nieuws

Ander statuut nodig voor 'gerecycleerde' mestnutriënten

nieuws
Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) is één van de organisaties die gebruikmaakte van de inspraakprocedure omtrent het vijfde mestactieplan. Vanuit haar expertise vestigt VCM de aandacht op het beter benutten van dierlijke mest door mestscheiding, wat kan resulteren in een lager kunstmestgebruik. Een ander belangrijk punt voor VCM is de beoogde transitie van nutriëntenverwijdering naar nutriëntenrecuperatie met behoud van organische stof. In het huidige wetgevende kader wordt deze ontwikkeling afgeremd omdat gerecupereerde nutriënten nog altijd het statuut dierlijke mest hebben. Dit verhaal dreigt zonder een statuutwijziging van de gerecupereerde nutriënten vast te lopen op hogere kosten.
16 september 2014  – Laatst bijgewerkt om 14 september 2020 14:27
Lees meer over:

Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) is één van de organisaties die gebruikmaakte van de inspraakprocedure omtrent het vijfde mestactieplan. Vanuit haar expertise vestigt VCM de aandacht op het beter benutten van dierlijke mest door mestscheiding, wat kan resulteren in een lager kunstmestgebruik. Een ander belangrijk punt voor VCM is de beoogde transitie van nutriëntenverwijdering naar nutriëntenrecuperatie met behoud van organische stof. In het huidige wetgevende kader wordt deze ontwikkeling afgeremd omdat gerecupereerde nutriënten nog altijd het statuut dierlijke mest hebben. Dit verhaal dreigt zonder een statuutwijziging van de gerecupereerde nutriënten vast te lopen op hogere kosten.

Landbouwbedrijven aanmoedigen om gepaster gebruik te maken van hun meststoffen, is een specifiek aandachtspunt van MAP5. Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) ondersteunt deze zienswijze, en maakt deel uit van meerdere onderzoeksprojecten die lopen rond het beter benutten van de nutriënten uit dierlijke mest. “Dit kan in theorie reeds met vrij eenvoudige technologische oplossingen, zoals het scheiden van bepaalde mesttypes in fracties die beter aansluiten bij de gewasbehoeften”, vertelt Viooltje Lebuf van VCM.

Momenteel wordt die ontwikkeling enigszins afgeremd aangezien een akkerbouwer in de praktijk niet altijd bereid is een hogere waarde toe te kennen aan gescheiden fracties met een betere verhouding tussen stikstof en fosfor. De reden is dat gescheiden mestfracties nog steeds onder de stikstofnorm voor dierlijke mest (170 kg/ha) uitgereden moeten worden. Een betere benutting van dierlijke nutriënten in Vlaanderen zou zich echter wel kunnen vertalen in een gereduceerd kunstmestgebruik.

Volgens VCM moeten er dus extra stimulansen gezocht worden voor het gebruik van dierlijke stikstof, bijvoorbeeld onder de vorm van gescheiden dunne fracties, op Vlaamse landbouwgrond. Zonder deze stimulansen is de veehouder niet in staat de extra kosten van scheiden op het bedrijf (aanpassing milieuvergunning, opslag, eventueel luchtwasser, enz.) te compenseren door de toegevoegde waarde van het eindproduct.

Een belangrijk punt voor de mestverwerkingssector is de beoogde transitie van nutriëntenverwijdering naar nutriëntenrecuperatie met behoud van organische stof. VCM anticipeerde reeds op deze beleidsstrategie door een haalbaarheidsstudie uit te laten voeren die gaat uitzoeken of een opschaling mogelijk is van de extractie van fosfor uit de dikke mestfractie.

Tot slot mist VCM bij de specifieke aandachtspunten van MAP 5 nog de focus op biogasproductie. “Biogasproductie uit mest, alvorens deze te gaan benutten als meststof, kan significante voordelen opleveren naar lucht, klimaat en uitputting van de fossiele grondstoffen”, klinkt het.

Bron: VCM-nieuwsbrief / eigen verslaggeving

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek