Vlaamse boer verdient in 2012 helft van loontrekkende
nieuwsUit een voorlopige raming van Boerenbond blijkt dat het Vlaams land- en tuinbouwinkomen in 2012 ondermaats blijft en voor het vijfde jaar op rij significant lager ligt dan het gemiddelde reële inkomen van de laatste 30 jaar. “Het gemiddeld inkomen per voltijdse arbeidskracht in de landbouw bedraagt slechts de helft van het gemiddeld inkomen van loontrekkenden in Vlaanderen”, aldus voorzitter Piet Vanthemsche.
Dit jaar zal de Vlaamse boer gemiddeld zo’n 70 procent meer verdienen dan in 2011. “Maar de EHEC-crisis en de dioxinecrisis in Duitsland die de sector toen de das omdeden, vertekenen het beeld”, meent Vanthemsche. De situatie van 2012 vergelijken met die van 2010 geeft meteen een veel minder positief beeld: het geraamd inkomen dit jaar ligt 18,4 procent lager dan in 2010. Als het gemiddeld inkomen van de referentieperiode 2003-2007 erbij wordt gehaald, dan blijkt dat de Vlaamse landbouwers zo’n 27,2 procent minder verdienen dit jaar.
Toch maakte Boerenbond voor de omzet van de Vlaamse land- en tuinbouw de vergelijking met 2011. De organisatie verwacht dat de omzet in 2012 globaal stijgt met tien procent in vergelijking met 2011. De directe kosten nemen met vier procent toe. Vooral de energiefactuur (+10%) en de kost voor plantenvoeding (+6%) gaan omhoog, terwijl veevoeders die vooral in de varkenshouderij de helft van de productiekost uitmaken, stijgen met 1,4 procent. Toch zijn er sterke verschillen tussen de deelsectoren waar te nemen.
In de plantaardige sector voorspelt de landbouworganisatie een omzetstijging van 16 procent. Die is vooral een gevolg van betere prijzen. “Zo ligt de Belgische graanproductie op hetzelfde niveau als vorig jaar, hoewel er tien procent meer areaal is uitgezaaid, maar de prijzen zijn sinds juli 2011 wel sterk gestegen”, legt François Huyghe van de studiedienst van Boerenbond uit. Ook in de aardappelsector is eenzelfde verhaal waar te nemen: de opbrengst ligt een stuk lager dan vorig jaar (-17%), maar de prijzen zijn aanzienlijk hoger.
Na het dramatische jaar 2011 valt een herstel waar te nemen in de groentesector. “De globale omzet steeg in 2012 met 23 procent. Door deze stijging werd de omzetdaling van vorig jaar rechtgezet. De aanzienlijk betere prijzen zijn de motor van de omzetstijging in de sector”, luidt het. In de fruitsector zien we dan weer een daling van de globale omzet met 17 procent. “Dit heeft in hoofdzaak te maken met een slechtere prijsvorming in de eerste acht maanden van 2012. Intussen is de nieuwe oogst appels en peren grotendeels binnengehaald. Het lijkt erop dat er minder opbrengst zal zijn, maar wel een betere prijsvorming.”
De omzet in de dierlijke sectoren stijgt met zeven procent. In de varkenssector bleef het aantal slachtingen dit jaar op niveau, maar de gemiddelde prijzen stegen met maar liefst 14,4 procent tegenover dezelfde periode vorig jaar. “Toch is dit geen reden tot euforie, want ook de directe kosten gingen sterk omhoog”, legt Huyghe uit. De melkveehouderij ziet zich dan weer geconfronteerd met een prijsdaling van 12 procent. “Hoewel de productie met één procent steeg, daalde de omzet van de melkveesector globaal met 11 procent.”
François Huyghe wijst erop dat alle berekeningen zijn gebaseerd op de evoluties van de prijzen en hoeveelheden van de eerste acht maanden van 2012. “Dit wordt vergeleken met de eerste acht maanden van 2011 en geëxtrapoleerd naar jaarcijfers. Evoluties die zich na 31 augustus voordoen, kunnen deze cijfers dus nog beïnvloeden.” Zo wijst hij erop dat de varkensprijs pas in augustus is beginnen stijgen en dat ook de melkprijs een stijgende trend vertoont. “Het is dus afwachten hoe dit verder evolueert de komende vier maanden.”
Om het vertekende beeld van een vergelijking tussen 2011 en 2012 in het juiste perspectief te plaatsen, vergeleek Boerenbond het reële inkomen (gecorrigeerd voor inflatie, nvdr) over langere termijn. Sinds 2008 ligt het landbouwinkomen, uitgedrukt in koopkracht, aanhoudend lager dan het gemiddeld inkomen dat door de boeren in de periode 1981-2007 gerealiseerd werd. “Als we de reële toegevoegde waarde van de sector vergelijken met het landbouwinkomen, dan zien we dat het inkomen meer gedaald is dan de toegevoegde waarde. Dit wijst op een ondermaatse vergoeding voor de geleverde toegevoegde waarde, terwijl de vaste kosten niet afnemen.”
Boerenbond maakte ook een vergelijking tussen het gemiddelde landbouwinkomen en het gemiddeld inkomen van een loontrekkende in Vlaanderen. Waar een Vlaamse boer gemiddeld genomen 21.228 euro op jaarbasis verdient, krijgt een loontrekkende zo’n 42.771 euro per jaar. “Wat de gemiddelde Vlaamse land- of tuinbouwer verdient, ligt dus zo'n 50 procent lager dan het gemiddelde inkomen van de loontrekkende”, zegt Huyghe.
Voorzitter Vanthemsche wijst erop dat niet alleen het niveau van het landbouwinkomen de laatste jaren significant is gedaald. “Ook de volatiliteit ervan is zeer sterk toegenomen”, concludeert hij. Als oorzaak daarvan ziet hij de sterk stijgende productiekosten, zoals voor veevoeder, energie en meststoffen, en de afbouw van het Europese marktbeleid. “En de voorstellen voor het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid na 2013 halen het klassieke marktbeleid verder onderuit”, klinkt het.
“Dit zorgt voor onrust. De vraag is maar hoe je duurzaam kan ondernemen in zo’n omgeving. Het nemen van bedrijfsbeslissingen op (middel)lange termijn wordt zo een moeilijke opgave”, meent Vanthemsche. “Eén ding is duidelijk, van Europa zullen we niet veel moeten verwachten, de landbouwers zullen het zelf moeten doen.” Daarom wil de landbouworganisatie de komende tijd sterk inzetten op interprofessioneel overleg en de oprichting van branche- en producentenorganisaties. “Zij moeten de positie van de boer in de keten versterken”, besluit de voorzitter.
Meer informatie: Raming landbouwinkomen 2012