de pachtwet moet komen.
Het aantal landbouwbedrijven in Vlaanderen neemt jaarlijks af. Jongeren zijn wel bereid om in te stappen in de land- en tuinbouwsector, maar kunnen dit niet altijd. De redenen hiervoor zijn onder meer de financieel zware investeringen en de risico’s die gepaard gaan met bedrijfsovernames, de moeilijke toegang tot dure grond, de prijsvolatiliteit, de grote omvang van de bedrijven en de daardoor stijgende overnamekosten.
Vlaams minister van Landbouw Joke Schauvliege heeft de generatiewissel en externe instroom in de sector aangestipt als een uitdaging. Het merendeel van de bedrijfsleiders heeft namelijk geen uitzicht op een opvolger. De minister acht ondersteuning voor de starters noodzakelijk en noemt in dat kader de gratis betalingsrechten voor rechtstreekse inkomenssteun die jonge en startende landbouwers vanaf 2015 kunnen verwerven. Vlaanderen maakt maximaal gebruik van de mogelijkheden die het hervormde Europese kader biedt. Twee procent van het Europees budget dat Vlaanderen uitkeert aan directe steun reserveert Schauvliege voor een specifieke betaling aan jonge, startende landbouwers.
Jongeren die een landbouwbedrijf overnemen, zullen ook in de toekomst kunnen rekenen op vestigingssteun. De minimale bedrijfsomvang om daarvoor in aanmerking te komen, wordt verlaagd zodat instappen in de boerenstiel eenvoudiger wordt. Ook de geleidelijke instap in de sector, via een bijberoep dat een beperkt inkomen uit landbouw oplevert, geniet de steun van de minister. Bij aanpassingen of opmaak van wetgeving zullen barrières die drempelverhogend werken voor jongeren worden vermeden of afgebouwd.
Grond is een heikel punt voor heel wat jonge boeren zodat Schauvliege bij een eventuele herziening van de pachtwet op Vlaams niveau wil onderzoeken of er mogelijkheden zijn om jongeren een betere toegang tot grond te verlenen. “Dit moet wel billijk zijn tegenover eigenaar en pachter en mag niet ten koste gaan van de economische leefbaarheid van bestaande bedrijven.”
In haar beleidsnota zet Schauvliege een boompje op over “de juiste bedrijfsvorm” en de “juiste financiering” van een landbouwbedrijf. Ze vindt het bijvoorbeeld belangrijk dat landbouwers een juridische structuur kiezen die past bij de aard en omvang van hun bedrijf. Het stimuleren van vennootschapsvormen staat wat dat betreft al langer op de agenda. De laatste jaren worden er meer landbouwbedrijven omgevormd naar een vennootschapsvorm en stappen meer starters in een landbouwbedrijf via de overname van aandelen.
Voor de financiering van een startend landbouwbedrijf wil Schauvliege een inspanning doen opdat overheidsdiensten alternatieve financieringsvormen (win-winlening, crowdfunding, enz.) op dezelfde manier zouden beoordelen als traditionele kredieten. Samen met andere overheden wil Schauvliege vanuit landbouw kijken naar alternatieve bedrijfs- en financieringsvormen. Ook wil ze nagaan of fiscale mechanismen zoals carry back/carry forward van verliezen en winsten een stimulerend effect kunnen hebben.
De minister belooft werk te maken van een efficiënte toepassing van het Europees gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) in Vlaanderen. Daarbij Vlaanderen de plattelandspijler versterken door een deel middelen over te hevelen vanuit het budget dat bestemd is voor rechtstreekse inkomenssteun. Dat gebeurt in stappen maar gaat in 2018 al over tien procent van het pijler-I-budget. “De middelen zullen enkel worden overgeheveld naar pijler-II-maatregelen waar landbouwers de rechtstreekse begunstigden van zijn”, stelt Schauvliege gerust. “Bovendien zal ik op EU-niveau blijven ijveren voor een flexibel Europees beleid dat ook ondersteuning biedt voor de noden van Vlaamse boeren en tuinders die in conjunctuurgevoelige tijden hoog productief en innovatiegericht bezig zijn in een druk bevolkte regio.
Zware investeringen, een tegenvallende oogst, fluctuerende marktprijzen, geopolitieke spanningen (denk maar aan de Oekraïne-Ruslandcrisis en het boycot van westerse land- en tuinbouwproducten dat daaruit volgde, nvdr.), … maken het landbouwbedrijven moeilijk om te overleven. De financieel-economische crisis zorgt voor bijkomende onzekerheid. Daarom wil Schauvliege inzetten op preventieve bedrijfsondersteuning en falingspreventie. Zij maakt gewag van een ‘preventiebeleid’ dat kijkt hoe de cijfers van bepaalde bedrijven nuttig kunnen zijn voor andere bedrijven. Landbouwbedrijven in moeilijkheden zouden vroeg opgespoord moeten worden. In dat kader zal de minister nagaan hoe Boeren op een Kruispunt nog beter kan samenwerken met diverse overheidsdiensten.
In een geglobaliseerde economie zit de Vlaamse land- en tuinbouw geprangd tussen een zeer grote volatiliteit in de prijs- en margevorming en het zeer moeilijk kunnen internaliseren van maatschappelijke kosten in de consumentenprijzen. Schauvliege sluit niet uit dat er een discussie nodig is over een nieuw businessmodel voor de Vlaamse land- en tuinbouw.
Om op landbouwbedrijven aan risicobeheer te doen, kijkt de minister in de eerste plaats naar de mogelijkheden die het nieuwe GLB biedt. Inzake risicobeheer heeft Vlaanderen twee nieuwe instrumenten: het geregionaliseerde landbouwrampenfonds en brede weersverzekeringen die de overheid vanaf 2017 via het plattelandsbeleid financieel zal ondersteunen. Om in geval van crisis de coördinatie van de aanpak te verbeteren, laat Schauvliege een crisismanagementdraaiboek ontwikkelen.
Meer info: Beleidsnota Landbouw en Visserij 2014-2019
Beeld: Loonwerk Defour