nieuws

"G8-project criminaliseert Afrikaanse landbouwtraditie"

nieuws
De New Alliance for Food Security and Nutrition (NAFSN), een ontwikkelingsprogramma van de G8 dat 50 miljoen Afrikanen via privé-publieke samenwerkingen uit de armoede moet halen, criminaliseert eeuwenoude tradities zoals het ruilen van zaaigoed. Dat zeggen verschillende stemmen uit Tanzania, één van de eerste landen die het programma doorvoerde. “Op je lauweren rusten en denken dat je kan voortgaan op wat je overgrootmoeder verbouwde, loopt gegarandeerd rampzalig af”, reageert Kinyua M’Mbijjewe van Syngenta, dat als privépartner deelneemt aan het project. “De reden dat we in Afrika honger hebben, is dat er onvoldoende landbouwinputs zijn.”
18 oktober 2016  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:37

De New Alliance for Food Security and Nutrition (NAFSN), een ontwikkelingsprogramma van de G8 dat 50 miljoen Afrikanen via privé-publieke samenwerkingen uit de armoede moet halen, criminaliseert eeuwenoude tradities zoals het ruilen van zaaigoed. Dat zeggen verschillende stemmen uit Tanzania, één van de eerste landen die het programma doorvoerde. “Op je lauweren rusten en denken dat je kan voortgaan op wat je overgrootmoeder verbouwde, loopt gegarandeerd rampzalig af”, reageert Kinyua M’Mbijjewe van Syngenta, dat als privépartner deelneemt aan het project. “De reden dat we in Afrika honger hebben, is dat er onvoldoende landbouwinputs zijn.” 

Tanzaniaanse boeren riskeren zware celstraffen als ze hun traditionele zadenruil verderzetten. Dat staat te lezen op de Noord-Zuidwebsite MO*. “Om ontwikkelingshulp te krijgen moet Tanzania de Westerse landbouwindustrie de vrije baan geven en sluitende bescherming bieden voor gepatenteerde zaden”, zo klinkt het. Aan het woord is Michael Farrelly van TOAM, de Tanzaniaanse vereniging voor biolandbouwers. “Tachtig procent van de zaden wordt gedeeld en verkocht in een informeel systeem tussen buren, vrienden en familie, maar de nieuwe wetgeving in Tanzania criminaliseert die praktijk’, aldus Farrelly.

In samenspraak met de G8 voerde de Tanzaniaanse overheid enkele wijzigingen door omtrent intellectueel eigendomsrecht op zaden. Die wijzigingen zijn een voorwaarde om ontwikkelingshulp te krijgen via de New Alliance for Food Security and Nutrition, of kortweg NAFSN. De NAFSN werd in 2012 gelanceerd door de G8 met als doel via publiek-private samenwerking 50 miljoen mensen uit de armoede en honger te helpen in de tien Afrikaanse partnerlanden. Het initiatief krijgt onder meer steun van de Europese Unie, de Verenigde Staten, de Wereldbank en de Bill & Melinda Gates Stichting.

“Als je onder de nieuwe wetgeving zaden koopt van Syngenta of Monsanto dan behouden zij het intellectuele eigendomsrecht”, doet Farrelly zijn verhaal. “Als je uit je eerste oogst zaden bewaart, mag je ze enkel op je eigen stukje land gebruiken voor niet-commerciële doeleinden. Je mag ze niet delen met je buur, uitwisselen met je schoonzus een dorp verder en je mag ze zéker niet verkopen. Maar dat is nu net de hele basis van het zaadsysteem in Afrika. Boeren die zich niet houden aan de regels riskeren gevangenisstraffen en boetes tot 205.000 euro, terwijl het gemiddelde loon nog geen 2 dollar per dag bedraagt.”

Privé-bedrijven die investeren via NAFSN worden geacht aandacht te hebben voor kleine boeren en vrouwen in hun projecten, maar daar valt volgens Farrelly niet veel van te merken. “Zelfs het Europees Parlement bracht in mei van dit jaar een kritisch rapport uit over NAFSN. In de praktijk betekent het dat de vijftig miljoen mensen die de New Alliance uit de armoede wil halen, enkel mogen ontsnappen aan armoede en honger als ze elk jaar zaden kopen van de bedrijven die achter de G8 staan.”

“Intellectueel eigendomsrecht zorgt ervoor dat boeren een betere toegang tot technologie krijgen”, pareert Kinyua M’Mbijjewe van Syngenta de kritiek. “Een bedrijf dat wil investeren, wil zeker zijn dat zijn technologie bescherming geniet. Afrikaanse boeren hebben traditioneel gezien hun zaden gedeeld, geruild en verhandeld. Voor de boeren die dat willen blijven doen, is het belangrijk dat ze die keuze hebben. We zijn een commercieel bedrijf en daarom investeren we in Afrika. Wij geloven dat Afrika over ontwikkelingshulp heen is en dat het nu om handel gaat. Wat voor ons duidelijk is: de reden dat we in Afrika honger hebben, is dat er onvoldoende landbouwinputs zijn.”

Bron: MO*

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek