nieuws

IFPRI-experts pleiten voor welslagen Doha-ronde

nieuws
Het Europese of Amerikaanse landbouwbeleid is geen model voor de ontwikkelingslanden. Om de huidige voedselcrisis op te lossen, moet vooral de productiviteit van de kleine boeren in het Zuiden verhoogd worden. Ook moet de wereldhandel verder geliberaliseerd worden. Arme landen moeten wel een overgangsperiode krijgen. Dat zeggen experts van de internationale denktank IFPRI. Ze hechten voorlopig weinig waarde aan de recente prijsdalingen van rijst, zuivel en graan.
19 mei 2008  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:03
Het Europese of Amerikaanse landbouwbeleid is geen model voor de ontwikkelingslanden. Om de huidige voedselcrisis op te lossen, moet vooral de productiviteit van de kleine boeren in het Zuiden verhoogd worden. Ook moet de wereldhandel verder geliberaliseerd worden. Arme landen moeten wel een overgangsperiode krijgen. Dat zeggen experts van de internationale denktank IFPRI.

Het International Food Policy Research Institute publiceerde zijn analyse van de voedselcrisis. Bijna 1 miljard mensen heeft nu al onvoldoende voedsel. Wereldwijd zijn er naar schatting 160 miljoen mensen die met minder dan 0,5 dollar per dag moeten rondkomen. Het voornaamste antwoord op de voedselcrisis ligt dan ook in die landen, aldus IFPRI, een denktank met wereldwijd tientallen medewerkers. Er moet veel meer geïnvesteerd worden in de lokale landbouw, zodat de arme landen - voornamelijk in zwart Afrika - zelfvoorzienend worden.

Die investering mag niet verlopen zoals in de EU en de VS, met geldtransfers naar de boeren. Wel moet geïnvesteerd worden in zaaigoed, transport, irrigatie, opleiding en sociale bescherming van de boeren. Zeer belangrijk zijn ook extra investeringen in innovatie. De opbrengst per hectare stijgt de jongste jaren te langzaam. Als dat niet verandert, kan er in de toekomst onvoldoende voedsel worden geproduceerd.

IFPRI-directeur Joachim von Braun hoopt op het welslagen van de Doha-ronde in de Wereldhandelsorganisatie. De liberalisering moet zorgen voor 'een globaal systeem dat landbouwhandel op een eerlijke en gelijke basis behandelt'. Hoe vrijer de handel, hoe beter, aldus Von Braun, al kunnen ontwikkelingslanden in een overgangsperiode nog van bescherming genieten. Op wereldniveau moet ook gewerkt worden aan een beter niveau van de voorraden en moet financiële speculatie vermeden worden.

Dat alles zijn de maatregelen voor de lange termijn. Op korte termijn moet ook ingegrepen worden, in de eerste plaats door het optrekken van de voedselhulp. Het extra geld dat nu al is ingezameld, volstaat niet. Von Braun vindt dat vooral de grote exporteurs van olie en voedsel moeten betalen. Zij hebben immers het meest verdiend aan de crisis. "Er was de jongste maanden een enorme herverdeling van de rijkdom in de wereld", luidt het.

Op korte termijn moeten ook de exportbeperkingen in diverse landen gestopt worden. Die nationale maatregelen maken de problemen op wereldniveau alleen maar erger. Bovendien ontmoedigen ze de lokale boeren. Tot slot moet het beleid inzake biobrandstoffen 'verbeterd' worden. Via subsidies werden die te nadrukkelijk gepromoot, waardoor ze te snel concurrentie gingen vormen voor voedsel. De subsidiëring moet onmiddellijk gestopt worden, aldus IFPRI.

Het grootste slachtoffer van de voedselcrisis wordt West-Afrika, voorspelt de denktank. Die regio moet nu veel voedsel kopen, op het hoogtepunt van de prijzen. De voorraden zijn er laag. De IFPRI-experts hechten voorlopig weinig waarde aan de daling van de prijzen van rijst, zuivel en graan. Die prijsdalingen zijn al bij al beperkt. "Er zullen nog dalingen zijn, en daarna weer stijgingen. De prijs blijft instabiel op een hoog niveau".

Niet alleen de prijs van voedsel moet anders bekeken worden. Ook de waarde van landbouwgrond en van water verdient extra aandacht. Het gebrek aan goede grond en aan water zal op lange termijn een zorg blijven.(KS)

Meer informatie: Rising Food Prices

Bron: De Tijd

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek