nieuws

15 miljoen euro IWT-geld voor primaire sector in 2006

nieuws
Het programma Landbouwonderzoek van het IWT reserveerde vorig jaar een budget van 9,6 miljoen euro. Van de 63 ingediende projecten werden er negen goedgekeurd. Via andere financieringskanalen ging een bijkomend bedrag van 5,8 miljoen euro naar onderzoek dat verband houdt met de landbouw- en visserijsector. Dat heeft minister van Wetenschap en Innovatie Fientje Moerman geantwoord op een vraag van CD&V-parlementslid Jos De Meyer.
28 september 2007  – Laatst bijgewerkt om 4 april 2020 14:39
Het programma Landbouwonderzoek van het IWT reserveerde vorig jaar een budget van 9,6 miljoen euro. Van de 63 ingediende projecten werden er negen goedgekeurd. Via andere financieringskanalen ging een bijkomend bedrag van 5,8 miljoen euro naar onderzoek dat verband houdt met de landbouw- en visserijsector.

Naar aanleiding van 75 jaar landbouwonderzoek in België klaagde ILVO-directeur Erik Van Bockstaele over de toenemende afhankelijkheid van projectfinanciering. De onderzoekskosten stijgen voortdurend, terwijl de vaste bijdrage van de overheid de voorbije jaren in dalende lijn is gegaan. Een belangrijke bron van projectfinanciering voor onder meer het ILVO is het IWT. Via zijn programma Landbouwonderzoek stelde deze instelling 9,6 miljoen euro ter beschikking van de agrarische sector in 2006. Voor dit en volgend jaar blijft dat bedrag behouden.

Omdat budgetten beschikbaar moesten gesteld worden voor de verlenging van eerder ingediende projecten kon in de laatste toekenningsronde slechts voor 14 procent van de ingediende projecten het licht op groen gezet worden. Voor indieners van nieuwe onderzoeksdossiers is dat geen bemoedigend percentage, en daar is minister van Innovatie en Wetenschap Fientje Moerman zich bewust van. "Volgend jaar komt een budget van 4,2 miljoen euro vrij voor nieuwe projecten, dat is al een substantiële verhoging in vergelijking met dit jaar", luidt het.

De minister wijst er op dat er voor de landbouw- en visserijsector nog andere financieringskanalen bestaan binnen het IWT. Dat zijn bijvoorbeeld het KMO-programma voor innovatiestudies en -projecten en het programma voor Vlaamse Innovatie Samenwerkingsverbanden. Bedrijven uit de toeleveringssector doen vaak beroep op het O&O-steunprogramma van het IWT, aldus Moerman. En dan is er ook nog geld beschikbaar voor doctoraatsbeurzen en onderzoeksmandaten. In totaal vloeide via deze kanalen 5,8 miljoen euro naar de primaire sector in 2006.

Of ook de kleinere land- en tuinbouwbedrijven baat hebben bij die onderzoeksprojecten? "Het IWT verplicht de projectuitvoerders om via gerichte acties de kennisdiffusie naar de praktijk te verzekeren", stelt Moerman. Collega Peeters stipt aan dat er ook nog Vlaamse onderzoeksgelden vloeien naar de praktijk- en proefcentra. Bovendien stelt de landbouwadministratie budgetten ter beschikking voor vorming, demonstratieprojecten en voorlichting, aldus de minister-president.

Voor het ILVO geldt dat de projecten ook een bepaald niveau van maatschappelijke meerwaarde moeten hebben. Vooraleer de instelling een onderzoeksprogramma opmaakt, stelt de administratie een kennisagenda op met relevante onderzoeksthema's. "En eenmaal het programma klaar is, wordt het door de administratie gescreend op beleidsrelevantie, waaronder maatschappelijke meerwaarde. De scores dienen als input voor de performatie-indicatoren die het ILVO tweejaarlijks opstelt in het kader van zijn beheersovereenkomst", besluit Peeters.(KS)

Gerelateerde artikels

Er zijn :newsItemCount nieuwe artikels sinds jouw laatste bezoek