Detroit dankt economische wederopstanding aan voedsel
nieuwsHet Belang van Limburg brengt het verhaal van de economische wederopstanding van de Amerikaanse stad Detroit. De afbollende auto-industrie liet er, net zoals in Genk, een economische puinhoop achter. De aanpak van crisismanager Dan Carmody kan inspirerend werken. Hij gelooft dat je de welvaart van een stad weer kan opbouwen te beginnen bij voedsel. Zijn Eastern Market en de 300 bedrijfjes errond geven werk aan 2.800 mensen. “Het belangrijkste is in elk geval om de economie te diversifiëren”, vertelt Carmody.
Wat hebben Genk en de Amerikaanse stad Detroit met elkaar gemeen? De auto-industrie die er sterk verankerd was. We schrijven verleden tijd want zoals je weet, is Ford weggetrokken uit Genk. Limburg heeft zelfs een strategisch actieplan uitgewerkt om die opdoffer voor de werkgelegenheid te boven te komen. In Detroit is men ook niet bij de pakken blijven zitten nadat het bergaf ging met de auto-industrie. Dan Carmody werd aangeduid als crisismanager. De man is al heel zijn leven bezig om steden na forse tegenslagen weer te doen opleven. In de jaren ‘80 deed hij dat in Illinois waar de fabrieken voor tractoren vertrokken. Nu zit hij in Detroit, en in de lente trekt hij naar Griekenland om te bekijken hoe lokale markten standhouden tijdens een financiële crisis. In Genk is hij ook al geweest.
De les die Carmody uit die ervaringen trekt, is altijd dezelfde. “Het belangrijkste is om de economie te diversifiëren. Dat hebben we in Detroit gezien, waar alles enkel draaide rond auto's maken. Detroit is een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet”, citeert Het Belang van Limburg hem. Om opnieuw jobs te creëren in de Amerikaanse stad zet Carmody in op de lokale voedseleconomie. “Mensen zijn de laatste tijd erg geïnteresseerd in waar hun eten vandaan komt, daar spelen we op in. Momenteel zijn er 150 bedrijven rond de Eastern Market, een markt die al bestaat sinds 1891, aan het uitbreiden. “In de voedingsindustrie kun je 18 à 21 dollar per uur verdienen. Dat is niet heel veel, maar in elk geval meer dan de 5 à 6 dollar per uur in een fastfoodtent. In een autofabriek kregen ze vroeger 35 à 40 dollar per uur.”
Behalve voedingsbedrijven duiken er in Detroit ook steeds meer verkooppunten en horecazaken op. “Het aanbod aan voedingswinkels is de laatste vijf jaar fors verbeterd”, zegt Carmody. “Ook het aantal restaurants groeit. Ze zijn in handen van lokale mensen en niet van ketens. Dat is nu het voordeel van onsuccesvolle steden, dat de ketens er wegblijven. Goed, want die hebben de neiging om de kwaliteit van het eten naar beneden te halen. Bovendien blijft de winst van lokale restaurants dan ook lokaal. Dat is heel belangrijk voor steden die willen verbeteren.”
Bron: Het Belang van Limburg
Beeld: Eastern Market