nieuws

"Empathie en kennis vormen basis dierenwelzijn"

nieuws
Het overgrote deel van de bevolking heeft voldoende empathie om aan te voelen hoe ze zich moeten gedragen ten opzichte van soortgenoten. Maar als het over andere soorten gaat, heb je veel meer kennis nodig om te weten wat goed, gezond of belangrijk is. En daar loopt het wat dierenwelzijn betreft al eens mis, zowel bij nutsdieren als bij hobbydieren. Dat zegt ethicus Dirk Lips in een gesprek met VILT. “Communicatie daarover kan die onwetendheid voor een groot stuk de wereld uit helpen.”
17 februari 2016  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:26
Lees meer over:

Het overgrote deel van de bevolking heeft voldoende empathie om aan te voelen hoe ze zich moeten gedragen ten opzichte van soortgenoten. Maar als het over andere soorten gaat, heb je veel meer kennis nodig om te weten wat goed, gezond of belangrijk is. En daar loopt het wat dierenwelzijn betreft al eens mis, zowel bij nutsdieren als bij hobbydieren. Dat zegt ethicus Dirk Lips in een gesprek met VILT. “Communicatie daarover kan die onwetendheid voor een groot stuk de wereld uit helpen.” 

Empathie is een noodzakelijke voorwaarde om op een verantwoorde en diervriendelijke manier met dieren om te gaan. Als je je niet kan inleven in het bestaan van iemand anders, dan kan je ook niet bekommerd zijn om dierenwelzijn. Bij mensen onderling is het zo dat de meesten over voldoende empathie beschikken om te weten wat ze moeten doen, maar voor andere soorten is dat vaak een stuk moeilijker. “Het mooiste voorbeeld is een hond met een jasje aan”, zo legt ethicus Dirk Lips uit. “Het baasje van zo’n hondje heeft een groot empathisch vermogen, maar kent niets van honden.”

“Daar knelt het schoentje vaker”, aldus Lips, “empathie zonder kennis van de andere soort.” Het zou daarom niet onverstandig zijn om daar ook vanuit de landbouwsector wat meer over te communiceren, zo meent Lips: “Het is bijvoorbeeld niet erg voor een koe om in een potstal te staan, want zo’n stal voldoet aan de behoeftes van een koe. Ok, ze zijn opgesloten, maar de vraag is: missen ze iets? Ik maak soms de vergelijking met de mens. Wij kunnen ook 50 kilometer wandelen op een dag, en als we geen voedsel zouden hebben, dan zouden we dat ook doen. Maar geef ons voldoende eten en we zetten ons in de zetel, zonder dat we het gevoel hebben iets te missen. De relevante vraag luidt dus: welke prikkels krijgen dieren en voelen ze zich gefrustreerd of niet? Wel, om een antwoord op die vragen te formuleren moet je kennis van de soort hebben. En dat geldt uiteraard in de eerste plaats voor veehouders.”

Lips is er zich van bewust dat de kennis rond dierenwelzijn nog steeds volop in beweging is. “Dierenwelzijn is een jonge wetenschap, namelijk zo’n goeie 100 jaar. Van vissen begrijpen we bijvoorbeeld steeds beter op welke manier zij pijn voelen en stress ervaren. Met de huidige inzichten kunnen we ons zelfs afvragen of hengelen – een vis aan zijn lip uit het water trekken – nog wel zo verantwoord is.” We weten niet alleen steeds meer over hoe we pijn kunnen vermijden, maar begrijpen ook steeds beter wat voor de dieren van belang is, welke gedragsbehoeften ze hebben.

In de varkenshouderij wordt er volgens Lips nog te weinig rekening gehouden met die behoeften. “Hier wordt met de grens geflirt: wat is er beter, er nooit zijn of varken zijn”, aldus Lips. “Op dat punt verschil ik grondig van mening met vegetariërs en veganisten. Zij maken de morbide redenering dat het altijd beter is voor een dier om er nooit geweest te zijn. Wel, dat is niet waar. Voor de meeste dieren is het nog altijd beter om er te zijn, hoe kort en onvolmaakt hun bestaan in de veehouderij ook is, dan er niet te zijn.”

“We weten vandaag beter dan ooit waar die grens van het aanvaardbare op het vlak van pijn en gedragsbehoeften ligt”, aldus Lips. “De wetgeving volgt daar ook trouwens, kijk maar naar de groepshuisvesting voor zeugen en het verbod op individuele huisvesting van kalveren. Die wetten willen niet alleen pijn verminderen, maar vooral ook aan andere behoeften van dieren voldoen. Het is hoe dan ook de taak van de landbouwsector om ervoor te zorgen dat het voor elk landbouwdier altijd beter is geweest om te bestaan dan om niet te bestaan.”

Naast onze groeiende wetenschappelijke kennis is ook onze mens-dierrelatie grondig aan het veranderen. “De omgang met een dier is afhankelijk van de waarde die je eraan hecht”, legt Lips uit. “Als steeds meer mensen gezelschapsdier-relaties hebben, dan zal de individuele benadering van dieren steeds belangrijker worden. Dat is voor een stuk het humaner worden van de maatschappij. Maar nogmaals, gezelschapsdieren zijn niet altijd beter af. Wat met het welzijn van een hond die een hele dag alleen opgesloten zit en zich enorm verveelt? Zo’n dier is niet beter af dan een varken in onze varkenshouderij. Of je zal maar het paard van een 14-jarig meisje zijn. Als je een hengst bent, word je gecastreerd en opgesloten in een box voor de rest van je leven, weliswaar met een regelmatig gekamde haardos…” 

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek