5 vaststellingen van Vlaamse landbouwstudenten op studiereis naar Denemarken
nieuwsEnkele maanden geleden trokken de derdejaarsstudenten Agro- en Biotechnologie Landbouw van HOGENT op excursie naar Denemarken. Tijdens bedrijfsbezoeken, ontmoetingen met toeleveranciers en gesprekken met landbouwpioniers kregen ze een brede kijk op een sector die in veel opzichten verschilt van de Vlaamse, maar tegelijk herkenbare uitdagingen kent. De studiereis leverde vijf duidelijke vaststellingen op.
1. Deense landbouw is sterk ingebed in een internationale keten
Bezoeken aan landbouwmechanisatiebedrijven zoals Lemken en Kverneland maakten duidelijk hoe groot het economische en strategische belang van de sector is. Efficiënte productie, innovatie en kwaliteitscontrole zorgen voor wereldwijde afzet, maar maken de sector ook gevoelig voor geopolitieke spanningen en internationale beleidskeuzes.
2. Grootschaligheid sluit vakmanschap niet uit
Waar grootschalige land- en tuinbouwbedrijven in Vlaanderen eerder uitzonderlijk zijn, gelden ze in Denemarken vaker als de norm. Op grote akkerbouw- en melkveebedrijven zagen de studenten dat schaalvergroting perfect kan samengaan met technisch vakmanschap, hoge productiviteit en doorgedreven management.
Een bezoek bij de Vlaming Robin Kenis leverde een inspirerend verhaal op van ondernemerschap en ambitie. In 2023 nam de jonge Kempenaar samen met zijn vriendin een bestaand melkveebedrijf over in Denemarken. In drie jaar tijd bouwden ze de boerderij uit tot een bloeiend bedrijf met twee melkrobots en een jaarproductie van 14.200 kilogram meetmelk.
3. Productiemodellen verschillen sterk van de Vlaamse praktijk
Beweiding van melkvee is in Denemarken eerder uitzondering dan regel en vooral verbonden aan biobedrijven of contracten. In andere gevallen blijven de koeien op stal. Tegelijk maakten innovatieve systemen en doorgedreven automatisering indruk door hun efficiëntie en arbeidseconomie. Op het bedrijf van de familie Jensen zagen de studenten hoe ‘batch milking’ daadwerkelijk in de praktijk verloopt. Zeven groepen koeien worden twee tot drie keer per dag gemolken door veertien robots, aan een tempo van 112 koeien per uur.
4. Uitdagingen zijn verrassend herkenbaar
Ondanks de verschillen kampen Deense landbouwers met gelijkaardige problemen als hun Vlaamse collega’s: bedrijfsovername, toegang tot grond en diergezondheid.
5. Duurzaamheid en circulariteit zijn expliciete beleidskeuzes
Denemarken zet sterk in op circulaire landbouw. Een bezoek aan Ausumgaard gaf de studenten inzicht in de vergisting van mest en eiwitextractie uit gras. Overheidsbeleid maar het mogelijk om dierlijke mest economisch te valoriseren via biogasproductie. De studenten leerden dat bij de meeste bedrijven de mest eerst wordt vergist en pas daarna wordt opgeslagen nabij de percelen waar het wordt uitgereden.
“Het was bijzonder om te zien hoe Denemarken landbouw en duurzaamheid verenigt”, zegt Steffie Denis, landbouwstudent bij HOGENT. “Deze reis heeft onze blik verruimd en inzichten gegeven die we kunnen gebruiken om onze Vlaamse land- en tuinbouw verder mee te vormen.”
Bron: HOGENT