Eerste hulp bij uitgebalanceerde bemesting voedergewas
nieuwsBij de voorstelling van de initiatieven op vlak van voorlichting aan landbouwers presenteerde de Vlaamse landbouwadministratie de praktijkgids bemesting. De gids zelf was al langer online beschikbaar, maar werd uitgebreid met een module ‘grasland en voedergewassen’. Aangezien gras, maïs en andere voedergewassen veruit het meest beslag leggen op het landbouwareaal wordt in meer dan 80 pagina’s de teeltkennis van landbouwers bijgespijkerd. Praktische tips helpen bij het behalen van goede opbrengsten in combinatie met een laag nitraatresidu en geringe uitspoeling van nutriënten naar het oppervlaktewater.
Een rijke oogst van gewassen is in hoge mate afhankelijk van de vruchtbaarheid van de bodem en de beschikbaarheid van een hele reeks voedingselementen in de gewenste verhouding. Oordeelkundig bemesten vereist veel kennis van de teler. Bovendien moet hij een hoge opbrengst verzoenen met een laag verlies van nutriënten naar het milieu. Aangezien een landbouwer niet alle wijsheid in pacht kan hebben, is er voor de Vlaamse overheid een rol weggelegd inzake kennisdeling. Met een erg uitgebreide praktijkgids bemesting die online gratis beschikbaar is, doet het Departement Landbouw en Visserij op een efficiënte manier aan voorlichting.
In de module ‘grasland en voedergewassen’ van de praktijkgids komen gras en een mengteelt van gras en vlinderbloemigen aan bod en verder ook maïs, voederbieten en luzerne als belangrijkste voedergewassen. Specifieke kenmerken van de planten die verband houden met de behoefte en de benutting van nutriënten uit dierlijke mest of kunstmest, worden uitgebreid besproken. Een aantal praktijkvoorbeelden zetten landbouwers op weg naar een oordeelkundige bemesting.
Voorlichter Geert Rombouts drukt landbouwers op het hart dat gras niet vanzelf groeit, ook al ziet het er van ver altijd mooi groen uit. “Zowel de opbrengst als de kwaliteit van grasland zijn sterk afhankelijk van de bemesting. Een landbouwer moet het als een permanente uitdaging zien om zijn teeltkennis te verfijnen.” Twintig jaar geleden werd door de overheid voorzichtig geopperd dat 100 ton drijfmest per hectare misschien niet nodig is om goede maïs te telen. Met 35 ton drijfmest staat de maïs er vandaag even goed bij. Zo zie je maar dat onderzoek, voorlichting en landbouw samen een lange weg kunnen afleggen.
De praktijkgids bestaat in totaal uit drie modules en behandelt ook meststoffen en groenbedekkers en het wettelijk kader. Door de intussen veranderde mestwetgeving (MAP5) moet die laatste module alweer aangepast worden. Dit zal op korte termijn gebeuren. Doordat de praktijkgids digitaal beschikbaar is op de website van het Departement Landbouw en Visserij kan de informatie up-to-date gehouden worden. Met deze publicatie hoopt de administratie een bijdrage te kunnen leveren aan een rendabele landbouwproductie en het behalen van de doelstellingen inzake de verbetering van de waterkwaliteit.