nieuws

Boeren maken verplicht meer werk van erosiebestrijding

nieuws
Het beleidsdomein Landbouw en Visserij plaatste een aangepaste brochure over de randvoorwaarden op zijn website, alsook een checklist met alle controlepunten. Daarmee verduidelijkt de administratie de wijzigingen in 2014. Zo komen er extra verplichtingen op sterk erosiegevoelige percelen. Landbouwers die geen inkomenssteun willen verliezen, zullen met hun spuittoestel ook minstens één meter van waterlopen moeten blijven.
22 januari 2014  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 15:13
Lees meer over:

Het beleidsdomein Landbouw en Visserij plaatste een aangepaste brochure over de randvoorwaarden op zijn website, alsook een checklist met alle controlepunten. Daarmee verduidelijkt de administratie de wijzigingen in 2014. Zo komen er extra verplichtingen op sterk erosiegevoelige percelen. Landbouwers die geen inkomenssteun willen verliezen, zullen met hun spuittoestel ook minstens één meter van waterlopen moeten blijven.

Het Agentschap voor Landbouw en Visserij wil de landbouwers informeren over enkele wijzigingen in de randvoorwaarden voor 2014. De uitbetaling van de rechtstreekse steun (bedrijfstoeslag, zoogkoeienpremie en premie groenbedekking) evenals de agromilieumaatregelen zijn gekoppeld aan de naleving van voorwaarden op het vlak van leefmilieu, dier-, planten- en volksgezondheid, het dierenwelzijn en de normen voor het in een goede landbouw- en milieuconditie houden van de landbouwgronden. Niet-naleving ervan kan leiden tot een verminderde uitbetaling van de premies.

Vanaf 2014 worden de maatregelen die de landbouwers moeten nemen om de bodem te beschermen tegen erosie verder aangescherpt. Dit zal gebeuren in meerdere fasen tot en met 2018. Voor dit kalenderjaar zijn er bijkomende verplichtingen op percelen met een zeer hoge erosiegevoeligheid en voor bepaalde teelten zijn er nu ook verplichtingen op percelen met een hoge erosiegevoeligheid.

De erosiegevoeligheid van een perceel is opgedeeld in verschillende categorieën (van zeer hoog tot laag) en staat voorgedrukt op de verzamelaanvraag. Vanaf 2014 kunnen landbouwers een aanvraag indienen om de erosiegevoeligheid van het betrokken perceel met één categorie te laten dalen. Dit is mogelijk indien landbouwers aan de hand van een bodemanalyse kunnen aantonen dat het koolstofgehalte minstens 1,7 procent bedraagt en de zuurtegraad (pH) in een optimale zone ligt.

Nog nieuw is dat voor percelen met een ‘zeer hoge’ en ‘hoge’ erosiegevoeligheid de bodem maximaal twee maanden onbedekt mag zijn vooraleer het zaaibed wordt aangelegd voor de inzaai van wintergranen of winterkoolzaad.

Voor de teelten uit de groepen fruit, sierplanten, zaad- en plantgoed, houtige gewassen en overige gewassen uit de verzamelaanvraag geldt de nieuwe verplichting dat op percelen met een zeer hoge erosiegevoeligheid er minstens 80 procent gras of een andere waterdoorlatende bodembedekking (dus geen plastiek bijvoorbeeld) tussen de rijen aanwezig moet zijn.

Op zeer hoog erosiegevoelige percelen mogen volgende teelten slechts één keer om de drie jaar voorkomen in de rotatie: ruggenteelt van aardappelen, chicorei, witloof en wortelen, groenten in openlucht (inclusief aardbeien) en maïs. De twee andere jaren mag geen teelt worden ingezaaid die gemakkelijk aanleiding kan geven tot erosie.

Concreet betekent dit dat wie in 2014 op een zeer hoog erosiegevoelig perceel bijvoorbeeld maïs of aardappelen teelt, in 2015 en 2016 op hetzelfde perceel moet kiezen uit: een teelt die het jaar rond voor een volledige bedekking zorgt, winter- of zomergranen, winterkoolzaad, vlas, maïs maar enkel door middel van mulchzaai of strip-till, of een teelt met meer dan 80 procent waterdoorlatende bodembedekking (b.v. gras) tussen de rijen.

Niet nieuw, maar vanaf 2014 wel opgenomen in de randvoorwaarden is de verplichting om een gewasbeschermingsmiddelenvrije zone van één meter breed te respecteren - gemeten vanaf de bovenste rand van het talud - van de bevaarbare waterlopen en de onbevaarbare waterlopen van eerste, tweede en derde categorie. Deze waterlopen staan voorgedrukt op de fotoplannen van de verzamelaanvraag.

Aan de uitbetaling van de agromilieumaatregelen, zoals de beheerovereenkomst Water of de premie voor vlinderbloemige gewassen, zijn bijkomende minimumeisen gekoppeld die niet in de lijst met randvoorwaarden voorkomen. Vanaf 2014 moeten boeren die agromilieumaatregelen nemen, rekening houden met enkele bijkomende controlepunten. Zo mag aardappelpootgoed slechts één keer om de vier jaar worden geteeld op hetzelfde perceel. Lege verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen moeten worden gereinigd, apart opgeslagen en achteraf worden ingeleverd bij Phytofar-Recover

Een grotere inspanning vergt het volgende. De landbouwer gaat de nodige aandacht moeten besteden aan het monitoren van ziekten en plagen. Om hieraan te voldoen, kan hij gebruikmaken van visuele waarnemingen (bijvoorbeeld vangplaten, feromoonvallen, indicatorplanten, tellingen), klimatologische waarnemingen, waarschuwingsberichten van erkende diensten, staalnames of individuele begeleiding of perceelsopvolging door adviseurs of voorlichters. Bij een controle op deze bijkomende minimumeis zal de aandacht van de controleagenten in de eerste plaats gaan naar de twee belangrijkste teelten van de landbouwer.

Meer info: brochure randvoorwaarden & checklist controlepunten

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek